Een ongedurige president BALANS VAN TWEE JAAR PRESIDENTSCHAP VAN JACQUES CHIRAC

DE DUITSE bondskanselier moet zich recentelijk in kleine kring hebben beklaagd over de 'ongrijpbaarheid' van zijn vriend Jacques Chirac. Kohl: 'Hij belooft Jan en alleman dat ze lid kunnen worden van de Europese Unie of van de NAVO.' Een week nadien ging Chirac op staatsbezoek in Tsjechië....

Je kunt je afvragen waarover dit verhaaltje meer zegt: over het karakter van Chirac of over de diplomatieke stijl van een land dat nog altijd meent de navel van de wereld te zijn. Of moeten we de hofnar onder de Franse weekbladen, Le Canard Enchaîné, geloven? Die schreef over het incidentje met Kohl: 'Die Duitsers nemen ook alles serieus.'

Het zal allemaal wel een beetje kloppen. Hoe dan ook, wie zich door het stapeltje boeken ploegt dat recentelijk over de Franse president is verschenen, komt twee dominante karaktertrekken tegen. Onderzoeksjournalist Philippe Madelin, in Le clan des chiraquiens: 'Hij heeft behoefte aan liefde, dat is evident.' Vandaar dat hij zo graag beloftes doet. En hij is ongedurig, heeft altijd haast en dus geen tijd voor procedures. 'Hyperactief', volgens Nicolas Domenach en Maurice Szafran, de schrijvers van het naar een heiligenleven neigende Le roman d'un président.

Over Chiracs tempo bestaan legio anekdotes die het midden houden tussen vertedering - dus toch niet helemaal vleiend voor de hoogste vertegenwoordiger van de Republiek - en bijtende spot. Over zijn liefdesleven bijvoorbeeld: 'Tien minuten, inclusief douche.' Wijlen François Mitterrand was, zoals vaker, goed voor de meest rake typering: 'Chirac denkt na zoals hij de trap oploopt. Drie treden tegelijk. Hij zou eens rustig moeten gaan zitten.' Nog eentje van Mitterrand: 'Chirac is een paard dat voortdurend over hindernissen springt. Ook als er geen hindernissen zijn.'

De Chirac die opstijgt uit Le roman d'un président is geen denker. Geen lezer ook, zoals zijn voorganger. Deze daadmens staat bekend om de onuitputtelijke energie waarmee hij campagne voert. Hij kan weken lang, dag in dag uit, door de straten sjouwen, markten aflopen, handen schudden. In de kern heeft zijn hele 64-jarige leven tot twee jaar geleden bestaan uit één grote campagne voor het presidentschap. Ze werd met een ongelooflijke vasthoudendheid gevoerd. Nu hij het hoogste heeft bereikt, beginnen de ongedurigheid, het tekort aan bestuurdersbloed, het te weinig aan presidentiële uitstraling te storen. Meteen nadat Chirac eind april het parlement had ontbonden, deed het verhaal de ronde dat de president zich verveelde en daarom vervroegde verkiezingen had uitgeschreven.

Mitterrand ging in 1984 naar Verdun om zeventig jaar na het begin van de Eerste Wereldoorlog hand in hand met Kohl de vriendschap tussen de twee erfvijanden historisch en symbolisch te beklinken. Voilà het verschil met Chirac. Die ging naar Straatsburg om bij wijze van vriendschapsdemonstratie met Kohl kalfskop en bier naar binnen te werken. Dezelfde Kohl heeft overigens wel gezegd dat hij, om euro en EMU zeker te stellen, net als Chirac de stembussen vervroegd zou hebben laten aanrukken. Ten bewijze daarvan steunt hij zijn Franse vriend dezer dagen met een bezoek aan Poitiers.

