InterviewCORONAZORG IN NEDERLAND

Eén overbelast lijntje en de coronazorg in Nederland gaat haperen: dit is de reden

Thuiszorg, verpleeghuis, ziekenhuis: de toestroom aan coronapatiënten zet het hele zorgsysteem onder druk. Het hoeft maar op één plek vast te lopen en overal ontstaan problemen. Drie zorgverleners vertellen over hun worstelingen buiten het ziekenhuis.

Een ambulancebus brengt zes coronapatiënten van de Randstad naar Limburg.
 Beeld Arie Kievit
Een ambulancebus brengt zes coronapatiënten van de Randstad naar Limburg.Beeld Arie Kievit

‘Een dochter gaat met haar ouders in quarantaine om ze te verzorgen’

Yolanda Jansen, huisarts in Rotterdam

‘Ik werk ruim twintig jaar als huisarts in Feijenoord, een achterstandswijk in Rotterdam. Hier komen meer besmettingen voor, mensen laten zich minder vaak testen en het ziekteverloop is over het algemeen ernstiger: COPD, astma, overgewicht en suikerziekte zijn hier aan de orde van de dag.

‘De laatste tijd hebben we elke dag een risicocontact in de praktijk. Mensen met klachten komen nog steeds naar de praktijk toe, zonder mondkapje, en laten zich niet wegsturen. Of we zien huisgenoten van coronapatiënten die niet hebben verteld dat hun vader of dochter besmet is. Daar leer je dan mee leven, maar vooral voor de assistentes is dat vervelend. Die hebben ook een partner of een gezin. Het leidt tot een constante stresssituatie: welke patiënten kunnen we wel zien en welke niet. Iemand met acute buikproblemen wil je toch niet missen.

Yolanda Jansen. Beeld
Yolanda Jansen.

‘Daarnaast is het vaak een gedoe om een coronapatiënt door te verwijzen. Je weet gewoon niet waar je iemand kwijt moet als de thuiszorg geen plekje heeft, de ziekenhuizen vol liggen en de spoedeisende hulpen noodgedwongen hun deuren sluiten voor covidpatiënten. Als je dan eindelijk een plekje hebt gevonden, dan moet je nog een ambulance zien te regelen. Maar ook die zijn druk en hebben soms geen tijd om naar een wat verder gelegen ziekenhuis te rijden. Uiteindelijk lost het zich meestal op, want we zitten allemaal in hetzelfde schuitje en iedereen wil helpen, maar het kost een hoop tijd en gebel.

‘Het enige dat soms onoplosbaar is, is de thuiszorg. Ik heb in de praktijk een ouder echtpaar, allebei met corona, en hun dochter gaat nu waarschijnlijk met hen in quarantaine, een andere oplossing was er niet. Ik moet nu een beroep doen op familie van patiënten om te helpen met de zorg. Dat is lastig, want lang niet iedereen heeft iemand die kan bijspringen.

‘De huisarts neemt een steeds grotere rol in het monitoren en behandelen van covidpatiënten die (nog) niet zo ziek zijn dat ze naar een ziekenhuis moeten. Hiermee proberen we zoveel mogelijk opnames te voorkomen. De verantwoordelijkheid voor de nazorg na opname ligt in principe bij het ziekenhuis.

‘Het Maasstad Ziekenhuis hier in Rotterdam stuurt patiënten die na een ziekenhuisopname met zuurstof worden ontslagen nu met een app naar huis; daarmee kunnen patiënten en de longartsen hun waarden in de gaten houden. Ook thuis blijven ze dan onder controle van de medisch specialisten in het ziekenhuis. In Amsterdam neemt de huisarts nu een deel van de nazorg van het ziekenhuis over. In Rotterdam gaan we wellicht ook die kant op. Ik maak me daar wel zorgen over, want overbelasting en uitval van personeel vormen ook in de huisartsenpraktijken een probleem.’

Lotte Besseling. Beeld ZorgAccent
Lotte Besseling.Beeld ZorgAccent

‘We hebben het leger al om hulp gevraagd, maar die had andere prioriteiten’

Lotte Besseling, specialist ouderengeneeskunde bij ouderenzorgorganisatie ZorgAccent in Twente

‘Wij hebben een regionale covidafdeling met 15 bedden, voor coronapatiënten die te ziek zijn om thuis te zijn, maar bijvoorbeeld wel genoeg zijn hersteld om het ziekenhuis te verlaten. Ook nemen we besmette bewoners van verpleeghuizen op. Onze cliënten op de covidafdeling zijn voornamelijk niet-instrueerbaar, door dementie of door een delier. Dat vergroot de kans dat ze gaan dwalen, en dat kan natuurlijk niet als ze positief zijn.

‘We zitten continu vol, we krijgen veel meer aanmeldingen dan we kunnen plaatsen. Voor de derde keer op rij gingen we zonder vrije plekken het weekend in. Dan voel ik me bezwaard, huisartsen en ziekenhuizen kunnen dan nergens heen met hun patiënten. We kijken in de regio wel of we nog meer bedden kunnen openen, maar we kampen met een tekort aan geschikt personeel.

