analyse

Effectieve virusbestrijder of nutteloze muilkorf: wat heeft acht maanden mondkapjes opgeleverd?

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

De beste maatregel tegen corona volgens de een, een benauwende muilkorf volgens de ander. Vanaf zaterdag hoeven de mondmaskers in de meeste binnenruimten niet meer op. Maar wat heeft het acht maanden lang dragen ervan eigenlijk opgeleverd?

1| Als epidemieremmer

Van alles had men in de Amerikaanse staat Massachusetts al geprobeerd om het coronavirus te keren: schoolsluitingen, thuiswerken, een noodtoestand, oproepen om minder op pad te gaan. Maar uiteindelijk was er maar één ding dat echt hielp, volgens een analyse in het medische vakblad JAMA. Dat was: wegwerpmondkapjes verplicht stellen. Na een week begon het aantal positief getesten in de ziekenhuizen die men onderzocht prompt te dalen.

Mondkapjes golden lang als on-westers, een curieuze gewoonte van smetzieke toeristen uit Azië. Totdat het coronavirus toesloeg: misschien was het gebruik toch zo gek nog niet, opperden sommige wetenschappelijke commentaren voorzichtig. Volkomen logisch immers dat mondkapjes virussen die wegwaaien uit besmette kelen tegenhouden. En dat de drager ervan minder virus inademt: ook dat snapt iedereen.

Maar terwijl men in landen uiteenlopend van Italië tot Duitsland mondneusmaskers ging dragen in winkels en andere openbare ruimten, leek in Nederland vooral OMT-voorzitter Jaap van Dissel er een persoonlijke missie van te hebben gemaakt de mondmaskers te ontraden. Geen twijfel dat ze werken in het ziekenhuis, tussen de patiënten, mits volgens strikte regels gedragen, benadrukte het OMT. Maar om nu zomaar in het wilde weg kleurige lapjes voor te gaan binden, dat wilde er bij de medici slecht in.

En eerlijk is eerlijk: met goede wetenschappelijke redenen. Bij eerdere, systematische studies naar het gebruik van niet-medische mondmaskers tegen luchtwegvirussen – bijvoorbeeld bij pelgrims of in studentenhuizen – komt steevast naar voren dat mondkapjes niet of nauwelijks beschermen.

‘Plus dat bekend is dat de problemen vooral ontstaan op plekken waar mensen intensief met elkaar in aanraking komen. Thuis, op feestjes, of bij het uitgaan’, zegt hoogleraar klinische microbiologie Heiman Wertheim (Radboud UMC), zelf geen OMT-lid. ‘En dat zijn nou net momenten waarop mensen toch al geen mondkapjes dragen.’

Minder vaak een mondkapje op

Winkelen in een rustige zaak zonder mondkapje? Dat kan binnenkort weer. Vanaf zaterdag is een mondkapje alleen verplicht in binnenruimtes waar anderhalve meter afstand houden niet kan, zoals in de trein of in de bus. Een mondkapje blijft ook verplicht op luchthavens en op middelbare scholen.

Vandaar de lijn van het OMT, overigens in navolging van de Wereldgezondheidsorganisatie WHO en de Europese gezondheidsdienst ECDC. Zet liever in op ‘bronbescherming’: handen wassen, thuisblijven en testen bij klachten, afstand houden, thuiswerken als dat kan. En pas op dat ze die mondkapjes niet gaan gebruiken als excuus om zich niet meer aan de basisregels te houden.

Wat een academische kamergeleerdenlogica, brachten (en brengen) critici daar tegenin. Sinds de eerste massa-uitbraken in de après-skibars van Oostenrijk is immers bekend dat het virus soms kan gaan rondwolken en zich verspreiden voorbij de anderhalve meter. En er is zoiets als ‘gemeenschapsoverdracht’, besmettingen waarvan de herkomst onbekend is. Die zouden best eens kunnen plaatsvinden in het voorbijgaan, in de supermarkt of op straat – en te vermijden met een mondkapje.

‘Wat deze epidemie zo ingewikkeld maakt’, zegt Wertheim, ‘is de asymptomatische of presymptomatische overdracht, door mensen die druppeltjes met virus verspreiden maar het niet doorhebben. Dat is te lang niet goed genoeg onderkend.’

