Een bescheiden genie met buitenissige denkbeelden

De onderhandelingen zijn nog in volle gang, maar de tijd dringt voor de finale match die de wereldkampioen dammen van 1995 moet aanwijzen....

ROELF RIDDERIKHOFF

WIE HEM ZO ziet zou niet zeggen dat daar een bijzonder iemand gaat. Onopvallend zoekt hij zijn weg. Bescheiden, rustig, zonder de aandacht op zich te vestigen, noch in kledij, noch in gedrag. En toch is Alexei Tsjizjov een bijzonder fenomeen, misschien wel een genie. In elk geval de succesrijkste levende dammer. Zesvoudig ex-wereldkampioen, alle mondiale titels die hij bij de jeugd en als sneldammer veroverde nog buiten beschouwing gelaten.

De jonge Rus (31) mag wars zijn van uiterlijk vertoon, achter het bord is hij een brok wilskracht, waarop zelfs de damtsaren Ton Sijbrands en Harm Wiersma hun tanden hebben stuk gebeten. Dat hij in december '94 zijn hegemonie tijdens het WK-toernooi verspeelde, zint hem in het geheel niet. Hij is dan ook vast van plan de titel in de match tegen regerend wereldkampioen Guntis Valneris uit Letland te heroveren.

'Zeven is een mooi getal', zegt hij in vrijwel perfect, maar helaas beknopt Nederlands. Tsjizjov is een man van weinig woorden en veel talenten. Naar verluidt leerde hij de taal uit de bestudering van de analyses van Sijbrands, maar zelf doet hij dat af met de opmerking dat hij al veertig keer in Nederland is geweest.

De laatste maal was in januari voor het tweede deel van zijn tweekamp tegen Baljakin met als inzet het recht om Valneris uit te dagen. Tsjizjov won met ogenschijnlijk gemak: 3-0, maar hij geeft grif toe dat die cijfers geflatteerd zijn. 'Baljakin is heel goed. De enige van de Russische spelers die veel sterker is geworden. Het was de zwaarste tweekamp uit mijn loopbaan. 21 Partijen. Maar ik wilde gewoon niet verliezen. Als je in een match niet verliest, win je.'

Er werd volgens het nieuwe setsysteem gespeeld, met dien verstande dat bij een gelijke stand na iedere set de spelers slechts een half uur bedenktijd per partij toebedeeld kregen. En dat gebeurde ook. 'Ik wilde tegen Baljakin wel sneldammen, maar alleen dat is niet voldoende. Je mag in de gewone partijen niet met klein bloed spelen. Ook in de gewone partijen moet er strijd zijn, anders ben je bij het sneldammen verloren.'

Toch omarmde hij juist tegen Baljakin de mogelijkheden die de versnelde barrages hem boden. Vooral in de derde set nam hij geen onnodige risico's in de reguliere partijen, gesteund door de 2-0 voorsprong en de wetenschap dat hij in Den Haag wederom de officieuze mondiale sneldamtitel had veroverd. En met succes. In het derde 'potje' van een half uur ging Baljakin tenslotte in de fout.

'Tegen Valneris in '91 was het heel anders. Heel gemakkelijk eigenlijk. Valneris was niet gewend aan matches. Dat duel was te vergelijken met de schaakmatch Kasparov tegen Short.

'Hij is voor mij nooit zo'n probleem geweest. Een sterke speler die in ingewikkelde standen met veel combinaties op zijn best is. Als dammer heeft hij de laatste jaren aan kracht gewonnen. Hij is realistischer geworden, maar speelt nog graag ingewikkelde partijen.'

Tsjizjov neigt tot het tegenovergestelde. Een klein voordeeltje vasthouden en uitbouwen. Net zo lang drukken tot de tegenstander instort. Een goed voorbeeld is de match die hij begin '94 tegen Wiersma speelde. Heel lang bleef de stand in evenwicht, maar gaandeweg de match nam Tsjizjov het initiatief.

'Belangrijk is het doorzien van mijn tegenspeler. Psychologie is heel belangrijk. Uit de zetten kan ik opmaken hoe mijn tegenstander zich voelt. Is hij bang of agressief. Ik heb vroeger veel psychologische portretten gemaakt. In toernooien is dat niet zo belangrijk, maar in matches wel.

'Het is voor mij niet nodig om die psychologie buiten het bord om te gebruiken. Slaan met deuren en dat soort dingen is tegen mijn filosofie. Buiten de partijen om ben ik vriendelijk. Wel ben ik tijdens de partijen helemaal geconcentreerd. Dat is een sterk punt van me. Ook is de klok altijd in mijn voordeel.'

Een ander verhaal is de voorbereiding. Terwijl andere topspelers het hele jaar bezig zijn hun kennis te verdiepen, beperkt Tsjizjov zich tot de periode voorafgaand aan de match.

'De voorbereiding moet thuis gebeuren. Normaal gesproken is twee maanden genoeg. Ik verzamel dan alle partijen van mijn tegenstander van de laatste vijftien jaar, zo'n duizend. Dan ga ik een maand analyseren, eerst gewoon naspelen om de progressie vast te stellen. Daarna neem ik de partijen met wit en die met zwart apart. Dan bekijk ik de eerste 20-25 zetten en tenslotte de openingen. Ik zoek vooral de standen die de tegenstander niet wil.'

Tsjizjov is een buitenbeentje in tal van opzichten. Zo houdt hij er een heel eigen filosofie op na, die geënt is op esotherische aangelegenheden. De Russische onderzoekers Gurdjieff en Ouspensky uit het eind van de vorige eeuw, begin deze eeuw hebben zijn belangstelling. Evenals de theosofe madame Blavatsky die in de vorige eeuw befaamd werd om haar buitenissige ideeën.

