Een laan vol weldenkende mensen, net als nu. En toen oorlog

Wat je kunt ontdekken als je een oorlogsboek over je straat schrijft.

Richard Mouw in zijn straat. Beeld
Richard Mouw in zijn straat.Beeld

Richard Mouw, vermogensbeheerder van beroep, schreef in eigen beheer een oorlogsboek. Dit zie je de laatste tijd vaker. Weinig betere manieren ook om de Tweede Wereldoorlog nog als nieuw te herdenken.

Richard Mouw ontdekte braakliggend terrein: zijn eigen straat. Dat werd zijn kleine geschiedenis De Laan uit. Een Gooise wijk in crisis en oorlog. Ik dacht hier een nieuw genre te hebben ontdekt, maar Ad van Liempt, auteur van een reeks oorlogsboeken en bedenker van het tv-programma Andere Tijden, was me zaterdag in de boekenbijlage van deze krant net voor (+). Hij had zijn verhaal over microgeschiedenissen door amateurs juist ingeleverd, toen ik hem zonder dat te weten belde over Richard Mouw. 'Daar begint mijn verhaal mee', zei Ad van Liempt. 'Want de amateurs nemen het geschiedschrijven nu wel over, maar het boek van Mouw is bovengemiddeld, hoor.'

Dat leek mij ook. De meeste amateuroorlogsboeken gaan over familiegeschiedenissen, maar Mouw verplaatst zich juist ouderwets en diepgaand in anderen. Erg opbeurend, in tijden van Facebook, uw bubbel en de grote populariteit van de in eigen beheer uitgegeven autobiografie (+). Daarom had ik Richard Mouw (58) al thuis opgezocht, in het Oranje Nassaupark in Naarden, een statige wijk met gewilde jarendertig-villa's. Hij woont er in de Graaf Willem de Oudelaan: Een 'keurige-mensenstraat', noemt hij het zelf.

Een vermogensbeheerder dus. Twee jaar geleden zei hij zijn vorige baan op voor een betere. Toen ging die nieuwe baan onverwacht niet door en zat Richard werkloos in zijn mooie huis. Hij solliciteerde. 'Het láátste plan was wel een boek te schrijven over mijn eigen straat.'

De straat van Richard Mouw in de jaren '40. Beeld
De straat van Richard Mouw in de jaren '40.Beeld

Hoe begint zoiets dan opeens toch? Hij las graag oorlogsboeken. En een vriend vertelde over de Joodse familie Fonteyn die op nummer 19 woonde: een groothandelaar in rubberzolen, zijn vrouw, twee kinderen, alle vier gedeporteerd en vermoord in Sobibor. Dat was te lezen op de website Joodsmonument.nl. Richard vond daar meer Joodse bewoners uit zijn straat. In de Graaf Willem de Oudelaan woonden volgens de evacuatielijsten van 1942 op tien adressen Joden. Tweederde kon onderduiken. Bijna eenderde overleefde de oorlog niet.

'Maar in het boek Kopgeld van Ad van Liempt over Jodenjagers', zegt Richard Mouw, 'had ik gelezen dat de beruchte NSB'er Pieter Harmans hier toen óók woonde'. Dus toen hij eenmaal toch thuis zat, tikte Richard Mouw zijn straatnaam maar eens in bij het voor iedereen toegankelijke online archief Delpher, waarin eeuwen aan boeken, kranten en tijdschriften zijn gedigitaliseerd. Hij zag dat zijn straat in de oorlog werd bevolkt door Joden én volop NSB'ers. In het hele Gooi was de NSB populair, vooral in de villawijken, maar Naarden spande de kroon.

Richard Mouw vond talrijke veelzeggende details. Zoals de advertenties van de Joodse families die Joodse dienstmeisjes zochten toen het Joden werd verboden nog niet-Joods personeel te hebben. En de advertentie van prominent NSB-er Boudewijn Schipper (nummer 71) voor zijn bouwbedrijf in Volk en Vaderland. Schipper bouwde en verhuurde de meeste huizen aan de Willem de Oudelaan, wat het aantal NSB'ers deels verklaart.

Richard Mouw doorzocht ook het archief van Naarden, waar hij een schriftje vond waarin keurig is geregistreerd hoe alle Joden in 1942 uit hun huizen aan de Graaf Willem de Oudelaan zijn gehaald.

Alle feiten en foto's die hij boven water haalde vinden in zijn boek per huisnummer hun plaats. Zo zie je opeens hoe NSB-familie Hauser op nummer 17 aan beide zijden Joodse buren had: op nummer 19 de later in Sobibor vermoorde familie Fonteyn en op nummer 15 de familie Tabakspinder. De ouders zijn vermoord in Auschwitz. Eén volwassen dochter en haar gezin doken onder en overleefden. De andere dochter onderging gedwongen proeven in de Experimentenbarak van Auschwitz, overleeft het kamp, maar haar man niet.

null Beeld
Beeld

Ze waren een laan vol weldenkende mensen, zegt Richard Mouw, net als nu. En toen werd het oorlog. 'Als me iets gebleken is bij het schrijven van dit boek, dan wel dat oorlog de ultieme stresstest is, zoals we dat in de financiële wereld noemen. Je hele sociale omgeving gaat extreem gedrag vertonen. Je kunt nergens meer van op aan, ook niet van jezelf.'

Zelf had hij na een jaar een boek én een nieuwe baan. Bij zijn boekpresentatie in de synagoge van Bussum vroeg iemand: 'Wat zou u gedaan hebben voor onderduikers?' Richard Mouw zegt: 'Nu ik de oorlog van zo dichtbij heb bekeken, weet ik niet veel meer zeker.'

Als meer Nederlanders de microgeschiedenis van hun eigen straat zouden onderzoeken. Hoeveel wijzer je daarvan zou kunnen worden.

Meer over