Een vakantieman tegen wil en dank

Ploegleider Peter Post is al een paar jaar uit het wielerpeloton verdwenen en de kans dat hij daar ooit nog eens terugkeert, wordt steeds kleiner....

BART JUNGMANN

PETER POST is net terug van een vakantie op de Nederlandse Antillen en gisteren alweer vertrokken voor een weekje fietsvakantie in Portugal.

'Vakantie hoeft voor mij niet', zei hij vier jaar geleden tegen schrijver Jan Siebelink in Pijn is genot. 'Anderen hoor ik, als ze dan weer thuis zijn, zeggen: ha, lekker weggeweest, hè, hè, wat lekker - heb ik niet. Goed, achteraf blijkt toch wel dat je ervan opknapt . . Toch blijf ik liever thuis om te werken.'

Peter Post zit ergens halverwege zijn in zoveel interviews beschreven monumentale bank. Maar de Amstelveense bungalow wordt vooral gedomineerd door een groot bureau in het hart van de woonkamer. 'Eigenlijk ben ik ook niet zo'n vakantieman. Het is best interessant een ander land te zien, dat vind ik wel goed. Maar ik ben een beetje te onrustig voor vakantie. Niks doen zo'n hele dag. Ik ben het liefst hier, hoor.'

Peter Post lijkt veel van zijn jeugdigheid verloren te hebben. Hij maakt een beetje gelaten indruk. Zijn ogen schieten deze woensdagmiddag zelden vuur en het lichaam vertoont tekenen van de stramheid die hoort bij een 62 jarige. Hij praat nog wel hetzelfde, met van die soms onnavolgbare Cruijff-achtige formuleringen in dezelfde Amsterdamse tongval.

Peter Post onderdrukt een gaap. Hij heeft net een rondje gefietst door de polder. 'Nu ga ik een beetje fietsen als het weer het toestaat, maar ja, dat is ook een beetje door de omstandigheden. Er gebeurt niet zo gek veel op het moment. Vier jaar geleden was ik nog geweldig actief natuurlijk.'

Als hem de typering grand old man van het Nederlandse wielrennen wordt toegevoegd, beaamt hij dat eerst en begint vervolgens te lachen. 'Ja, maar dat zegt allemaal niet veel meer.'

- Bent u nog op een of andere manier actief in de wielersport?

'Nou op dit moment niet zo. Ik ben niet zo actief meer. Als je actief geweest ben zoals ik geweest ben, dan blijft er niet zo gek veel over. Ik zou niet weten waar ik nog iets goeds zou kunnen doen.'

- Hebt u de hoop opgegeven op een toekomst in de wielersport?

'Nou, nog niet opgegeven. Ik geef niet op. Ik doe het rustig aan. Ik bekijk het. Maar er moet wel iets goeds op me af komen, op een professionele manier. Niet iets halfbaks. Daar heb ik helemaal geen zin in. Ik wil gewoon iets hebben waar een beetje toekomst in zit, maar het is niet zo eenvoudig als je er eenmaal uit bent.'

- Hoe langer eruit hoe moeilijker het wordt?

'Kan. Dat weet ik niet. Maar het schijnt van wel en ik begrijp het ook wel. Het spreekwoord is: uit het oog uit het hart. Dat gaat heel snel, maar daar heb ik altijd rekening mee gehouden.'

- De ambitie is er nog?

'Jawel, ambitie heb ik nog wel. Maar dan moet je er wel iets mee kunnen doen. Je moet ook een beetje op het paard geholpen worden. Dat is natuurlijk zo bij ons in de wielrennerij. Je kunt wel ambitie hebben, maar je komt niet ver als je geen sponsor hebt.

'Kijk als je in de voetballerij ambitie hebt, kun je overal terecht, want er zijn verenigingen en die blijven jaar in jaar uit bestaan. Maar wielrennen kent geen vereniging. Dat heeft zuiver met sponsoring te maken en als de sponsor zegt stop, dan is alles over. Als bij een voetbalvereniging de sponsor stopt dan gaat die vereniging gewoon door. Dat hebben wij niet. De sport leent zich daar niet voor. Wij zijn een sport die geen recettes kent.'

- Was u vorig jaar actiever aan het zoeken dan nu?

'Nee hoor, nee. Zoeken is het niet. Je moet er tegenaan lopen, zoeken heeft eigenlijk geen zin. Bepaalde firma's moeten interesse tonen. Die moeten zeggen: hé, dat is een goed middel waar ik iets mee kan doen. Zo'n Rabobank of zo. Verzekeringsmaatschappijen of banken zwemmen, zoals we zeggen, in het geld, dus daar is het ook niet zo moeilijk voor.

'Alleen moeten ze er om te beginnen wel interesse voor hebben. Je moet het geluk hebben dat de mensen van de Raad van Bestuur die het voor het zeggen hebben, geïnteresseerd zijn in de wielersport. Als je wielrennen niet wilt zien en je weet niet wat er van af komt, dan is het moeilijk om dat een bedrijf aan te praten. Heel moeilijk.

