Een onmogelijke eis

Vuurproef: maak een einde aan duizend jaar bloedwraak.

null Beeld epa
Beeld epa

Flores (Indonesië), 12 april 1974

De zon stijgt snel, de dag is niet tegen te houden. Nu duiken tussen de struiken kleuren op en weer onder, op en onder: een donker paars, met goudgeel erdoor, en een dof wijnrood met aardebruin: de sarongs van de inlanders. De blote voeten gaan onhoorbaar over de smalle paden.

Waar gaan al die mensen zo vroeg naartoe, zo zwijgend, bergopwaarts? Naar de kerk, naar de paasbiecht, ze nemen het serieus, ze komen allemaal. Het zijn christenen, dat hebben ze bewezen: duizend jaar en langer gold bloedwraak bij hen als een heilig recht. In 1966 zijn hier achthonderd mensen vermoord tijdens Soeharto's jacht op communisten. Na de putsch was het vanzelfsprekend dat de achtergeblevenen nu jacht zouden maken op de moordenaars. Maar christenen mogen niet doden, christenen moeten hun vijanden sparen.

Dat leek een onmogelijke eis. Daar zou alles op stuklopen, zo vreesde pater Bollen, de Duitse missionaris. Hij riep de leden van zijn gemeente bij elkaar en zei tegen hen dat nu het grote ogenblik van de vuurproef was gekomen: de keten van gewelddaden moest doorbroken worden.

Ze hoorden zijn rede aan en gingen zwijgend weg. Lange tijd kwamen ze niet terug. Op een morgen kwamen ze, de een na de ander, en toen zei de woordvoerder dat er besloten was geen wraak te nemen. Het wonder was geschied.

Luise Rinser (1911-2002), Duitse schrijfster en activiste. Ingekort fragment uit Bij de tijd - Dagboek 1967-1988; vertaling Ria van Hengel. Nijgh & van Ditmar, 1991.

Meer over