Een succesvolle herhaling op het zand

Richard Schuil en Reinder Nummerdor hebben zich razendsnel bij de topvier van de wereld gevoegd. ‘Beach is een schaakspel en daarom zwaarder dan in de zaal.’..

‘Peking’ komt eraan en Richard Schuil en Reinder Nummerdor laten zich deze zondagmiddag als kansrijke olympische beachvolleyballers uitzwaaien op het Plein, hartje Den Haag. In het politiek centrum van Nederland krijgen ze te maken met actievoerders die ageren tegen China’s handelwijze met de Falun Gong-beweging.

Schuil, archetypisch leptosome kerel, is de geduldige van het Nederlandse beachkoppel, maar, achter zijn hand, zegt hij gek te worden van ‘die vent met die hoge zwarte hoed’ die al de hele middag achter hem aan zit.

‘Vorig jaar in Zieuwent bij een volleybalwedstrijd had ik ook al last van hem. Toen heb ik hem aangehoord. Wat moet ik met die man? Nu leggen ze het gedoe in China toch weer bij de sporters neer.’

Nummerdor, veel explosiever in zijn reactie, is de actievoerder – de illustere boekverbrander Wilbert Stuifbergen – al veel langer zat. Hij heeft hem ontlopen. ‘Ik zei dat ik zo een finale moest spelen. Dat ik geen tijd had voor die Falun Gong van hem. En ik was helemaal klaar met hem toen hij zei: Weet je dat je in Peking geen goud kunt winnen.’ Schuil: ‘Ja, dat zei ie ook nog tegen mij.’

Daar voelen de lange mannen (2.04 en 1.94) zich mooi in hun eer aangetast. Zij kunnen, dat is het mooie van hun in 2006 gestarte fulltime beachvolleybalonderneming, juist wel medailles winnen.

Nummerdor: ‘Met het nationale zaalteam hadden wij internationaal niet veel meer in de melk te brokkelen. Er waren geen prijzen. Ik ben in 1997 Europees kampioen geweest. Na 2000, toen we vijfde werden bij de Spelen van Sydney, hebben we niks meer gewonnen.’

Schuil: ‘We gaan met drie beachteams naar Peking. De zaalteams zijn er niet.’

Nummerdor: ‘Toch zie ik bij de mannen best perspectieven voor de toekomst. Kay van Dijk heeft zich goed ontwikkeld als diagonaalspeler, Yannick van Harskamp breekt als spelverdeler door en op mijn oude positie, die van passerloper, zijn er nu goede nieuwe jongens.’

Over het uitgeschakelde zaalteam van de vrouwen, waarin zijn vriendin Manon Flier de beoogde hoofdrol moest spelen, laat Nummerdor zich niet uit. Te pijnlijk, de afgang van de meiden van coach Avital Selinger.

De zaal is uit. Schuil: ‘Ik ben weer benaderd door Italiaanse volleybalmakelaars. Of ik als reservediagonaal bij een club in de A1 wilde spelen. En anders als diagonaal in de A2. Ik heb ervan afgezien. Die trainingen met zijn zessen, ik heb er geen zin meer in. Ik ben 35. Op het strand denk ik nog wel vier jaar mee te kunnen.’

Nummerdor: ‘Toen we erachter kwamen dat we in het zand meededen voor de prijzen, motiveerde dat alleen nog maar extra. Wij hadden aanvankelijk geen idee waar we zouden staan als we ons helemaal op het beachvolleybal zouden richten.

‘We zeiden tegen elkaar: laten we proberen Peking te halen. Maar het werd al snel duidelijk dat dat heel makkelijk zou lukken. We wonnen in 2007 de eerste World Tour, in Bahrein. Dan ga je vervolgens je doelen bijstellen. Naar boven. Weet je wat het mooie is van het zand? We spelen tegenwoordig elke week mee voor een titel.’

Het Europees kampioenschap is een week eerder op de naam geschreven. Op het marktplein van Hamburg liet het Nederlandse koppel twee Duitse teams, in de halve finale en de eindstrijd, in het zand bijten. Ze zijn daar de topvier van de wereld binnengeschoven, een voordeel bij de olympische loting. Ze verbazen velen.

Schuil: ‘Mijn Italiaanse collega-volleyballers van vroeger hebben hun bewondering uitgesproken.’

Nummerdor: ‘Ze zeiden: we hadden nooit verwacht dat jullie zo goed zouden worden buiten de zaal. Dat is wel mooi.’

In de zaal goed zijn is één, dat herhalen in het zand is een compleet andere zaak. Als Schuil in Peking goud in het beachvolleybal zou veroveren, wordt hij na de befaamde Amerikaanse allrounder Karch Kiraly de tweede speler in de geschiedenis die op beide disciplines olympisch kampioen is geweest.

Schuil: ‘Vergeleken worden met de beste volleyballer die er ooit is geweest, dat is toch wel leuk.’

Schuil werd, als vaste invaller, in 1996 in Atlanta olympisch indoorkampioen. Nummerdor, als jonkie buiten die selectie gevallen: ‘Ik ben sinds een week Europees kampioen in de zaal en op het strand. Dat kan, behalve Richard, niemand me nazeggen. Daar ben ik heel trots op.’

Schuil: ‘Veel spelers hebben het geprobeerd, de overstap van de zaal naar het zand. Maar het is niemand echt gelukt.’

Nummerdor: ‘Nalbert, basisspeler van het Braziliaanse team, heeft een geweldige pass, maar hij kon het niet maken op het zand. Hij is nu weer terug bij de indoorploeg, om te kijken of hij de Spelen van Peking nog kan halen.’

