'Een stilist die vlijmscherp kon definiëren'

Rudi Fuchs, vriend:

'Ik ben onsterfelijk, tot het tegendeel is bewezen, zei Harry ooit. Maar nu hij dood is, is hij pas echt onsterfelijk. Mulisch is een van de grootste prozaschrijvers die Nederland heeft voortgebracht, een stilist die een verhouding, een gebeurtenis of een object vlijmscherp en loepzuiver kon definiëren. Er wordt wel beweerd dat het in zijn werk om zijn gedachten en minder om zijn stijl gaat, maar dat klopt niet. Zonder stijl is een schrijver niets. Als Homerus niet over zo'n weergaloze stijl had beschikt, hadden wij nooit van Achilles gehoord. En ook bij Mulisch komen zijn ideeën pas in de stijl tot leven.


'Ik ken hem sinds 1959, dat wil zeggen: in dat jaar heb ik hem een brief geschreven om hem te laten weten hoezeer ik verpletterd was door zijn roman Het stenen bruidsbed. Ik was achttien, zat op school in Eindhoven en droomde ervan zelf schrijver te worden. Ik heb nooit antwoord gekregen, maar toen zijn vrouw tien jaar geleden zijn archief ordende, kwam die brief tevoorschijn. Hij had hem al die jaren bewaard, met een streepje onder een taalfout: ik had 'bewondert' in plaats van 'bewonderd' geschreven.


'Een paar jaar na die onbeantwoorde brief zag ik hem in een boekhandel in Leiden, en toen sprak ik hem aan. Hij volgde, als ik het me goed herinner, een cursus filosofie aan de Leidse universiteit, en ik studeerde er kunstgeschiedenis. Er bleek meteen verwantschap tussen ons en we werden vrienden, maar de verhouding bleef duidelijk: hij was de meester, soeverein in alles.


'Toen de Duitse beeldend kunstenaar Joseph Beuys overleed, zei zijn jongere collega A.R. Penck: 'De Chef is dood.' Aan die woorden moest ik denken vandaag.'


Meer over