Een goed geverfde kop is niet lelijk

Sikjes als stalen spijkers, hanenkammen in alle kleuren: het is met al die trendy types die zich deze dagen bij het WK voetbal tussen de lijnen laten posteren misschien wat moeilijk voorstelbaar, maar er is een tijd geweest waarin beroepsvoetballers zich allesbehalve modieus gedroegen....

Achteraf lijkt de langharige generatie profs die Nederland in 1974 vertegenwoordigde nog wel een soort van hip en vrijgevochten, maar in het licht van die tijd was hun kapsel nou niet echt vooruitstrevend te noemen. Nog beter voorbeeld: de gouden groep die Nederland in 1988 aan de Europese titel hielp. Gullit en Wouters, Rijkaard en Van Aerle: allemaal aan de snor, die er pas werd afgehaald toen zelfs de modale legerofficier zich niet meer met zo'n ding durfde te vertonen (toenmalig linksachter Adri van Tiggelen draagt hem nu waarschijnlijk nóg).

Maar goed, de tijden zijn veranderd. Sinds David Ginola, Franse speler in Engelse dienst, midden jaren negentig in een shampooreclame de mooie jongen mocht uithangen en het nuffige Italiaanse team zichzelf presenteert als wandelende reclame voor alles wat mooi en goed is (scherp gesneden kleertjes, lekkere luchtjes, piekfijn gekamde haartjes), enfin - sinds die tijd is de beroepsvoetballer zich steeds vaker gaan vertonen in de frontlijn van de mode.

Nu elk elftal op het WK minstens eenmaal aan de bak is geweest, is het hoog tijd om de balans op te maken. Laten we toch eerst maar beginnen met de prijs voor de minste fantasie, die gaat naar de teams van Polen en China. Zo'n samenballing van saaiheid en degelijkheid: geen wonder dat ze allebei hun eerste partij dik verloren. Individuele onderscheiding in dezelfde categorie: de Argentijnse middenvelder Juan Veron, die vier jaar geleden nog goede sier maakte met zijn kale kneiter en zo'n baardje dat in de voetbalkantine 'pratende kut' wordt genoemd. Kan niet meer, die combinatie.

Ook de paardenstaart, in zijn beroerdste vorm ooit vertegenwoordigd op het achterhoofd van de Italiaan Roberto Baggio, lijkt op zijn retour. Placente (Argentinië) heeft hem vorige week nog ijlings afgeschoren, zoals het hoort. Zijn collega Agoos (Verenigde Staten), net een cowboy die aan line dance doet, zou dat voorbeeld moeten volgen. Diens eigen doelpunt tegen Portugal kwam voor de kenners niet als verrassing. In hetzelfde duel liet de Portugese verdediger Cauto met zijn achterbuurtcoupe zien dat lang haar ook niet altijd mooi hoeft te wezen.

Waar moeten we het dan wel zoeken? Een goed geverfde kop is niet lelijk - kijk naar Diouf (Senegal), Cissé (Frankrijk) of Tchato (Kameroen), wiens hoofd lijkt bevuild door een zieke zeemeeuw. Eenvoudige klasse: het roodgeverfde haar van de Japanner Toda. Ook simpel en effectief: het geblondeerde hoofd van zijn ploeggenoot Inamoto, die in Japans eerste wedstrijd uiteraard scoorde.

Met een rode streep in zijn haar moet de Zweed Ljungberg, die al geruime tijd meespeelt in de eredivisie van de kapsels, nog hoge ogen gaan gooien. Zijn haardracht lijkt de basis voor de 'leguanenkam' van David Beckham, die zijn peperdure coupe tot de eerste wedstrijd van Engeland angstvallig verborgen hield onder een muts. Ook uit de hanenkam-hogeschool: de griezelige streep van Christian Ziege (Duitsland).

Absolute toppers tijdens dit WK: de Nigerianen Sodje en West. Sodje is in het bezit van een sik die er uitziet als een draadnagel. West heeft twee knotjes op zijn hoofd die het midden houden tussen duivelshoorns en ondermaatse Mickey Mouse-oren. Wordt dit duo nog ingehaald? Drie weken te gaan. Het kan allemaal anders, er zijn nog kansen genoeg. Zelfs Zidane heeft nog even om iets leuks te maken van de tonsuur die hem het uiterlijk geeft van een monnik op leeftijd.

Meer over