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Toen het virus na de zomer weer oplaaide, bleek het strikt medische standpunt niet meer verdedigbaar. ‘Ik ben uiteindelijk overstag gegaan omdat ik van de discussie af wilde zijn’, zegt OMT-lid en hoogleraar moleculaire epidemiologie Marc Bonten (UMC Utrecht) achteraf. ‘Niet omdat er zoveel bewijs was dat het fantastisch zou werken.’

Zijn Bredase collega Jan Kluytmans (Amphia Ziekenhuis): ‘Op een gegeven moment moet je toch een beetje meegaan met de publieke opinie. Maar dat was niet omdat ik dacht: die dingen gaan een heel belangrijke bijdrage leveren.’ Van een officieel OMT-advies vóór mondkapjes in openbare gebouwen is het overigens nooit gekomen.

Inmiddels weten we: de cijfers geven Van Dissel en zijn OMT voorzichtig gelijk. In Denemarken bestudeerde men wat mondkapjes uithaalden boven op de andere basisregels: maskerdragers bleken net zo vaak besmet te worden als ieder ander. En in Duitsland meldden wetenschappers trots dat het aantal besmettingen in Jena afvlakte nadat mondkapjes er verplicht waren gesteld. In vier andere regio’s vonden onderzoekers echter geen enkel effect – en in één gebied trok de epidemie na verplichting van de mondkapjes juist meer aan. ‘Mondkapjes zullen heus iets hebben gedaan. Maar het heeft de pandemie niet voorkomen’, zegt Wertheim.

In Massachusetts is dat niet anders. Na de afname schoot het aantal besmettingen in de staat weer omhoog, en na de zomer kwam daar een enorme tweede golf overheen. Wertheim: ‘Het mondkapje is niet de grote gamechanger geweest. Dat is het vaccin.’

2| Als virusstopper

Het gebeurde in Springfield, in de Amerikaanse staat Missouri, en is gaan gelden als een van de wonderverhalen van de mondkapjeskunde. Twee kappers, mét mondkapje, hielpen er in totaal 139 klanten, terwijl ze zich al niet zo lekker voelden. Corona, zo bleek. Thuis infecteerden de kappers meerdere gezinsleden. Maar op het werk: geen klant was besmet geraakt.

Dat kan toeval zijn, benadrukt hoogleraar moleculaire epidemiologie Bonten. ‘Studies die het effect van mondkapjes zo mooi aantonen, krijgen nu eenmaal meer aandacht dan studies die dat niet doen.’ Maar veelzeggend is het wel: ‘Het laat in elk geval zien dat dit soort dingen kunnen gebeuren.’

Op landelijk niveau mag het mondkapjeseffect dan nogal ongrijpbaar zijn, in afzonderlijke gevallen kunnen ze wel degelijk nut hebben, constateert ook een Duits-Chinees onderzoeksteam in een recente analyse in vakblad Science. Het punt is dat het coronavirus zich op zeer verschillende manieren kan manifesteren, alleen al omdat de een veel meer virusdeeltjes aanmaakt dan de ander, en het virus zich op de ene plek gretiger verspreidt dan op de andere. Af en toe leidt dat tot de ‘perfecte storm’, waarbij het mondkapje net het verschil kan betekenen tussen wel of niet besmet raken, aldus de groep. Neem die keer dat een Zuid-Koreaanse vrouw een superverspreiding veroorzaakte in de Starbucks: de halve koffietent raakte besmet, behalve de medewerkers die een mondkapje droegen.

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

De pest is alleen: leg er maar eens de vinger op. ‘Ik werk veel met Duitse collega’s’, geeft arts-microbioloog Kluytmans als voorbeeld. ‘Die dragen trouw maskers. Maar ze doen ook allerlei andere dingen veel trouwer. Ze zitten bijvoorbeeld altijd ruim op afstand.’

‘Het is onmogelijk om de bijdrage van het mondkapje alleen vast te stellen, los van de rest’, vreest ook Bonten. ‘Je komt telkens uit op losse waarnemingen, of onderzoeken waar verbanden gezien worden. En ik denk ook niet dat je veel verder kunt komen dan dat.’

Nog een mogelijke zegening van het mondkapje: dat het de ernst van de ziekte dempt. Bij een geïnspireerd experiment spanden wetenschappers van de Universiteit van Hongkong doeken over kooien van goudhamsters, alsof ze een reuzenmondkapje op hadden, en bliezen coronavirus de kooien in. De dieren mét ‘mondkapje’ op werden minder ziek.