'Gek genoeg zijn het vooral Zeeuwen die gek zijn van het wielrennen. Zo heeft Priem ooit Bos gevonden en nu is Raas met meneer Wijffels in zee gegaan. Allemaal Zeeuwen.'

- Meneer Wijffels zei dat u ook in gesprek met hem bent geweest.

'Ik heb die hele meneer Wijffels nooit gesproken. Ja, van naam ken ik hem wel. Maar ik ben nooit in gesprek geweest met de Rabobank. Dat is echt niet waar.'

- Maar is het dan geen geen serieuze optie voor u geweest? U zei daarnet dat bij banken veel geld zit.

'Nee. Ik wist dat de Rabobank geen interesse had in de wielersport. Die wou niks doen in de wielersport en als ze niks willen doen, kan ik ze toch niet over de streep brengen. Als ze van gedachten veranderen dan is dat gunstig.'

- Het zal ook een kwestie zijn van op het juiste moment binnenkomen.

'Ook dat. En relaties, hè? Raas is een Zeeuw, Wijffels is een Zeeuw en hij is wel eens met Raas meegeweest naar de Tour, dat heb ik wel gezien. Dus die combinatie kun je gauw leggen. Als mijn buurman een keer met me meegaat en die is directeur van een bedrijf en op een gegeven moment zegt-ie: Peter, we gaan samen beginnen, dan ben je er. Zo werkt dat. Het heeft ook een beetje met de relatiesfeer te maken.'

- Maar aan relaties zal het u toch niet ontbreken?

'Nee, ik heb relaties genoeg, maar die zijn net niet geïnteresseerd. Die hebben er het bedrijf niet voor om wielrennen te sponsoren.'

- En dat verhaal dat vorig jaar over u ging met KPN als sponsor.

'Ja, daar ben ik mee bezig geweest. Ook een geweldig bedrijf, een consumentenbedrijf en dat moet je net hebben. Maar ja, ik kan ze niet dwingen om wat te gaan doen. Als je meer van voetballen houdt, ga je in voetballen en dan ga je niet in wielrennen. Het wielerhart lag er niet. Doe je niks aan.'

- Stemt het u bitter?

'Wat?'

- Al die mislukkingen

'Bitter ben ik er echt niet onder. Ben je mal. Ik heb 22 jaar een ploeg gehad. Dat is al iets zeldzaams en wat ik met Raleigh heb beleefd, is uitzonderlijk. Dat komt nooit meer. Iedereen kan roepen wat-ie wil, maar dat bestaat niet meer. Jaar in jaar uit met zulke renners en met zulke resultaten. Dat gaat de geschiedenis in. Dat is niet te evenaren.'

- Hoe kijkt u tegen dat project van Rabo aan?

'Het ziet er geweldig uit, hetgeen wat ze gaan doen, vind ik fantastisch. De profs, de junioren, de amateurs, noem maar op. Het zit allemaal volgeplakt. Vooral wat ze met de jeugd gaan doen, is heel goed. Zo hoort het ook. Dat is de voorsprong van de Italianen en de Spanjaarden.

'Je moet van huis af met die jongens. De heuvels op. Sterk worden. Op een vlak weggetje ga je je toch niet ontwikkelen? Dan ga je toch niet piepen? Als je bergop gaat, dan ga je pas piepen. Dan komt het. Ach, het is eigenlijk zo eenvoudig.

'Ze hebben ook goeie mensen aangetrokken, allemaal oud-profs. wat wil je nog meer? En niet dat halfbakse met allemaal subsponsortjes. Daar heb ik zelf ook altijd een verschrikkelijke hekel aan gehad. Dat heeft geen uitstraling.'

- Is het ook het project dat u zelf voor ogen had?

'Ja ik denk wel eens bij mezelf: waar komt zoiets vandaan? Ik heb het allemaal ook zo gezien en ook zo aangeboden, dat is bekend. Als ik dat lees, dan denk ik: ik ken dat allemaal al.'

- Een soepele doorstroming, nadruk op de jeugd?

'Ja, alles. Dat heb ik verleden jaar al op papier gezet en niemand had het. Ik heb het nog. De bewijzen zijn er. Daarom zeg ik ook: het project is geweldig, fantastisch. Maar als ik nog eens zou beginnen, hoef ik dat niet meer te doen. Dat heeft een ander al voor me gedaan.'

- Bent u jaloers?

'Nee helemaal niet. Ik hoef toch zeker niet jaloers te zijn met mijn staat van dienst. Ik heb een geweldige tijd gehad en daar ik voel me nu wel bij. Maar ik ben wel zeer geïnteresseerd. Ik ben vol verwachting wat er van gaat komen. Je moet het wel ruim de tijd geven, zoiets. Je mag het niet beoordelen na een paar maanden.'