‘Ook wij hebben soms moeite om cliënten uit te plaatsen. Als ze bij ons weggaan, na gemiddeld één tot twee weken, hebben mensen vaak nog zorg thuis of verpleeghuiszorg nodig. Maar alle zorgorganisaties zijn overbelast, kampen met veel zieken. En dan loopt de hele keten vast: onze bedden blijven vol, de ziekenhuisbedden blijven vol, de spoedeisende hulpen gaan dicht, huisartsen kunnen hun patiënten niet kwijt.

‘Het personeel is onze grootste zorg. Wij hebben nu twaalf reguliere afdelingen in onze verpleeghuizen in quarantaine, omdat er een besmetting is aangetroffen. Daar valt dus personeel uit dat zelf besmet is, terwijl er ook extra personeel nodig is. Normaal houdt iemand met een nachtdienst vijf afdelingen in de gaten, nu moet je per afdeling die in quarantaine is iemand inroosteren, om te voorkomen dat het virus zich verder verspreidt.

‘Ook ons flexbureau is door de extra krachten heen. Een oproep op de regionale omroep leidde tot een storm van reacties, van studenten tot vrachtwagenchauffers tot horecapersoneel. Die ontvangen we met open armen, zij kunnen spelletjes doen met de bewoners, het familiebezoek opvangen, maar we hebben ook mensen met zorgdiploma’s nodig.

‘We begeven ons op dun ijs. Als er nog een paar afdelingen in quarantaine moeten, zakken we er doorheen. Dan kunnen we niet meer de zorg bieden die we met elkaar verantwoord vinden. Dan is de druk zo hoog dat we medicatie niet meer op tijd kunnen geven, kunnen we mensen niet meer naar het toilet begeleiden, dan krijgen mensen niet meer de juiste begeleiding, ontstaat er onrust op de afdeling, en gaan er dingen mis.

‘Regionaal hebben we het leger al om hulp gevraagd, maar die hadden andere prioriteiten. Ik weet niet wie we nog meer kunnen bellen. Wisten we het maar. Wij zijn door alle back-upplannen heen. We hopen dat het aantal besmettingen in Twente snel gaat dalen.’

Arie Wijten. Beeld Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond
Arie Wijten.Beeld Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond

‘Veel overwerk, extra diensten, onder zware mentale druk. We plegen roofbouw op onze mensen’

Arie Wijten, directeur Ambulance Rotterdam-Rijnmond

‘Deze tweede golf is voor onze regio veel drukker dan de eerste golf. Toen lag het uitgaansleven stil, waren er geen sportblessures, nauwelijks verkeersongevallen. Nu loopt dat allemaal door en de reguliere zorg ook. Gevolg is dat de ziekenhuizen overvol liggen.

‘Dat merken wij onmiddellijk. Helaas gebeurt het de laatste tijd dat wij onze patiënten niet eens kwijt kunnen als wij bij een ziekenhuis aan komen rijden. Dan heeft een ziekenhuis een stop op de spoedeisende hulp (SEH) gezet, want als een ziekenhuis vol ligt, dan ligt het vol, en kan er niemand meer bij. Maar dat weten wij niet van tevoren.

‘In ons gebied zijn negen ziekenhuizen, en als een paar daarvan tegelijkertijd een SEH-stop afkondigen, loopt het bij de overige ziekenhuizen binnen de kortse keren helemaal vol. Daar ontstaan files, van drie, vier, soms wel vijf ambulances. Onze collega's moeten dan wachten om de patiënt te kunnen overdragen. Dat is al vervelend voor de patiënt die in de ambulance ligt te wachten, maar het is nog vervelender voor de volgende patiënt, want die kunnen wij dat moment niet de juiste zorg geven.

‘Dat knaagt aan onze medewerkers, aan de chauffeurs, de verpleegkundigen, de mensen op de meldkamer. Wij willen zo snel mogelijk ter plaatse zijn, maar nu duurt het langer dan we gewend zijn.

‘Nog steeds halen we met onze 45 ambulances voor het overgrote deel, meer dan 90 procent, de afgesproken normen, maar we komen steeds dichter bij de ondergrens. Ook bij ons is het code oranje. We kunnen het nu nog aan, de dienstverlening is nog gegarandeerd, maar we schuiven steeds verder richting het moment dat dat niet meer lukt.

‘Ik maak mij zorgen over wat wij van onze mensen vragen. Veel overwerk, extra diensten, onder zware mentale druk, dat is roofbouw. We hebben nu een ziekteverzuim van 9 procent, niet eens zoveel anders dan andere zorgsectoren op dit moment. Maar aan dit hoge ziekteverzuim mogen we nooit wennen, we moeten er alles aan doen het weer naar beneden te krijgen, want we nemen nu een hypotheek op de toekomst.

‘Ons grote probleem is een tekort aan ziekenhuisbedden. En als er een deeltje in de keten vastloopt, loopt het overal vast. Daarom is de ‘keten’ een goede benaming, we zijn allemaal afhankelijk van elkaar.’

null Beeld
Meer over