Een aardige jongen is nog geen koning

AL DE HELE WEEK gaat het gerucht in Den Haag dat de huwelijksaankondiging van kroonprins Willem-Alexander met Emily Bremers nog een kwestie van dagen is....

JAN TROMP; HANS WANSINK

Als het waar is, hoeft het niet te verbazen. Het wordt eens tijd. De prins wordt vandaag 29 jaar. Dat is voor iedereen een huwbare leeftijd en al helemaal voor een kroonprins die zijn studie voltooid heeft, die de voorgeschreven route door de gelederen van de strijdkrachten heeft afgelegd, die lid is van de Raad van State, die zich wezenloos heeft georiënteerd op de samenleving, op stad en ommeland, op boer en burger, en die nog een jaar of vijftien van de troonsbestijging is verwijderd.

In zo'n geprogrammeerd bestaan moet ook eens getrouwd worden en dat moment ligt, op de hand gewogen, zo om en nabij het negentwintigste levensjaar. Daarmee is de prins dan weer een stapje dichter bij de hoge roeping waarvoor hij in de wieg is gelegd.

Zijn moeder trouwde op haar achtentwintigste, het zou nog veertien jaar duren voordat ze het koningschap van Juliana mocht overnemen. Beatrix had ruim de tijd een gezin te stichten alvorens de staatszaken haar geheel in beslag zouden nemen. Het waren de gelukkigste jaren van haar leven, heeft ze later wel eens verklaard.

Zo gestructureerd als de levensagenda van Beatrix is geweest, zo geprogrammeerd lijkt nu het bestaan van Willem-Alexander zich te ontrollen. Zo doelgericht als de moeder zich voorbereidde op de troon, zo conscientieus wordt de zoon nu klaar gemaakt voor het grote werk. Alles geschiedt op het juiste moment, op de juiste plaats.

En met de juiste persoon. Willem-Alexander hoeft niet thuis te komen met een dweepzieke poppekop als Diana. Dat is de nachtmerrie van Beatrix. Dat de zaken haar net zo uit de hand lopen als collega Elisabeth aan de overzijde van de Noordzee. Jorge en Christina zijn deze week ook definitief gescheiden, maar die voorstelling háált het niet bij de soap opera van Charles en Diana. Beatrix zou het nimmer zover laten komen.

Hoe moet het nu verder met de Windsors, 'dat zootje ongeregeld', zo vraagt elders op deze pagina Simon Hoggart van The Guardian zich af. Goeie vraag. De oorlog onder de Windsors dwingt de Engelse natie, tegen wil en dank, tot een zelfonderzoek. Is de monarchie geldverslindende rubbish? Is het een waardevol bindmiddel met het verleden? Of is het meer, is het een fier symbool van de toekomstgerichtheid van de natie?

Ook al houden de Oranjes zich verre van de operette aan de boorden van de Theems, het is onvermijdelijk dat andere koningshuizen door de schandalen worden besmet. Het zal Beatrix gestijfd hebben in haar opvatting dat de uitoefening van het vak van koning aan de hoogste, de strengste, de professioneelste normen moet voldoen.

The Economist - alweer een Brits blad, de Britten maken nu eenmaal nauwgezet studie van de monarchie - verdeelde royalty eens in twee categoriëen. 'Je hebt het koninklijk bloed dat zich met succes op het entertainment heeft gestort, zoals de Grimaldi's van Monaco. Daarnaast zijn er firma's als de Oranjes, die zich met ernst en overgave toeleggen op staatszaken.'

De fout van de Windsors is geweest, dat ze aan branchevervaging hebben gedaan. Ze behoorden tot de school der Oranjes, de school der preciezen. Ze zijn afgegleden tot het al te rekkelijke allooi van de Grimaldi's. The Economist: 'Het Huis van Windsor is te snel gediversificeerd, met te weinig aandacht voor kwaliteit. En het is te ver verwijderd geraakt van zijn core business.'

Voornaam, dat is wat het koningschap dient te zijn. Het volk moet in eerbied tegen de majesteit opzien. Dat geldt te meer, waar de monarch geen feitelijke macht vertegenwoordigt, maar een symbolische functie heeft.

Koningin Beatrix zei in 1988 tegen de schrijfster Hella Haasse: 'Ik denk, dat deze functie in eerste instantie toch een symbolische waarde heeft. Wat wij proberen is een invulling te geven van wat het goede is in Nederland. En daar ook naar te leven. Als geheel zal de monarchie misschien toch wel als een herkenningspunt voor veel Nederlanders kunnen functioneren.'