- Bent u niet bang dat het als een kaartenhuis in elkaar zakt wanneer Rabo er na vijf jaar mee stopt.

'Ja, als je zo redeneert, kun je wel aan de gang blijven. Wie na vijf jaar leeft wie dan weer zorgt. We moeten nou eens een keer uitscheiden met onze Nederlandse cultuur om al zo ver vooruit te kijken. Garanties zijn er natuurlijk niet in het leven. Laten we eerst maar eens een keer blij zijn dat we dit nu hebben, dat er toch een Nederlands bedrijf inspringt. Daar moet je echt blij om zijn. Dat is toch het behoud van de wielersport, voorlopig. '

- En ervoor zorgen dat er over vijf jaar iets staat.

'Misschien gaan ze nog wel twintig jaar door. Die Rabobank bestaat heus nog wel over vijftien jaar en die heeft altijd nog geld ook.'

- Het is ook slim bekeken. De wielersport wordt nu meteen geassocieerd met de bank.

'De rest speelt in wezen geen rol meer. Het wordt helemaal overvleugeld. Wat je ook ziet of leest, het is alleen maar Rabobank. Dat doen ze heel goed en zo hoort het ook. Als je het doet, moet je het goed doen.'

- Zou u het ook met deze renners doen?

'Daar kan ik geen antwoord op geven. Het was te laat in het seizoen om goed een ploeg samen te stellen. Als je nog in augustus, september een ploeg moet maken, dan heb je niet zoveel ruimte meer. Maar het zit niet slecht in elkaar. Ik vind het geen slechte renners.'

- Breukink mag je nog niet afschrijven?

'Breukink schrijf ik nooit af.'

- Maar het lijkt de sponsor toch meer om de figuur Breukink te gaan dan om de renner Breukink.

'Nou ja dat kan ook nog. Dan heeft-ie het goed gedaan. Ze verwachten niks van hem en hij verdient er nog geld aan ook. Maar Breukink zal nog wel wat gaan doen dit jaar. Die kwaliteit heeft-ie.'

- En een jongen als Danny Nelissen.

'Ben ik nooit gek van geweest. Niks tegen die jongen, hij heeft geweldig gepresteerd verleden jaar, maar ik ben geen man van Nelissen. Ene dag rijdt-ie geweldig en de andere dag zie je hem niet.'

- Wat is voor u de ideale renner?

'Ja, een Laurent Jalabert. Klasbak natuurlijk. Eindigt met een overwinning in oktober en die begint nu weer met winnen. Van der Poel, houd ik ook van als renner. Ja god, zo zijn er wel meer geweest. Fondriest, Zoetemelk, dat soort renners. Altijd maar rijden. Gewoon rijden.'

- Kan Jalabert de Tour de France winnen?

'Jalabert zal de Tour best eens kunnen winnen, maar pas als Indurain niet meer meedoet. Ik denk dat er geen een is die de Tour kan winnen zolang Indurain rijdt. Die rijdt echt voor zijn zesde overwinning. Ik denk dat-ie dan zal zeggen: het is genoeg. Dan heeft-ie het record en dat kan-ie z'n hele leven houden. Zo'n renner gaat er niet meer komen met de systemen die nu gereden worden. Dat zal nooit meer geëvenaard worden.

'Indurain is nog steeds veel te goed. Die toonde nog geen enkele verzwakking vorig jaar. Ik heb nog geen enkele keer gehad dat ik dacht: godverdomme, er zit toch een beetje sleet op die vent. Dat zag je wel bij Hinault, LeMond en Merckx op een gegeven moment. Dat ze niet meer gemakkelijk dingen kunnen rechtzetten. En wat Miquel Indurain vorig jaar deed, dat heb ik hem jaren daarvoor niet zien doen.

'Rondrijden in het peloton is nog wat anders dan met een gele trui rijden. Dat is een verschil van dag en nacht. En dat twee weken lang, jaar in jaar uit. Sommige renners worden al nerveus als ze die gele trui zien, laat staan als ze hem aan moeten doen.'

- Hoe gaat u nu het nieuwe seizoen in?

'Als het even kan, bekijk ik het op tv. Met die klassiekers zorg ik wel dat ik thuis ben, dan ga ik echt niet op vakantie. Daarvoor houd ik te veel van de wielersport.

'Ik ga er niet zo gauw meer naar toe, alleen de Amstel Gold Race, daar heb ik veel kennissen rondlopen. Maar als je er verder niets te zoeken hebt, loop je er toch een beetje verloren rond en ik ga mezelf niet lopen aanbieden, zo van: mag ik alsjeblieft komen kijken.'

Peter Post wijst bij het vertrek op zijn racefiets die in een zijkamertje naast de voordeur staat en waarop hij nu langs de Portugese kust fietst. Zijn metgezellen zullen wel de bergen zijn ingetrokken, maar dat is niets meer voor hem. Gaat-ie piepen en het moet wel een beetje leuk blijven.

Meer over