Reportage

Een uur extra én mooi weer: chillen in het park, wat moet je anders?

In het Vondelpark heerste woensdagmiddag een 'een fijne festivalvibe'.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
In het Vondelpark heerste woensdagmiddag een 'een fijne festivalvibe'.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De eerste mooie lange lentedag werd woensdag uitbundig gevierd. In veel parken werd het te druk om afstand te kunnen houden. Maar voor tuinlozen die toch naar buiten wilden waren er weinig alternatieven. ‘Gooi de terrassen open. Anders gebeurt er dit.’

Een dame in roze tutu, Japanse moeders met kinderwagen, verliefde stellen op een kleedje, een man met strohoed en extra lange selfiestick: allemaal komen ze hun humeur opvijzelen in de betoverende tuin met Japanse kersenbloesem. Slechts enkele dagen per jaar verandert het parkje in het Amsterdamse Bos aan de rand van Amstelveen in een zee van zachtroze bloemen. ‘Het werkt dus echt’, verzekeren twee vriendinnen uit Utrecht die in de zorg werken. ‘Je loopt eerst door een donker bos en dan opeens – boem – deze open plek vol licht en kleur!’ Zo mag van hen ook het coronajaar eindigen. ‘We voelen ons even beter.’

De eerste mooie lange lentedag van het jaar werd woensdag uitbundig gevierd op parkbankjes en picknickkleden in het hele land. Bij gebrek aan horeca en attracties speelde het openbare leven zich af op pleinen en in parken; ’s avonds ging de avondklok voor het eerst een uur later in. Veel mensen aten buiten op hun stoep. Diverse gemeenten sloten hun stadsparken in de loop van de dag wegens te grote drukte of stelden een alcoholverbod in.

‘Nederlanders hebben erg veel respect voor deze bomen’, zegt de Japanse Ayako, die met haar peuter in het Kersenbloesempark zit. ‘Iedereen is zó rustig. In Japan is de bloesemtijd een excuus om buiten te feesten en bier te drinken!’ Verderop delen Paul en Valerie een kleedje. Ze lijken de beroemde tuinscène uit de film Notting Hill na te spelen: zij ligt op haar rug, met haar hoofd op zijn schoot. Tip van Valerie: ga liggen op het groene gras en kijk tussen de roze bloesems door naar de blauwe lucht. Paul en Valerie zijn een coronastel. ‘We zijn nu een jaar bij elkaar, en dat vieren we hier.’

Spiritueel inzicht

De vierhonderd kersenbomen in het Amsterdamse Bos, een geschenk van de vrouwen uit de omvangrijke Japanse gemeenschap in Amstelveen, bloeien maar veertien dagen per jaar. ‘Dan is het hier altijd druk, maar nooit zo druk als nu’, zegt boswachter Olav Martens, die wijst op een wachtrij voor het park die minstens een halve kilometer verderop begint. ‘We hebben overwogen het park te sluiten, maar we willen de mensen graag wat positiefs bieden in deze harde tijden.’ Daarom huurde de gemeente verkeersregelaars, security en gastvrouwen in, die zorgen dat niet meer dan 150 bezoekers een half uur per keer onder de bomen verblijven. Net genoeg tijd voor een selfie en wellicht een spiritueel inzicht. De boswachter: ‘De bloei duurt maar kort, net als ons leven op aarde.’

Fiets door de rest van het omvangrijke Amsterdamse Bos (1.000 hectare) en je merkt dat de lentedrukte zeer lokaal is. De gemeente verwijdert dit jaar zelfs veel asfaltpaden om de natuur meer ruimte te geven. Voor deze lente bedacht de boswachterij bloesembingokaarten om bezoekers te verleiden zich beter te verspreiden. Via plaatjes van het fluitenkruid of de krentenboombloesem, die ze kunnen afvinken op hun telefoon. Dat spel lijkt nog niet populair.

Rond zeven uur maakte de politie een eind aan de pret in het park, waar het te druk was geworden om anderhalve meter afstand te bewaren. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Rond zeven uur maakte de politie een eind aan de pret in het park, waar het te druk was geworden om anderhalve meter afstand te bewaren.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De smeedijzeren hekken van het bekendste park van de hoofdstad, het Vondelpark, moesten al weer vroeg dicht wegens drukte. Ruimte zat, ook hier, maar iedereen zoekt elkaar op. Het stadspark is veranderd in een openluchtclub. Bij het monument van Joost van den Vondel hangen circa 1.500 tieners en twintigers rond, met blote basten en blote buiken. Uit vele speakers klinkt hiphop en r&b door elkaar heen, uit koeltassen van de Jumbo komen flessen Jack Daniels en cola.

‘Ik ben hier om een punt te maken’, zegt de 21-jarige Rosario. ‘Gooi de terrassen open, anders gebeurt er dus dit.’ Hij wijst naar zijn groepje vrienden. ‘Niemand van ons heeft een huis met tuin waar we met z’n allen kunnen chillen.’ Zijn woorden vallen af en toe weg tegen het hoge gesis van cilinders lachgas die links en recht worden opengedraaid. Zijn vriend Emanuel (21): ‘Je maakt hier ook snel contact met meisjes. Dit is dé plek in het Vondelpark.’

Zoals de meeste parkgangers heeft de 27-jarige Romina zich mooi aangekleed voor deze lange lentedag. ‘Ik werk de hele dag thuis voor een klantenservice. Kijk hoe bleek mijn huid is!’ Vandaag is ze toe aan een gezellige middag en avond. ‘Dit is eigenlijk het enige wat je nog kunt doen. Er heerst hier een fijne festivalvibe.’ De tientallen politieagenten en handhavers die zich verderop bij de rododendrons verzamelen, vindt zij minder gezellig. De leidinggevende inspecteur wacht nog even af. ‘Ik vind de drukte nog beheersbaar’, zegt hij. ‘En als ik deze meute wegstuur, creëren we een nog groter probleem op het Museumplein.’ Even later besluit hij toch: ‘Ik wil dat de muziek uitgaat. Misschien krijgt deze middag nog een staartje.’ Niet veel later wordt het park ontruimd en houdt de politie twee bezoekers aan die met flessen zouden hebben gegooid.

Hangmat

Nog later en verder in de stad slepen bewoners hun tafels en stoelen naar buiten voor een warme, extra lange avond. Sommige grachten zijn afgesloten voor verkeer wegens instortingsgevaar en de toeristen zijn nog niet teruggekeerd. Dus veranderen straten en pleinen, net als afgelopen zomer, in een grote huiskamer voor de buurt. Zo ligt in een hangmat langs de Brouwersgracht, vastgemaakt aan een lantaarnpaal en een iep, de 35-jarige Gerwen, die uitblaast na zijn werk. ‘Ik woon in dat zijstraatje, maar daar is niet veel zonlicht. Daarom lig ik graag hier.’ Vanavond eet hij een broodje pom, zittend op het stoepje voor zijn deur.

Aan de oever van het IJ in Amsterdam-Noord spelen jongeren muziek en roken een blowtje op de trappen van het Eye Filmuseum. De lichtjes van de stad glinsteren in het donkere water. ‘Ik ben blij met dit extra uur’, zegt de Kroatische Damira, die werkt als architect’in Amsterdam. ‘We werken tot zes uur, nu kunnen we tenminste nog wat doen in de avond.’

Meer over