Een razendsnel godsgeschenk uit Jamaica

Asafa Powell (22) verbeterde dinsdag in Athene het wereldrecord op de 100 meter. De Jamaicaan sprintte naar de tijd van 9,77, eenhonderdste sneller dan de oude toptijd van de Amerikaan Tim Montgomery....

Als je vader priester is, dan wordt snel naar een hogere macht gewezen als het onvoorstelbare gebeurt. Moeder Cislin vouwde dinsdag de handen en dankte haar God, toen ze vernam van het wereldrecord dat haar zoon Asafa Powell had gelopen in Athene .

De moeder van 'de snelste man van de wereld' voorspelde in Orangefield, een stadje op het Caribische eiland Jamaica, dat haar gebeden goed zullen zijn voor nog meer opzienbarende feiten. 'Als we ervoor bidden, kan mijn jongen vliegen.'

Voor Asafa Powell, de jongste zoon uit het grote gezin van William en Cislin, lijken geen grenzen te bestaan. Vorig jaar brak hij negen keer door de tiensecondengrens. Hij verloor slechts één race: de olympische finale in Athene. Daarin werd hij vijfde.

Maandag beloofde hij, terug in Athene voor de Tsiklitiria Super Grand Prix, zijn Griekse gehoor en zijn familie aan de andere kant van de oceaan het wereldrecord op de 100 meter. 'Hij zei dat hij het zou doen en hij deed het', zei zijn vader.

Zes zoons had William Powell. Twee stierven. Vier waren behept met de liefde voor atletiek. Zoon Donovan leek de beste. Hij liep op WK's en Olympische Spelen, maar werd voorbijgestreefd door Asafa, de benjamin van het gezin.

Dat had heel anders kunnen lopen. Toen Asafa als jonge loper zijn broer ging opzoeken bij diens club in Texas, raadde Donovan hem af een atletiekcarrière na te streven. Asafa sloeg het advies in de wind en zette door.

In plaats van een Amerikaanse opleiding koos Powell voor een coach in eigen land. Stephen Francis heeft met hordenkampioen Brigitte Foster bij de technische universiteit van Kingston een atletiekschool van naam opgezet en biedt het talent van het eigen eiland een veilige haven.

Powell is de tweede wereldrecordhouder op de 100 meter die Jamaica voortbrengt. In 1976 kreeg Don Quarrie het (gedeelde) wereldrecord achter zijn naam toen hij 9,9 (handgeklokt) liep.

Jamaica bracht meer grote sprinters voort, maar zij kregen na hun vertrek van het eiland een ander paspoort. Linford Christie, de olympisch kampioen van 1992, was van Kingston, maar kwam uit voor Groot-Brittannië. Donovan Bailey veroverde in 1996 het olympisch goud en verbeterde het wereldrecord (9,84) op de 100 meter; de Jamaicaan kwam uit onder Canadese vlag.

Asafa Powell werd grootgebracht met video's van Ato Boldon, de grote sprinter van Jamaica's buurland Trinidad & Tobago. Maar de Amerikaan Maurice Greene was zijn grote voorbeeld. Hij zag Greene in 2000 olympisch kampioen worden en spiegelde zich aan de 'Komeet uit Kansas'.

Vorig jaar versloeg Powell zijn idool tweemaal. In olympisch Athene, waar een andere Amerikaan (Justin Gatlin) toesloeg, was hij zichzelf niet. Maar hij riep direct dat hij jong was en nog volop tijd had. Die nieuwe olympische kansen zouden vanzelf wel komen. Hij kondigde wel meteen aan dat de wereldtitel van 2005 voor hem zou zijn.

Aan zijn eerder gedane mededeling dat het wereldrecord er in de finale aan zou gaan, werd hij niet herinnerd. De belofte kwam deze week weer op tafel, nadat hij had laten weten verbaasd te zijn over zijn ontwikkeling in dit voorjaar.

Bij een internationale wedstrijd op Jamaica, begin mei, was Powell te snel 'van het gas' gegaan, anders had hij het wereldrecord toen al verbeterd: 9,84. Een week geleden liep hij in de Europese kou van Ostrava ook al een toptijd (9,85). In Athene, op de bewezen snelle baan waar Greene in 1999 het voorlaatste wereldrecord (9,79) had gelopen, moest het gebeuren.

Het record van 9,77 kwam als geroepen. Het werd in grote dank aanvaard in Monaco, op het hoofdkwartier van de wereldatletiekfederatie IAAF. Het wereldrecord van Tim Montgomery (9,78) stond, als diens relatie met dopingproducent Balco bewezen wordt verklaard, op het punt nietig te worden verklaard.

Ook daarom geldt Asafa Powell als een godsgeschenk.

Meer over