Eén liter benzine in Saoedi Arabië: 14 eurocent

In Saoedi Arabië kost een liter benzine amper meer dan een liter water in de supermarkt. Maar de tijd van oneindige energievoorraden is voorbij. De consumptie bereikt de grenzen van het aanbod.

Jeroen Trommelen
Saoedische jongeren doen een stunt in Tabuk, Saoedi Arabië, 2014. Beeld Reuters
Saoedische jongeren doen een stunt in Tabuk, Saoedi Arabië, 2014.Beeld Reuters

Miljoenen airco's, onzuinige auto's en zelfs de Ramadan jagen de energieconsumptie in Saoedi Arabië deze maand flink omhoog. Met een buitentemperatuur van gemiddeld 45 graden is koeling altijd al de grootste energieslurper. Zelfs in normale zomermaanden gebruikt Saoedi Arabië bijna 800 duizend vaten olie per dag om haar elektriciteitscentrales gaande te houden. Tijdens de vastenperiode, als het leven zich verplaatst naar de avond en nacht, blijven de airco's langer op volle toeren draaien en stijgt het oliegebruik met nog eens 100 duizend vaten per dag.

Wat Saoedi Arabië tijdens de Ramadan dagelijks aan olie gebruikt om stroom te produceren, is eenderde méér dan de extra plas olie die Iran op de markt brengt vanwege het aflopen van de sancties tegen dat land.

Geen enkel ander land gebruikt zo veel ruwe olie voor haar stroomproductie als Saoedi Arabië. De reden daarvoor is minder logisch dan hij lijkt. De Saoediërs zitten weliswaar op een van de grootste olievoorraden ter wereld, maar de meeste andere Arabische landen hebben hun stroomproductie op zijn minst deels omgeschakeld op gas. Ook dat is volop voorhanden en goedkoop, en het is minder belastend voor milieu en klimaat.

Erfenissen van zorgeloze tijden

Mede dankzij overheidssubsidies kost stroom voor kleingebruikers in Saoedi Arabië slechts 1,2 eurocent per kilowattuur (Nederland: 21 cent). Een liter benzine aan de pomp kost 14 eurocent; nauwelijks meer dan een liter water in de supermarkt. Alleen in Venezuela en Libië, twee andere OPEC-landen met brandstofsubsidies, is de benzine nog goedkoper. Het zijn erfenissen van zorgeloze tijden waarin de energievoorraad oneindig leek.

Maar het eigen olie- en gasgebruik van Arabische landen wordt een probleem. Nu al gebruikt Saoedi Arabië een kwart van de olie die het produceert. Als de binnenlandse behoefte in dit tempo blijft stijgen, zou het over vijftien jaar zelfs olie moeten gaan importeren. Hetzelfde geldt voor andere Arabische olieproducenten, bleek eerder dit jaar uit een studie van de organisatie van Arabische olie-exporteurs, Organization of Arab Petroleum Exporting Countries (OAPEC).

De bevolking in Arabische landen, inclusief die in Noord- en Oost-Afrika, groeit sneller dan gemiddeld. En in de rijkste Arabische landen wordt geïnvesteerd in grote projecten die de energiebehoefte verder aanjagen. In het huidige tempo zouden de landen binnen twintig jaar de grenzen van hun groei bereiken. In 2012 gebruikten de Arabische landen samen 13,7 miljoen vaten olie per dag, wat volgens de prognose in 2035 zal groeien naar 24,3 miljoen vaten. Dat is méér dan de gezamenlijke huidige olieproductie van 22,8 miljoen vaten per dag.

Energiebesparing

Volgens het Internationaal Energie Agentschap IEA zijn Arabische landen grote vervuilers op klimaatgebied. Dankzij Saoedi Arabië, Qatar en Koeweit is de uitstoot van broeikasgas in het Midden-Oosten per inwoner 75 procent hoger dan van de gemiddelde aardbewoner. En ondanks allerlei beloften, wordt er vanwege de hogere kosten nog nauwelijks geïnvesteerd in zonne- en windenergie.

In plaats daarvan zet Saoedi Arabië in op energiebesparing. Nieuwe gebouwen moeten beter worden geïsoleerd tegen de hitte. Voor huishoudelijke apparaten geldt sinds 2014 een energielabel en er komen standaarden voor CO2-uitstoot voor auto's. Doel is om de binnenlandse energieconsumptie in 2030 met eenderde te verminderen.

Meer over