Chiracs voorliefde voor het bad in de menigte komt tegemoet aan de hunkering aardig te worden gevonden. Wat dat betreft moet de campagne voor de presidentsverkiezingen van voorjaar 1995 niet minder dan een crisis in zijn leven zijn geweest. Onder aanvoering van Chirac had de rechtse combinatie UDF/RPR in 1993 met overmacht de parlementsverkiezingen gewonnen. Chirac werd misselijk bij de gedachte dat hij nogmaals premier zou moeten worden onder François Mitterrand, die hem bij de vorige cohabitation het bloed onder de nagels vandaan had gehaald.

Chirac schoof Edouard Balladur als premier naar voren. Die beloofde plechtig geen kandidaat te zullen zijn voor het presidentschap. Al snel wezen alle tekenen op 'het verraad van Balladur'. Hij begon boeken te schrijven - in Frankrijk vaak meer het bewijs van ambities dan de neerslag van een geestelijke drang. Hij recruteerde zijn ministers buiten Chirac om. Hij begon zich negatief over Chirac uit te laten, als een has been in de politiek, een 'paard op de terugtocht'.

Iedereen zag het gebeuren. Zo niet Jacques Chirac. De schrijvers van Le roman d'un président, die de hele periode gedetailleerd hebben onderzocht: 'Als de vormen goed zijn, denkt hij dat de verhoudingen ook goed zijn.' Eén voor één lieten de rechtse partijtenoren hun leider vallen. De jonge minister Sarkozy, die altijd op zondag thuis bij de Chiracs at en 'de zoon was die Chirac niet zelf kreeg', de 'oude Charles' Pasqua, UDF-leider Léotard en al die anderen sloten zich aan bij Balladur. Een half jaar voor de verkiezingen stond Balladur dubbel zo hoog in de peilingen als Chirac, die in zijn Parijse stadhuis zat te verpieteren.

Een gedeputeerde van Chiracs neogaullistische partij Rassemblement Pour la République: 'Niemand belde hem meer op, zelfs niet om hem gedag te zeggen. Hij werd gek van vreugde als je hem belde. Op zondag vroeg hij Jean-Louis Debré vroeger langs te komen, om maar gezelschap te hebben.' (Jean-Louis Debré werd later minister van Binnenlandse Zaken.)

Een aandoenlijke scène die lichtjaren afstaat van de etiquette die een Franse president in acht dient te nemen. Met name in de linkse media lijkt de neiging onweerstaanbaar Chirac neer te zetten als die aardige vent van om de hoek. Een boertje van buten ('un gars de campagne'), schreef Le Canard Enchaîné in het dossier over twee jaar president Chirac. Iemand die het liefst voor de camera koeien op hun kont slaat en die altijd uren te lang blijft hangen op de jaarlijkse landbouwbeurs in Parijs. Niet passend voor de eerste burger van het land dat de rechten van de mens uitvond.

IN HET BIJZONDER in het eerste jaar van zijn presidentschap heeft Chirac enthousiast over door hemzelf geplaatste hindernissen gesprongen. Even opfrissen: de nucleaire proeven werden hervat, Italië was Europa niet waard, Nederland weinig meer dan een narco-staat. Zijn tournee in het Midden-Oosten begon met liefkozingen voor de Syrische dictator Assad en werd bekroond met de presidentiële woede tegenover een Israëlische onderofficier. Niet dat de Fransen hem deze sprongen erg nadragen. Chirac blijft 'sympa'. Maar een echte president is hij ook na twee jaar niet.

Wie niet goed oplet, zou misschien denken dat Chirac een slappeling is. Dat hij zich zo verschrikkelijk door Balladur liet beetnemen, heeft iets onnozels. Net als de omgang met zijn dochter Claude. Hij belt de hele dag met haar en laat zich van kleding tot de inhoud van zijn redevoeringen en de selectie van televisie-interviewers raden door Claude. In zijn denken is hij maandag een radicaal-socialist en dinsdag een rechts-radicaal; Chirac is vol overtuiging, maar meestal is het de overtuiging van zijn vorige gesprekspartner.