Wie minder virus binnenkrijgt, zou dus weleens minder ziek kunnen worden. Alleen: dat zijn hamsters, zegt viroloog Bart Haagmans (Erasmus MC). ‘Er kan een kern van waarheid in zitten dat er zoiets bestaat als een dosis-effectrelatie. Maar we zullen dat toch eerst moeten bevestigen bij de mens.’

3| Als signaalvlag

Vreemd blijft het. Hoewel ze hinderlijk zijn en medici vraagtekens hebben bij hun nut, blijkt in ons land liefst 83 procent mondkapjes in de publieke ruimte te steunen, volgens onderzoek van de RIVM Gedragsunit. Volgens een peiling van het EenVandaag-opiniepanel is een kwart tot een derde van de ondervraagden zelfs voornemens het kapje straks gewoon te blijven dragen. Vaccins en afschaffing van de draagplicht of niet.

Rond het mondkapje speelt dan ook veel meer dan kille medische afwegingen alleen, weten sociaal-wetenschappers. Voor de een is zo’n kapje de reddingsboei waaraan men zich vastklampt of een symbool waarmee men betrokkenheid en onderlinge verbondenheid uitstraalt; voor de ander juist een verfoeilijke ‘muilkorf’ die bemoeizucht van de staat symboliseert.

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Zou dat doorwerken in hoe mensen met een mondkapje op zich gedragen? Nemen mensen met een mondkapje op bijvoorbeeld meer risico’s, vanwege een vals gevoel van veiligheid, of ‘schijnveiligheid’, zoals dat kwam te heten?

Inmiddels is het antwoord wel zo ongeveer duidelijk: nee. Op veiligheidscamera’s in Amsterdam en Rotterdam zagen wetenschappers onder leiding van Marie Rosenkrantz Lindegaard van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving dat mensen niet opeens dichter op elkaar gingen lopen na invoering van de (toen tijdelijke) mondkapjesplicht op straat. Niet mondkapjes, maar hoe druk het is, bepaalt de onderlinge afstand, ontdekte het team.

Als het mondkapje al iets doet, is dat het mensen juist wat voorzichtiger maakt – meer bewust van het virus. Zo gaan personen met een mondkapje op méér de handen wassen, en in Duitsland zagen onderzoekers hoe mensen in de wachtrij wat extra afstand hielden tot dragers van een mondkapje. Het argument dat veiligheidsmaatregelen tot meer onvoorzichtigheid zou leiden, is dan ook een klassiek staaltje psychologie van de koude grond, aldus een Britse analyse in vakblad The BMJ. Bewust in het leven geroepen door de auto-industrie, die het graag als argument aanvoert tegen allerlei dure veiligheidseisen: als we de kooiconstructie steviger maken, krijg je alleen maar meer ongelukken.

Goed nieuws, vindt Bonten. ‘Als het effect van deze maatregel is geweest dat mensen zeggen: ik blijf een beetje uit je buurt, dan is dat mooi meegenomen. Misschien is dat wel de belangrijkste werking van niet-medische mondkapjes.’

null Beeld Rebecca Fertinel
Beeld Rebecca Fertinel

Intussen is de stemming danig omgeslagen. Zo gretig als we ze destijds omarmden, zo graag wil een meerderheid nu weer van de kapjes af. Want al blijft een minderheid ze gewoon dragen, de meeste mensen vinden het allang best dat de kapjes af mogen, blijkt ook uit de EenVandaag-peiling. ‘Je merkt het om je heen’, zegt Kluytmans. ‘Veel mensen balen ervan.’

Misschien zal het mondmasker ons nog het meeste bijblijven als loden last – voor het milieu, welteverstaan. Zo klagen biologen en dierenambulances over de vogels en andere dieren die verstrikt zijn geraakt in een mondkapje, en slaan zee- en kustbeschermers alarm om de vele maskers die inmiddels als kwallen in zee dobberen.

Naar schatting een verpletterende 3 miljoen maskertjes per minuut, draaien we er wereldwijd doorheen, waarvan de meeste wegwerpmaskers vol plastic vezels. En dat is een heel nieuw milieuprobleem, aldus een pas verschenen overzichtsstudie.

Meer over