EEN 'KLAPPER' VOOR WIM KOK

TOPSPORTERS, vindt iedereen, verdienen te veel. Een tennisser die op een lamlendig toernooitje na een paar rake klappen honderdduizend dollar incasseert, hoeft niet op mijn sympathie te rekenen....

Hoewel ikzelf in de laagste belastingschaal zit, hangt het niet van de hoogte van het salaris af of ik iemand aardig vind. Het gaat erom bij welke club hij speelt. Verder gun ik iedereen een 'klapper'. Joop Hiele ging van Feyenoord naar SVV (gesponsord door een tweedehands-autohandelaar), en ik vond het prachtig dat hij zijn Opel voor een Mercedes mocht inruilen. Dat is nou vooruitgang in sociaal-democratische zin.

Zo is het met Wim Kok ook gegaan. Zijn vakbonds-Ascona is ingewisseld voor een Duits topmerk met chauffeur. Zo hóórt het ook voor een premier, die overigens véél minder verdient dan de opperbazen van het GAK zichzelf toebedelen. Maar Kok hoeft, net als Ajax-speler Ronald de Boer, niet zielig te doen. Zij zitten in het hoogste belastingtarief, en wie daarin zit mag niet klagen.

De fout van de broertjes De Boer, die via hun handy's van de laatste beurskoersen op de hoogte worden gehouden, is dat zij dat wel hebben gedaan. Zij willen naar het laagste tarief. Daarmee gaven ze onze premier een kans voor open doel, die hij met kil nivelleerdersinstinct benutte.

De premier van alle Nederlanders verklaarde dat de maatschappij met profvoetballers geen medelijden hoeft te hebben, zeker niet met die uit de klasse-De Boer. Die kunnen immers naar het buitenland.

Natuurlijk verdienen voetballers geen voorkeursbehandeling. Toch wringt er iets. Zo regelen The Rolling Stones hun zaken niet via Monaco of Liechtenstein, maar via Amsterdam (en een Antilliaanse 'U-bocht'). Voor buitenlandse bedrijven is Nederland een belastingparadijs. In Duitsland klagen ze steen en been over de dumptarieven waarmee hun polderburen investeerders aantrekken. Nette Nederlandse burgers zuchten onder hoge belastingen. Maar etterige balkunstenaars als Romario en Ronaldo, die via inventieve constructies door Philips werden gefinancierd, vergasten we op het laagste tarief.

Dat is een - heimelijke - rechtsongelijkheid, waarbij de overheid aan onze beste talenten laat weten dat ze maar in het buitenland rijk moeten worden. Alleen geprivilegieerde buitenlanders mogen hier fortuin vergaren. Het kan zijn dat dit sociaal-democratisch is. Maar vanwege de Europese binnenmarkt en de komst van de euro - waar Kok erg vóór is - ontaardt ons hoogste belastingtarief in een ordinaire ressentimentstax, waarmee Nederland zichzelf uit de markt prijst.

Met zijn kritiek op premier Kok had Ronald de Boer (die in schoonvader Cohen over een nieuwe Cor Coster beschikt) groot gelijk, en liep hij vooruit op een Europese werkelijkheid die in het internationale voetbal allang is ingetreden. Dat geldt zeker sinds het Europese Hof het transfersysteem voor voetballers rechtsongeldig heeft verklaard. Dat was een aantasting van de autonomie van de nationale voetbalbonden en van de UEFA, die ten koste is gegaan van de zwakste partij - de modale fans in de modale voetballanden.

In de praktijk fungeerde het Nederlandse transfersysteem als een - billijke - vorm van herverdeling tussen de rijke en de arme clubs. Het compenseerde bescheiden clubs voor de opleiding van hun spelers, en hield de macht van de 'vedetten' enigszins binnen de perken. Het transfersysteem was juist een rem op de als 'onethisch' ervaren mensenhandel, en maakte het voor de spelers minder makkelijk van club te wisselen. Dat was een supportersbelang, dat door het kille Europese Hof is genegeerd.

Nu het transfersysteem is afgeschaft, zijn de beste spelers een nóg gemakkelijker prooi voor de rijke Europese topclubs (waarmee ook Ajax, opgesloten in een modale competitie, niet kan concurreren). De gevolgen waren voorspelbaar. AC Milan kon zijn reservebank versterken met vier Ajacieden, waarvoor niks is betaald. Inmiddels zijn er daarvan alweer drie verkocht, met een winst van dertig miljoen (als spelers onder contract staan, mogen er wel transferbedragen worden berekend).

We moeten de broertjes De Boer dankbaar zijn dat ze - vooralsnog - voor minder dan tweeënhalf miljoen netto in Nederland willen spelen. Dat getuigt van bijna irreële clubliefde, waarvan onze fiscus reëel meeprofiteert.

Als liefhebber van bikkelhard werkvoetbal kan ik er niet rouwig om zijn als Ajax aan het eind van het seizoen leegloopt. En net als alle modale Nederlanders die voor vijf tientjes méér van baas verwisselen, droom ik wel eens van een mediterrane 'klapper'. Niemand zit hier op een Berlusconi te wachten, zoveel verbeelding hebben we niet. Maar een - gratis - transfer van onze 'Ajacied' Wim Kok naar Italië lijkt mij de perfecte realisatie van de Europese gedachte.

Meer over