Een verre van Nederlands landschap

Dorothée Meyer ****..

Merel Bem

rotterdam Wat voor bezoekers van het museum wellicht een eerste kennismaking is met de aanblik van het kustlandschap van het westelijk havengebied in Rotterdam, heeft als titel Een laatste blik meegekregen. Dit gebied gaat in de herfst van dit jaar op de schop. Water gaat plaatsmaken voor zand, wat nu nog zee is, wordt Maasvlakte 2.

In opdracht van het Havenbedrijf Rotterdam en het Nederlands Fotomuseum – en inmiddels heeft ook de Stichting Kunst en Openbare Ruimte met dit project van doen – legde fotograaf Dorothée Meyer (Keulen, 1973) de afgelopen zomer dit landschap vast. Ze is de eerste in een reeks van fotografen die de komende jaren de veranderingen documenteren, en ze zal de laatste zijn die het gebied in zijn oorspronkelijke (maar wat mag nog oorspronkelijk heten in het Nederlandse landschap?) toestand heeft waargenomen en gefotografeerd.

Het resultaat, tien grote foto’s en een publicatie, is nu te zien in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. Het zijn beelden van wolkenluchten boven loodgrijs zeewater, bergen zand met waaiend gras, windmolens, schepen en havenindustrie – maar dan vastgelegd op z’n Dorothée Meyers. Wat betekent dat een rij willekeurig neergekwakte basaltblokken in de branding doen denken aan het werk van landschapskunstenaar Richard Long of aan een geheimzinnig prehistorisch bouwwerk als Stonehenge. En dat een met zeemos begroeide rotspartij, net niet scherp gefotografeerd en beschenen door de zon, vanuit de zee lijkt te worden belicht, en verre van Nederlands aandoet.

Meyer wil in haar landschapsfoto’s ruimte openlaten voor ‘de interpretatie en verbeelding van de kijker’. Dat gaat haar goed af, al jaren. Ook in haar eerdere series, zoals Nederlandse bergen (2001), behoedt ze het doorgaans overgereguleerde Nederlandse landschap voor ook nog eens een vastomlijnde blik. Haar open, weidse foto’s zijn dikwijls een verademing.

Eén keer in haar werk voor Maasvlakte 2 heeft Meyer die prettige werkwijze overboord gezet. Dat was toen ze de haven fotografeerde vanaf een boot. Met de touwen en katrollen van het schip als sfeervolle decorstukken op de voorgrond van het beeld, kijk je naar een door de ondergaande zon beschenen havenlandschap. Dat is net té. Een te romantische foto, met te weinig ruimte voor de eigen verbeelding.

Het is slechts een smetje op een verder mooie en evenwichtige tentoonstelling. Een belangrijke ook. Nederland kent inmiddels een traditie van fotografen die veranderingen in de stedelijke of landschappelijke omgeving vastleggen, zoals Theo Baart en Andrea Stultiens, en ook steeds meer (door de overheid aangestuurde) projecten waarin fotografen en kunstenaars expliciet worden ingezet om dit te doen.

Andere voorbeelden zijn Atelier HSL, een cultureel programma rond de aanleg van de hogesnelheidslijn-Zuid, en de Virtuele Zoom, dat de snelle ontwikkelingen op de Zuidas in Amsterdam vastlegt.

Het sterke punt van deze opdrachten is tot nu toe dat ze foto’s opleveren die zowel van belang zijn voor het beeldgeheugen van Nederland als voor de fotografie zelf. De documentaire werken zijn doorgaans dermate autonoom dat ze ook de ontwikkelingen van het medium tonen. Zo kan het einde van het zeegebied bij Rotterdam hopelijk weer het begin zijn van een geslaagd nieuw project.

Merel Bem

Meer over