Een Soeharto-generaal is Indonesiës laatste hoop

Maandag gaan de Indonesiërs stemmen: voor het eerst kiezen zij zelf hun president. De keus is tussen de zittende president, Megawati, en een van Soeharto's generaals....

Een spandoek schreeuwt: 'Wij eisen verandering'. Dat ernaast bevat slechts éen woord: 'Reformasi' (Hervorming). De spandoeken worden meegevoerd door een duizendtal studenten die donderdag een belangrijke verkeersader in Jakarta blokkeren, de Thamrinboulevard.

De studenten krijgen dezelfde dag steun van een grote groep vooraanstaande Indonesiërs, onder wie ex-president Abdurrahman Wahid. Zij lanceren de 'Culturele Beweging Voor Hervorming'.

Zonder de naam te hoeven noemen, zijn beide acties een steunbetuiging aan een van de twee kandidaten in de presidentsverkiezingen: Susilo Bambang Yudhoyono, de ex-generaal en ex-minister van Veiligheid die het maandag opneemt tegen de zittende president, Megawati Soekarnoputri.

Yudhoyono is volgens de demonstranten de laatste hoop voor de hervormingen die in 1998 met de val van dictator Soeharto zo enthousiast waren ingezet. Volgens sommige waarnemers is Yudhoyono zelfs de laatste hoop voor de democratie in Indonesië.

Drie jaar met Megawati Soekarnoputri als president van Indonesië is volgens de demonstranten meer dan genoeg. Onder haar regering is de geest van de democratische Reformasi totaal verdwenen. Het land glijdt af in de richting van de Nieuwe Orde van Soeharto.

De politiek wordt weer grotendeels gedomineerd door de Golkar, de partij die onder Soeharto de toon zette in het parlement. De corruptie tiert weliger dan ooit tevoren. Het leger heeft zijn oppermachtige positie van weleer heroverd. En de democratische verworvenheden staan onder druk.

Donderdag werd een hoofdredacteur van het weekblad Tempo veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf – volgens veel commentaren een vonnis dat weinig goeds voorspelt voor de Indonesische persvrijheid. In Makassar staan studenten terecht wegens 'belediging van de president'. In april hadden zij zonder vergunning een protestbetoging tegen Megawati gehouden, en dat kan ze op zes jaar gevangenisstraf komen te staan. Zij zouden niet de eersten zijn die voor dat vergrijp werden opgesloten.

De studenten die donderdag de straat op gaan zijn behoren tot de weinigen die zich nog roeren. Van de massale studentenrevolte uit 1998, die president Soeharto tot aftreden dwong en de aanzet gaf tot Reformasi, is in 2004 niets meer te bespeuren. De studentenbeweging is murw, versnipperd en gedesillusioneerd.

En de studenten zijn niet de enigen. Veel Indonesiërs zijn bezig het gevoel te verliezen dat het enig verschil maakt op wie je stemt. De kandidaten die in 1998 op de barricades stonden zijn opgeslokt door het drassige politieke systeem of uit beeld verdwenen. De feitelijke macht berust nog altijd (of opnieuw) bij een netwerk van functionarissen, politici en machtige zakenlui, die merendeels onder Soeharto groot zijn geworden.

De keus die de Indonesiërs maandag wordt geboden lijkt op het eerste gezicht niet veelbelovend. Het is opnieuw Megawati, of het wordt Yudhoyono. Deze generaal b.d. maakte zijn hele militaire carrière onder Soeharto. Onder Megawati werd hij coördinerend minister van Veiligheid. Hij is dus allerminst 'nieuw'. Desondanks is hij de enige hoop op verandering die de Indonesiërs dit jaar hebben.

Voor Yudhoyono pleit dat hij in maart na een ruzie met Megawati uit haar kabinet is gestapt. Als generaal heeft hij zich nooit schuldig gemaakt aan misdaden tegen de menselijkheid. Niemand heeft hem ooit op corruptie kunnen betrappen. Als minister heeft hij zich doen kennen als een fatsoenlijk, zij het erg formeel man, een man die doet wat hij belooft.

Dat zijn eigenschappen die de hoop voeden dat een stem op Yudhoyono inderdaad verschil kan maken. Heel zijn optreden ademt bovendien een totaal andere sfeer dan dat van zijn opponente.Megawati heeft zich deze verkiezingen nadrukkelijk verbonden aan de oude politieke krachten in Indonesië. Haar partij, de PDI-P, is een monsterverbond aangegaan met de Golkar en de islamitische PPP – de partijen die ook onder Soeharto de macht en de baantjes verdeelden.

In Megawati's Nationale Coalitie zit bovendien de kleine PKPB van Soeharto's dochter 'Tutut' en de rechtlijnige generaal Hartono. Ook de manier waarop de president haar kabinet wil samenstellen voorspelt weinig goeds voor de hervormingsgezinden. Megawati verdeelt haar ministersposten onder de coalitiegenoten.

Yudhoyono daarentegen belooft een kabinet van deskundigen. Voor de portefeuilles van Justitie en Mensenrechten wordt de vooraanstaande mensenrechtenadvocaat Todung Mulya Lubis genoemd, wat voor veel critici van het huidige bewind een vertrouwenwekkende benoeming zou zijn.

President Megawati heeft veel geloofwaardigheid verspeeld. Als Megawati 'de oorlog tegen de corruptie' afkondigt, gelooft geen mens daar meer in. Als Yudhoyono dat doet, klinkt het serieuzer.

In debatten doet Yudhoyono het veel beter dan Megawati, die zich er altijd op laat voorstaan dat zij een doodgewone huisvrouw en oma is, die het toch maar tot president heeft geschopt. Dat laatste spreekt nog steeds veel eenvoudige Indonesiërs aan. Zij noemen Megawati 'Ibu Mega', moeder Mega, en stemmen op haar, wat er ook gebeurt.

Deze groep getrouwen is echter danig geslonken. In 1999 werd Megawati's PDI-P nog met 33,7 procent de grootste partij van het land. Bij de parlementsverkiezingen van dit jaar raakte de partij eenderde van die stemmen weer kwijt.

De teleurstelling in Megawati is groot en wijdverbreid. Het valt daarom nog te bezien of zelfs de steun van de grootste partijen van het land genoeg zal zijn om haar te verzekeren van een tweede ambtstermijn.

Ook de Golkar lijkt daar niet onvoorwaardelijk in te geloven. Een groep vooraanstaande Golkar-leden heeft openlijk zijn steun betuigd aan Yudhoyono – en is vervolgens uit de partij gestoten.

In de opiniepeilingen heeft Yudhoyono een comfortabele voorsprong. Maar eerdere verkiezingen hebben geleerd dat de Indonesiërs in het stemhokje vaak nog van gedachte veranderen.

Eerdere verkiezingen hebben echter ook geleerd dat de Indonesiërs zich niet langer laten voorschrijven op wie zij moeten stemmen. Dat kunnen zij maandag nog eens bewijzen.

Meer over