Een straatmaal van loopvoer

Lezeres uit Leersum: 'Als ik wraps, tortilla's en dergelijke in de winkel koop, voel ik me echt belazerd. Er zit voornamelijk tarwebloem in - en een heleboel ingrediënten die ik er liever niet in heb - maar er wordt naar verhouding enorm veel geld voor gevraagd....

'Ik ben dus op zoek naar een makkelijk en simpel recept voor wraps. Liefst met gegoten beslag in de koekenpan, want deeg dun uitrollen (chapati's) is extra werk, en na een lange werkdag niet aantrekkelijk.

'Ik heb wel wat recepten gevonden, maar daar zaten dan vijf eieren in ofzo, en volgens mij zou dat niet nodig moeten zijn (mijn eiloze wrap-pogingen kreeg ik echter niet heel uit de pan). Koude pannenkoeken van de vorige dag voldoen natuurlijk ook, maar er moet toch een betere manier zijn!'

Een wrap is een wikkel. Om kouwelijke schouders slaat men een wollen wrap. Een makreel wordt verpakt in een papieren wrap. Maar kruidenier en meelfabriek geven ook Engelse les en hebben ons er in een jaar tijd van kunnen overtuigen dat een wrap een eetbare tuut is. Een tuut is een puntzak en een wrap is volgens de permanente inburgeringscursus van Honig en Albert Heijn een puntzak van pannenkoek, die gevuld moet worden met gekruid vlees of een ander mengsel. Een modeartikel. Lezeres uit Leersum heeft gelijk.

Een wrap uit een doos is duur, duurder dan dat hij lekker is. Toch bevreemdt ons haar vraag. Ze wil geen 'extra' werk na een lange werkdag, maar ze wil wel wrappen. Ook dat is de trendduwers gelukt. Ze leerden ons dat we een gevulde tuut aan tafel moeten opeten, thuis, na het werk. Maar daarvoor is hij helemaal niet uitgevonden. Een koekgebakken wrap is nou juist om mee door te lopen. Het is loopvoer, een straatmaal, geschikt voor mensen die met hun andere hand een tas moeten vasthouden of hun kindje. Thuis heeft de tuut geen functie. Men doet thuis toch ook geen frites in een zak om er daarna mee aan tafel te gaan?

Maar we hebben intussen lezeres iets te bieden. Nodig: een ouderwets eierrek met twee verdiepingen. Of iets dat er op lijkt. Een plank met ronde gaten op pootjes is ook goed.

Maak een beslag van patisserie-bloem (witte tarwebloem van fijne kwaliteit), een ei, een scheut bier, zout en water en eventueel wat melk.

Maak het beslag goed vloeibaar.

Bak dunne pannenkoeken op matig vuur in heel weinig olie.

Draai ze, direct uit de pan in een tuut. Niet te wijd.

Steek de punt van de tuut door een gat van het eierrek. Meteen vullen of later.

De dunne pannenkoek stijft op in deze vorm en kan zo mee de straat op.

Meer over