Een boerderij? Met stenen vloer? Kun je daarin wonen?

Bij vertrek naar het Brabantse dorp Dussen denkt Henk (11) aan gevaarlijke, loslopende zwijnen. Hij heeft een natuurweekeinde met Haagse jongeren uit een volkswijk....

Ruth (11) gelooft daar niets van. 'Dat zegt u alleen maar om ons bang te maken.' Zij heeft 700 euro gewonnen met een prijsvraag van de gemeente, waardoor ze met achttien wijkgenoten een nachtje op een boerderij in Dussen kan verblijven. De organisatie is in handen van de Kinderwinkel, een kerkelijk project in Moerwijk dat kinderen na schooltijd opvangt.

Het gezelschap dat om negen uur klaarstaat voor vertrek is kleurrijk. Antillianen, Surinamers, Marokkanen, Koerden en autochtonen met een volkse inslag. 'Precies zoals ook de buurt eruit ziet', zegt Sofie Govaert, medewerkster van de Kinderwinkel. Veel van de kinderen hebben kleine tot grote problemen, zegt ze.

De jonge reizigers zijn nerveus en schreeuwerig. 'Juf, we hadden tien minuten geleden al moeten vertrekken', klinkt steevast vanuit de groep. 'Nu zijn we al twaalf minuten te laat.' Henk (11) maakt zich zorgen over 'al die loslopende zwijnen die je opeten'. Of hij weet wat een appelschuur is? 'Een gebouw dat is gemaakt van appels volgens mijn moeder.' Meer kennis over het platteland heeft hij niet.

Sommige tieners steken voor het eerst in hun leven de Haagse stadsgrens over. De bedoeling is om ze te laten genieten van de natuur. Mobiele telefoons en alles wat op elektronica lijkt, staan op de verboden lijst. En regels zijn regels, volgens de leiding. De eerste rinkelende telefoon verdwijnt resoluut in de handtas van Govaert. 'Die krijg je zondag weer terug.'

Bij aankomst krijgt Mouchine (13) leiding over de bagage. De anderen verbazen zich over het uiterlijk van de boerderij. 'Is dit een huis? Hierin kan je niet wonen.' Vooral de stenen vloer en de houtkachel maken indruk. Mouchine is niet onder de indruk. Hij kent de weg, want vorig jaar was hij ook mee het jaarlijkse uitje van de Kinderwinkel dat toen voor een groot deel door de kerk werd betaald. De kleine geitjes bij Govaerts ouders, die in Dussen wonen, zijn hem vooral bijgebleven.

'Mouchine zag toen voor het eerst dat melk niet uit de fabriek komt', zegt Rik Pronk. Naast zijn fulltime baan werkt hij werkt zestien uur per week vrijwillig bij de Kinderclub die acht jaar geleden is opgericht om banden tussen kerk, school en buurt te verbeteren. De Kinderwinkel heeft een huiswerkgroep, breakedanceclub en sinds kort een restaurant waar tieners voor 5 euro een maaltijd bereiden. Daarnaast wordt er gesport.

Zo ook op het weekendje weg. De tieners survivallen twee uur in de Kurenpolder, een recreatiegebied bij de Biesbosch. 'Het is zo koud', klaagt Damian (11). Maar hij geeft niet op. Hij schiet in de roos met boogschieten en neemt de stormbaan, ook al schuurt het touw zijn handen. Geen van de kinderen bezit regenkleding. 'Ze gaan bijna nooit kamperen', legt Pronk uit.

Uitkomst bieden de vuilniszakken, die worden verknipt tot regenjassen. Al wil eerst niemand 'voor lul lopen', zodra de eerste jongen het ding aantrekt, volgt ook de rest. 'Je wordt hier wel vies', klaagt Redouan (12), die een uurtje later aan de modder gewend is geraakt en stoeit in een grote hoop zand.

Het hele weekend worden de tieners door vrijwilligers en Govaerts vrienden en familie vermaakt. De kinderen eten, luisteren naar griezelverhalen, eten weer, volgen 's avonds een speurtocht door het weiland, slapen en krijgen yogales.

Maar het hoogtepunt is zondag, als de stadse tieners het moeten opnemen tegen voetbalclub Dussense Boys. 'Het zijn allemaal zwartjes', roepen drie Brabantse jongens. Toch verloopt de rest van de wedstrijd (16-0 voor de thuisclub) rustig. Maar Ruth is verbaasd. 'Juf u had toch gelijk! Ze kennen hier geen allochtonen.'

Meer over