De wereld is volgens Tsjizjov samenhangend. Alles staat met elkaar in verband. Als voorbeeld noemt hij de aardbeving op het hoogtepunt van de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan om Nagorno Karabach. De natuur reageert op het menselijk handelen. Het past in de Gaia- en New Age-theorieën, die heden ten dage opgeld doen.

Maar van zweverigheid valt hij moeilijk te betichten. Hij is ingenieur, afgestudeerd in de hydrostatica. Wel past hij zich in zijn leefwijze aan zijn denkbeelden aan. Sinds drie jaar is hij vegetariër. Hij is getrouwd met een voormalige kunstrijdster die zich toelegt op de tarot. Hij ziet zichzelf als alternatief, een autodidact en een mysticus.

'Rusland is de brug tussen het materiële westen en het spirituele oosten. Geestelijke zaken spelen een belangrijke rol in ons denken. Hebben dat ook altijd gedaan. Zo is Zarathustra, de grondlegger van het oud-Perzische geloof (Parsisme - red.), afkomstig uit de omgeving van mijn woonplaats Izjevsk in de voor-Oeral. Ook Tsjaikovsky is er geboren.'

Dat hij de grote componist noemt is geen toeval. 'Ik ben sterk verbonden met muziek. Muziek is voor mij een bron van kracht. Met name 'industriële' muziek, avant garde, underground, folk, zoals Kraftwerk, Cabaret Voltaire, Captain Beefheart. Ik werk ook bij een muziekstudio, maar alleen wanneer het mij uitkomt. Ik wil ook zelf muziek maken. Keyboard vind ik een interessant instrument.'

De laatste jaren legt hij zich toe op computers en multimedia. Videokunst, digitale montage, kunstmatige intelligentie, internet, het kan niet op voor de veelzijdige Tsjizjov. Het damspel alleen vermag zijn leven niet bepalen, zoals het dat voor Ton Sijbrands doet. 'Je kunt toch niet altijd wereldkampioen blijven', grapt hij met een ondertoon van ernst.

VERDER SPEELT hij badminton, tafeltennis en voetbal. 'Badminton speel ik voor de conditie, tafeltennis omdat er nu eenmaal een tafel op onze damclub staat, en voetbal omdat iedereen voetbalt.' Zo eenvoudig is dat. Hij interesseert zich voor milieukwesties en vindt politiek van groot belang. Dat laatste noodgedwongen. 'Politiek in Rusland is belangrijk. Er veranderen zoveel wetten. Verkiezingen zijn levensgevaarlijk.'

Zijn filosofie, hobby's en bezigheden hebben volgens hem wel degelijk invloed op zijn spel. 'Ik moet altijd iets toevoegen aan mijn spel en kom nu tot andere zetten, andere beslissingen. Vroeger speelde ik geslotener. Dat is nu anders. Ik ben voor niemand bang.

'De laatste keer dat ik heb verloren was van Gantwarg in '94 op het WK-toernooi in Den Haag. Ik was toen niet in goede conditie, te veel bezig met de computer. Ik had te weinig motivatie om te winnen. Ik was al zes jaar wereldkampioen.

'Nu heb ik wel de motivatie. Ik wil het dammen ook niet verlaten. In Rusland wil ik er nog veel voor doen. Tegen Baljakin heb ik voor het eerst steun gehad van de Russische bond. We gaan nu ook een interland spelen tegen Nederland, de eerste.

'Ik wil ook nog een film maken van de video's die ik heb van de tweekamp met Wiersma en ik ben bezig met een boek met mijn beste partijen. Ik heb er nu vijftig gedaan. Het probleem is alleen dat er steeds nieuwe worden gespeeld. Ik heb een dagboek bijgehouden van mijn partijen. Momentopnames. Dat boek gaat vooral over het spel en de psychologische kanten ervan.'

Uitgesproken meningen heeft Tsjizjov ook. Over het toeval bijvoorbeeld. 'Toeval bestaat niet. In een match staat het resultaat vast. Alleen kun je het op verschillende manieren bereiken. Tegen Sijbrands in '93 was dat ook zo. Hij heeft kansen gehad, maar dat was niet van invloed op het eindresultaat.

Dat hij de tweede partij won, kwam doordat ik te passief was. In de zeventiende had ik kansen, maar ook die werden niet benut.'

Tsjizjov won de volgende en in de laatste, de twintigste partij besliste hij de krachtmeting in zijn voordeel doordat Sijbrands in huizenhoog gewonnen stand op de laatste zet voor de tijdcontrole de beste voortzetting miste. Remise. Einduitslag 20-20. Tsjizjov behield zijn wereldtitel in de meest dramatische match van de eeuw.

OVER STANDEN op het bord: 'Scherpe standen bestaan voor mij niet. Een stand is duidelijk of niet duidelijk. Ik speel alleen duidelijke standen. Tenminste, voor mij zijn ze duidelijk.'

En over de gezonde werking van het damspel: 'Ik kan heel goed analyseren. Dat komt door het dammen. Je moet je geheugen oefenen. Rekenen gaat dan ook veel beter. Ik kan tien zetten vooruit kijken.'

De uitdager steekt zijn mening over de regerend wereldkampioen niet onder stoelen of banken. 'We kennen elkaar al sinds 1981 toen we in Bendery in Moldavië tegen elkaar speelden. Valneris was een goede speler. Nu is hij ook een goede dammer. Hij is veel beter geworden en mijn kansen zijn minder geworden', kan hij niet nalaten zich de underdog-rol toe te eigenen. Alsof dat mogelijk zou zijn, nadat hij Valneris vijf jaar geleden met 22-10 in de pan had gehakt.

Met dank aan Egbert van Hattem

Meer over