Nieuws

Eenderde van uitkeringsgerechtigde huishoudens laat bijstand lopen

In Nederland maken 170 duizend huishoudens geen gebruik van een bijstandsuitkering, terwijl ze er wél recht op hebben. Dit komt neer op 35 procent van de bijstandsgerechtigde huishoudens. Het gaat vooral om jongeren en mensen met een inkomen onder de bijstandsnorm.

Muurschildering op een flat in de multiculturele achterstandswijk Stokhasselt in Tilburg. Veel jongeren die nog thuiswonen, maken geen gebruik van de bijstandsuitkering waar ze recht op hebben. Beeld ANP
Muurschildering op een flat in de multiculturele achterstandswijk Stokhasselt in Tilburg. Veel jongeren die nog thuiswonen, maken geen gebruik van de bijstandsuitkering waar ze recht op hebben.Beeld ANP

Dat blijkt uit een rapport van de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Inspectie SZW). De opstellers ervan maakten gebruik van data van het CBS over 2018, maar verwachten dat de cijfers nog steeds representatief zijn, omdat het gaat om een structureel probleem. De Inspectie weet niet goed waarom zo veel mensen een uitkering laten liggen.

In de zeven gemeenten die de Inspectie in haar onderzoek onder de loep nam, is geen tot weinig zicht op deze groep. Uitkeringsgerechtigden die geen gebruikmaken van de bijstandsuitkering, zijn nauwelijks onderdeel van het beleid van gemeenten. Zij worden dan ook niet actief benaderd. Volgens de gemeenten maken de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) en de Participatiewet het lastig deze mensen op te sporen en actief te informeren over het geld dat zij mislopen.

Bijstandsnorm

Het merendeel van de ‘niet-gebruikers’ die een bijstandsuitkering mislopen (ongeveer tweederde), werkt wel. Deze huishoudens verdienen alleen zo weinig dat ze gebruik mogen maken van een uitkering om hun inkomen aan te vullen tot de bijstandsnorm. Het betreft vaak zzp’ers.

Jongeren tot 26 jaar vormen de grootste groep niet-gebruikers. Zij weten vaak niet dat zij recht hebben op een uitkering. Vooral thuiswonende jongeren laten de uitkering schieten. Dat jongeren zo oververtegenwoordigd zijn, komt volgens gemeenten ook door de verplichte zoekperiode. Jongeren die een bijstandsuitkering aanvragen, zijn verplicht eerst vier weken te zoeken naar een opleiding of een baan. Gemeenten laten de inspectie weten deze jongeren in die periode vaak kwijt te raken, omdat ze nergens meer geregistreerd staan: niet als werkend, niet als werkzoekend en ook niet bij een opleiding. Ook Nederlanders met een Europese migratieachtergrond lopen volgens de inspectie grote kans de bijstandsuitkering over het hoofd te zien.

Rompslomp

Niet alleen gemeenten hebben weinig zicht op de groep uitkeringsgerechtigden die bijstand mislopen, ook de Insepctie SZW weet niet wat precies wat de redenen zijn geen uitkering aan te vragen. Bij jongeren en migranten speelt onwetendheid een rol, bij zzp’ers de administratieve rompslomp, maar een duidelijk overkoepelend ‘waarom’ is er niet. Er is volgens de opstellers van het rapport dan ook meer onderzoek nodig naar de oorzaken van dit probleem.

Want een probleem is het, schrijft de inspectie. Zeker in de coronacrisis zouden meer mensen het risico lopen in armoede te vervallen als ze onder de bijstandsnorm komen. Vooral de groep met weinig of geen inkomen die geen uitkering ontvangt, ziet de inspectie als zeer zorgelijk.

De onderzoekers zijn daarom geschrokken van het feit dat gemeenten de niet-gebruikers niet in het vizier hebben en pleiten voor een ‘proactieve aanpak’. De huishoudens die onterecht geen gebruikmaken van hun recht op een bijstandsuitkering, moeten worden benaderd en geïnformeerd over de bedragen die ze mislopen. Volgens de inspectie kan dat het best gedaan worden door de gemeenten zelf. De Rijksoverheid moet daarbij meedenken over de mogelijkheden die hiervoor bestaan binnen de AVG.

Meer over