Een keiharde leerschool voor NK-debutant Van Erp

Sinds jaar en dag verzamelen zich de beste zestien driebanders van Nederland in Veghel voor hun 'Masters', het toernooi om de nationale titel....

Het moet wel bijzonder vreemd lopen als Jaspers zondagmiddag de speelzaal van De Blauwe Kei met lege handen verlaat. Dat beseft ook Jean van Erp, vanmiddag tegenstander van Jaspers in groep C, ook al is hij een van de (weinige) grote talenten die in het Nederlandse driebandenwereldje rondloopt. Maar de klasse van Jaspers, die zijn eerste partij in recordtempo - vijf kwartier - wint met een moyenne van 2.500, ontbeert hij.

Van Erp woont op fietsafstand van de speelzaal, in Heeswijk-Dinther, zeven kilometer verderop gelegen in het Brabantse land. Wat dat betreft past hij goed in de 'Sweet Sixteen' van het NK. Liefst dertien biljarters zijn uit deze provincie afkomstig.

Maar Van Erp is wel een buitenbeentje. Hij debuteert op dit niveau, is met clubgenoot Van Cromvoirt van Melody Amber de enige speler die niet in de eredivisie uitkomt en vooral: hij is veruit de jongste (27) van het hele stel.

Weinig te verliezen en veel te leren is het motto van Jean van Erp, geen familie van de ex-baas van de BWA-profgroep Cor van Erp, tijdens dit NK. Hij heeft een zware poule getroffen, want behalve tegen Jaspers moet hij opboksen tegen de subtoppers Henk Habraken en Arie Weijenburg. Van Erp is echter niet bang voor een afgang. 'Ik ben elfde geworden op de ranglijst dit jaar. Dat heeft me veel zelfvertrouwen gegeven.'

De distributiemedewerker bij V & D in Sint Oedenrode maakt al geruime tijd deel uit van de Biljartacademie, zeg maar Jong Oranje, dat onder leiding staat van Christ van der Smissen. De wijze lessen, ook en misschien wel juist op psychologisch terrein, van de oud-topper en van technisch directeur Ton Smilde hebben hun vruchten afgeworpen. Van Erp loopt zelfverzekerd rond in Veghel en maakt een veel minder timide indruk dan een paar jaar geleden.

Van Erp komt uit een biljartnest. Zijn ouders hebben een cafe in Heeswijk. Jean kreeg van vader Jan al snel een keu in zijn knuisten gedrukt, driebanden doet hij echter pas sedert een jaar of acht. Hij krijgt onder meer les van de Belgische matador Ludo Dielis. Een frequent bezoeker van het etablissement van de Van Erps in Heeswijk ontpopt zich tot een soort mentor. Van hem leert kleine Jean de eerste fijne kneepjes van het spel. Zijn naam: Henk Habraken.

En laat Habraken nu net Van Erps eerste tegenstander zijn donderdagavond. Hij spreekt vooraf vol bewondering over deze 'oude rot', die gemakkelijk zijn vader had kunnen zijn. Zó groot is zijn respect dat hij 'ik weet niet hoe lang al' lid is van de vrij grote Habraken-fanclub, die zich uiteraard donderdagavond in De Blauwe Kei meldt. Evenals de aanhangers van Van Erp trouwens.

Met name die laatste groep, zowaar met toeters uitgerust, brengt wat leven in deze vaak saaie sport. Aan de tafel - voor het eerst wordt in Veghel gespeeld op de Dick Jaspers-biljarts made by Eureka - is van enige animositeit tussen idool en supporter evenwel weinig te merken. Wel opvallend is het handschoentje van beiden. Het verschil: Habraken draagt het aan zijn rechterhand, Van Erp om zijn linker.

Spannend is het duel zeker. In de eerste set laten beiden een aantal setpunten liggen en wint Habraken met 15-14. In de tweede set, Dielis heeft zich dan onder de toeschouwers geschaard, wordt het 15-14 voor Van Erp. Maar dan is het sprookje uit. Habraken wint de derde en vierde set.

Jean van Erp heeft de eerste dag erop zitten. Hij is zeker niet afgegaan. En hij heeft zeer veel geleerd.

Meer over