Commentaar

Een nieuwe Koude Oorlog? Nee, bedankt

Het Westen moet eensgezind blijven jegens Rusland, maar tegelijkertijd de dialoog intensiveren, ook binnen de NAVO-Rusland Raad.

Arnout Brouwers
Secretaris-generaal van de NAVO Jens Stoltenberg. Beeld anp
Secretaris-generaal van de NAVO Jens Stoltenberg.Beeld anp

De aankomende NAVO-top in Warschau markeert de nieuwe relatie tussen westerse landen en Rusland na de annexatie van de Krim en de oorlog in Oost-Oekraïne: de kerntaak van het bondgenootschap, de bescherming van het NAVO-grondgebied, is weer afgestoft en wordt ingevuld door meer materieel te plaatsen in Oost-Europa, door regelmatiger oefeningen aldaar, en de organisatie van een snelle(re) reactiemacht.

Het valt in het niet bij de annexatie van de Krim, de oorlog in Oost-Oekraïne, Ruslands nucleaire dreigementen en de frequente door Russische jagers uitgelokte 'bijna-incidenten' - maar dat is niet verwonderlijk. Waar Russische leiders voor binnenlandse consumptie bewust de internationale spanningen opklopten, zit in het Westen niemand te wachten op een confrontatie met Moskou. Problemen genoeg elders. De NAVO-stappen zijn behalve ter afschrikking dan ook vooral bedoeld als geruststelling voor bezorgde Balten en Polen. Koude Oorlog? Nee, dank u.

De Noorse NAVO-chef Stoltenberg put zich uit in verklaringen waarin hij pleit voor dialoog met Rusland, een sentiment dat het terecht, zij het tegen de zin van sommige Oost-Europese bondgenoten, heeft gewonnen binnen de NAVO. Vandaar ook dat na de top in Warschau ook de NAVO-Rusland Raad, het belangrijkste forum voor veiligheidsoverleg tussen de bondgenoten en Rusland bijeen zal komen. Met instemming van president Poetin.

Ook Rusland voelt wel voor een verbetering van de relaties. Moskou wil van de sancties af. De annexatie van de Krim was populair in Rusland maar het was, samen met inperkingen van vrijheden thuis en bulderende staatspropaganda, ook een afslag in de richting van een onvoorspelbaar Russisch nationalisme - in en buiten de grenzen.

Daarvoor betaalt Rusland een politieke prijs (in Oekraïne, maar ook het wantrouwen van Wit-Rusland en Kazachstan jegens Moskou is groter dan ooit) en een economische. De ondoelmatige, corrupte economie levert samen met lage olieprijzen en westerse sancties een dagelijks hoofdgerecht op dat vooral bestaat uit vaderlandsliefde.

En dus stuurt het Kremlin dubbele boodschappen: Finland krijgt dreigementen voor zijn flirt met de NAVO, maar tegelijk belooft Poetin juist de Finse premier om de rust in het Balticum te laten weerkeren.

Het sanctiefront brokkelt geleidelijk af - niet alleen onder Duitse sociaaldemocraten en industriëlen, maar ook onder Italianen en Grieken die hun ogen, liever op het oosten richten dan op de eigen staatsschuld. Dat is niet de weg. Westerse landen moeten zich niet tegen elkaar uit laten spelen. De sancties zijn gerelateerd aan pacificatie van Oost-Oekraïne, waar nog dagelijks doden vallen. Wie agressie in Europa beloont, lokt nieuwe avonturen uit.

Wel moeten westerse landen een Russisch gehoor duidelijk blijven maken dat samenwerking op basis van internationaal aanvaarde beginselen welkom is. Rusland heeft zichzelf overtuigd, althans op televisie, dat het omsingeld is door vijanden. Daarvan afkicken wordt vooral een Russische uitdaging. Ondertussen moet de NAVO voorzorgsmaatregelen nemen, maar ervoor waken olie op het vuur te gooien. Oorlogstaal hoeft niet met oorlogstaal beantwoord te worden. Dat is iets dat de Noren, oude buren van Rusland, als geen ander begrijpen.

Meer over