Een hooggeplaatst persoon over de verkiezing van president Chirac, geciteerd in het dossier van Canard Enchaîné: 'De selectiemachine was geblokkeerd. Links verkeerde aan het eind van zijn Latijn na veertien jaar mitterrandisme, Balladur voerde een rampzalige campagne, Barre, Giscard en Delors lieten het afweten; Chirac is gekozen bij gebrek aan beter. Chirac is een bedoeïen die de lotto heeft gewonnen.'

Toch is Chirac beslist niet de naïeveling waarvoor hij bij de Guignols - de invloedrijke Franse variant van het Britse televisieprogramma Spitting Image - wordt versleten. Mitterrand was een doorgewinterde cynicus, Chirac is anders cynisch, maar niet minder. Achter de met royale hand rondgestrooide toezeggingen waarover Kohl zich zorgen maakte, gaat de spreuk schuil dat 'beloftes alleen bindend zijn voor degene aan wie ze zijn gedaan'. Actueel voorbeeld, aangehaald in Le roman d'un président: 'Ik zal de Assemblée Nationale niet ontbinden.'

Jacques Chirac was de zoon van een radicale onderwijzer uit een familie zonder geld en zonder banden met de kerk. Ambities waren er daarentegen in overvloed. Hij studeerde na de oorlog aan de Ecole Nationale d'Administration, waar de bestuurlijke en politieke elite wordt gekneed. Hij maakte Bernadette Chodron de Courcel het hof, een meisje uit een geslacht dat zijn adel dankte aan Napoleon III. Over politiek werd bij haar thuis niet gesproken, wel over het leger en de diplomatie. De lange druktemaker maakte bij schoonvader weinig enthousiasme los: misschien dat er een ministerschap in zat, meer niet.

Chirac werd ontdekt door president Pompidou toen hij zich weerde in de onderhandelingen met de opstandelingen van mei 1968. Hij trouwde niet alleen omhoog, binnen de gaullistische partij werkt hij zich met een tomeloze energie naar boven tot hij begin jaren zeventig door de toenmalige president Giscard D'Estaing werd benoemd tot premier en hij vervolgens in 1977 het burgemeesterschap van de stad Parijs veroverde - het begin van 'het RPR-systeem van Parijs' en de springplank voor het presidentschap.

Mitterrand was een meester in het heersen door te verdelen; Chirac werkt anders. Hij beloont liever verleende diensten, en tussen 1977 en 1985 beschikte hij over een bijna onuitputtelijke bron waaraan een ruime vriendenkring zich kon laven: de stad Parijs, met veertigduizend ambtenaren en het budget van een middelgroot ministerie.

Aanvankelijk werkte Chirac, schrijft Philippe Madelin in Le clan des chiraquiens, met een politieke structuur die hij had overgenomen van wijlen president Pompidou. 'Het oude netwerk van de archeo-gaullisten, de verzetslieden, de 70-jarigen van de RPF uit 1947. Bijna met pensioen, maar ze zijn altijd gevolgd. Langzamerhand is Chirac die eerste generatie gaan vervangen door zijn eigen mensen.'

Zijn eigen mensen: mannen die hij kent uit de Corrèze, het departement dat hij in de Assemblée vertegenwoordigde; vertrouwelingen als Jean Tiberi, die hem in de Parijse politiek een kontje gaf en daarvoor later werd beloond met het burgemeesterschap, jongeren uit de stadhuishiërarchie als Alain Juppé (nu premier) of Jacques Toubon (nu minister van Justitie). Acht ministers in de huidige regering zijn afkomstig uit het apparaat van Parijs.

Zijn getrouwen bond hij aan zich door een ware regen van prebenden: 46 adjunct-burgemeesters liepen er op een gegeven moment rond, met auto en chauffeur, riant salaris en ruim kantoor ten stadhuize. Zelf deed Chirac weinig tot niets aan het bestuur van de hoofdstad, dat hij aan de charmante Tiberi overliet. Voor Chirac betekende Parijs een machine die gunsten produceerde, en een etalage om op gelijke voet met de president van de Republiek staatshoofden te ontvangen en met regelmaat op televisie te verschijnen.