Schuil: ‘Toen wij begonnen, waren we vreemde eenden in de bijt. Daar heb je weer twee van die indoorboys die het zo nodig willen proberen, zo zag je ze denken. Dat wordt toch niks. Maar als je dan een toernooi wint, dan verandert dat.’

Nummerdor: ‘Bahrein, het zand van Manama, was de doorbraak.’

Schuil: ‘Nou we waren al eens vijfde geweest in een zwaar toernooi in Mexico.’

Nummerdor: ‘Maar toen we begonnen, verloren we van ik weet niet wie allemaal. Iedereen keek wel tegen ons op. Wij waren die indoorspelers van Italiaanse clubs, uit olympische teams. En als je dan kansloos bent tegen zulke specialisten, dan denk je wel, goh waar ben ik aan begonnen? Ik ben blij dat we doorgezet hebben.’

Supporters lopen het Haagse terras op. Een van hen vraagt of ze olympisch kampioen kunnen worden en Nummerdor zegt dat dat wel de bedoeling is. Hij grijpt vervolgens in zijn kruis.

Nummerdor: ‘In Italië (waar hij jaren woonde) grijpen ze zichzelf bij zo’n uitspraak in het kruis. Het is bijgeloof. O, zeg dat asjeblieft niet, olympisch kampioen worden. Want dan gaat het nooit gebeuren. Bij ons zouden we afkloppen op blank hout.’

De Spelen van Athene, waar Nederland in de poule werd uitgeschakeld, werden een deceptie. Nummerdor: ‘Ik vond er niks aan. Ik was na de Spelen van Sydney anders gewend. Daar was de belangstelling groot. Maar de zaal in Piraeus was leeg. En het stadion van de beachvolleyballers even verderop zat elke dag vol.’

De status van beachvolleybal, geliefd bij hip, jong publiek, lijkt groeiende. Spelen onder de Eiffeltoren in Parijs, voor achtduizend toeschouwers, dat heeft wel wat.

Nummerdor: ‘Toch wordt het indoorvolleybal nog niet overvleugeld door beach. Indoor heeft, ook door de geschiedenis, nog steeds meer aanzien en allure.’

Het spel op het zand – met zijn tweeën – is uiterst listig en lastig. Het sloopt de krachten en het eist het uiterste van de mentaliteit.

Nummerdor: ‘Het is mentaal een heel ander spel. Beach is een schaakspel. Daarin is het zwaarder dan de zaal. In de zaal mag je worden gecoacht. Op het zand niet.’

Schuil: ‘Ik doe de blokkering. Die is goed, maar niet zo goed als die van de superblokkeerders. Ik maak met mijn service veel goed.’

Nummerdor: ‘Je kunt enorm onder druk komen te staan in dit spel. Dat je het op een gegeven moment echt niet meer weet, dat de tegenstander steeds een stap op je voor loopt. Jijzelf probeert ook in het hoofd van de tegenstander te kruipen. Je moet bedenken wat zij gaan doen en daar dan weer op anticiperen.

‘Dat is het leuke aan dit spel. Alles zelf oplossen. Dat is ons dit jaar al een paar keer geweldig gelukt. Dat we niet goed stonden te spelen, maar de boel toch konden omkeren. Dat vond ik het pluspunt van dit seizoen.’

Schuil: ‘Onze kracht is onze rust. Wij spelen heel rustig. Kenners zeggen: het ziet er heel automatisch en heel gemakkelijk uit voor een team dat pas twee jaar speelt. Het lijkt alsof we dit al tien jaar doen. Wij bewegen ook gemakkelijk, we zijn licht en handig.’

Nummerdor: ‘Onze rolverdeling staat vast. Hij is de blokkeerder, ik de verdediger. En we blijven rustig in slotfases. Daar telt onze grote ervaring, al is die dan niet op het zand opgebouwd. Maar je wilt niet weten hoeveel wedstrijden wij met twee punten verschil hebben gewonnen. En altijd in de slotfase.’

Ze worden in de Nederlandse volleybalwereld als olympische favorieten gezien. Sponsor Milner heeft ze op een billboard langs de A2 geplaatst, waar eerst olympisch schaatskampioen Gerard van Velde kaas probeerde aan te prijzen.

Nummerdor: ‘Het veld ligt erg dicht bij elkaar. Laten we eerst maar eens de poule doorkomen.’

Schuil: ‘Normaal spelen we toernooien met meerdere wedstrijden op één dag. Nu spelen we één wedstrijd en hebben dan weer een dag rust. Het is een ander ritme. We zullen op de tussendagen trainingswedstrijden inlassen.’

Nummerdor: ‘In het veld steken er twee echt boven uit. De Amerikanen Dallhauser en Rogers, die zijn echt bijna onverslaanbaar. En de Brazilianen Ricardo en Emmanuel.’

Schuil: ‘Toen we die in Marseille versloegen, voelde dat als een doorbraak. We waren net vier maanden bezig.’

Nummerdor: ‘Achter die toptwee zijn er vijf koppels met medaillekansen. Ik ben erg benieuwd naar het stadion in Peking. Daar gaan twaalfduizend mensen in. Als je met zijn zessen in het veld staat, kun je even gewisseld worden om te wennen, of om even onder de druk uit te komen. Dat kan met zijn tweetjes niet.’

Schuil: ‘Ach, we hebben in Klagenfurt voor twaalfduizend man gespeeld. Alleen hadden ze daar geen vijf olympische ringen voor de deur gehangen.’

Nummerdor: ‘Niet aan denken, punt voor punt, wedstrijd voor wedstrijd. Dat is de kunst.’

Meer over