Chirac was als burgemeester populair, zeker bij zijn personeel. Geen hogere eer dan een foto aan de zijde van de burgemeester en zijn echtgenote Bernadette. Het RPR-systeem werd verder verstevigd, toen de rechtse regering in 1986 onder regie van minister Charles Pasqua een herverdeling van de kiesdistricten doorvoerde. De linkse wijken van de hoofdstad werden zodanig versneden dat een permanente meerderheid van rechts bijna verzekerd was.

Bij de daaropvolgende gemeenteraadsverkiezingen won Chiracs RPR alle twintig arrondissementen van de hoofdstad. Madelin, in zijn boek: 'Parijs onder Chirac, dat is een vorm van gereduceerde democratie, een bananenrepubliek, een absoluut presidentschap, een Latijns-Amerikaanse republiek waar de democratie op z'n minst tekortschiet zo niet onbekend is, maar (gelukkig) geregeerd door een echte democraat.'

Die laatste bijzin lijkt, gezien de litanie die eraan voorafgaat, strijdig met de rest, en dat is zacht uitgedrukt. Tegelijk is hij veelzeggend over de mengeling van verontwaardiging en heimelijke bewondering waarmee Fransen hun rot-Chirac bejegenen.

En Chirac niet alleen, want elke nieuwe onthulling over Mitterrand krijgt ook die merkwaardige ontvangst alsof hun Pietje Bell weer een streek blijkt te hebben uitgehaald - wat een rekel was het toch. Er moet hier een populaire cultuur bestaan waarin iedereen die de almachtige staat te slim af is, kan rekenen op de sympathie van het volk. Arsène Lupin, gentleman-inbreker, was als hoofdpersoon van een reeks detectiveromans een Franse uitvinding en immens populair.

VORIGE WEEK was het presidentschap van Chirac twee jaar onderweg. De balans dreigt vooral voor het systeem-Chirac uit te draaien op een formidabel echec van corruptie-affaires, kopen van stemmen in hele arrondissementen, uitdelen van gemeentewoningen aan topambtenaren of aan trouwe RPR-kiezers, gunnen van publieke werken aan bevriende en/of smeergeld betalende bedrijven. Een van de rechters-commissarissen die zich met het systeem-RPR bezighouden, durft alleen nog met een paar bodyguards over straat.

Wie Péril sur la Chiraquie leest, een feuilleton van onthullingen over kleinere en grotere krabbelaars uit de stal van de president, samengesteld door Alain Guédé en Hervé Liffran, twee journalisten die ook al voor de Canard Enchaîné werken, valt van de ene verbazing in de andere.

Hoe kan Chirac nog zo rustig op zijn troon zitten? Het antwoord op die vraag luidt dat het affairisme vooral de huidige Parijse burgemeester Tiberi wordt aangerekend, over wie steeds luider wordt geroepen dat hij binnenkort moet inrukken. De gepommadeerde slapen van Chirac zijn omgeven met het aureool van een Frans staatshoofd. Zoals hoofdredacteur Serge July van het dagblad Libération laatst wanhopig schreef: we hebben hier Watergate tot de derde macht, en niemand ligt er wakker van.

Martin Sommer

Nicholas Domenach & Maurice Szafran: Le roman d'un président.

Plon, import Nilsson & Lamm; 320 pagina's; ¿ 51,25.

ISBN 2 259 18018 3.

Alain Guédé & Hervé Liffran: Péril sur la Chiraquie.

Stock, import Nilsson & Lamm; 335 pagina's; ¿ 53,30.

ISBN 2 234 04699 8.

Philippe Madelin: Le clan des chiraquiens.

Seuil, import Nilsson & Lamm; 335 pagina's; ¿ 49,20.

ISBN 2 020 31911 X.

2 ans déjà! Et quel bilan!

Les dossiers du Canard Enchaîné; 98 pagina's; omstreeks ¿ 13,-.

Meer over