Het koningschap bindt de natie tesamen - soms in de meest letterlijke zin, zoals in het geval van het koninkrijk België. Dat zou immers zonder de koning al lang uiteen zijn gevallen.

Het koningschap, relict van het verleden, doet een appèl op de burgers zich rekenschap te geven van de gemeenschappelijke geschiedenis. Dat geldt zeker voor de Oranje-dynastie die al veel langer met de Nederlanden verbonden is dan de monarchie als zodanig, die pas in 1815 werd ingevoerd.

WILLEM de Zwijger, de Vader des vaderlands, verzinnebeeldt niet alleen de ontworsteling aan de Spaanse tirannie, maar staat ook voor vrijheid van godsdienst en geweten, voor tolerantie. Aan de stadhouders van Oranje kleeft van oudsher een populistische kant: ze moesten het gemene volk mobiliseren in hun strijd tegen de machtige Hollandse regentencoterie.

Deze concurrentie om de macht met de hoogmogende heren verleidde de Oranjes tot een zekere gemeenzaamheid, tot een typisch Nederlandse familiariteit. Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg.

Het kan leiden tot saamhorigheid, zoals bij Wilhelmina die gestalte gaf tijdens de bezetting. Zelfs tot vertedering, zoals in het geval van Juliana, de oma van het Nederlandse volk. Maar prinses Juliana, de 'koningin op de fiets', illustreert ook het gevaar van het gewoon doen: voor je het weet wordt het Koninkrijk der Nederlanden te kijk gezet als spruitjesmonarchie.

Beatrix is een vrouw van de wereld. Zij dwingt respect af in de internationale gemeenschap, tot in de Knesset toe. Zij is de majesteit, die met Kerstmis en op Bevrijdingsdag het volk tot de orde roept.

'Zelfzucht ondergraaft de natuurlijke verbondenheid in wonen, werken en leven', heette het op 5 mei 1994. 'De eigen verantwoordelijkheid voor oplossingen wordt afgeschoven op anonieme anderen.' Beatrix maakte gewag van 'een maatschappij die in ontbinding raakt'.

En dan komt de uitsmijter: 'Als dit gevaar niet wordt onderkend, worden telkens - toegeeflijk en gemakzuchtig - de grenzen verlegd. Vrijheid mag niet verworden tot onverantwoordelijkheid. Wie verzuimt stelling te nemen, laat de kans voorbijgaan het proces te keren.'

Het is maar dat u het weet.

Bewust heeft Beatrix een einde gemaakt aan die defilé's op Soestdijk, met krentemikken en Dick Passchier-kneuterigheid, wat het handelsmerk was van haar moeder. De koninginnedagbezoeken van Betarix aan oorden als Emmeloord, Urk en Buren getuigen van haar professionaliteit: minzaam ondergaat ze de aanhankelijkheid van burgers, boeren en buitenlui. Het hoort bij het Oranjesprookje.

Ze reorganiseerde de hofhouding en gaf het koningschap allure. Een allure die ze ook zichzelf gunt, met een steeds koninklijker garderobe. Met haar breedgeschouderde verschijning is ze een strenge meesteres die ontzag inboezemt bij hoogmogende heren in binnen en buitenland.

Beatrix is de moderne manager, die streeft naar perfectie, die alles onder controle wil houden, niets aan het toeval wil overlaten. Tot wanhoop van haar omgeving.

Willem-Alexander heeft over de taakopvatting van zijn moeder gezegd: 'Ik vind het eigenlijk bijna benauwend als je ziet hoe een goed voorbeeld mijn moeder is. Om het überhaupt te evenaren zal al een heel karwei worden.'

INDERDAAD, de kroonprins raakt een gevoelige snaar. Hij lijkt zich bewust van de roeping van het moderne koningschap. De monarch moet een personage zijn waar je u tegen zegt, dat respect afdwingt.

Een aardige jongen, dat is Alexander, verlegen met dat grote lichaam van hem. Met zijn armen weet hij dikwijls geen raad. Let op de foto's in de bladen: tijdens ontvangsten, die het leeuwedeel van het koninklijk bestaan in beslag nemen, legt de prins graag zijn rechterarm kruiselings over de linker - alsof hij met die onhandige ledematen op een bureaublad rust.

Een aardige jongen dus. Op sociëteit Minerva moet hij volgens overlevering een kwal van een bal zijn geweest - veel bier en vuige taal. Maar een vanaf de oorsprong gekluisterd leven moet ergens een uitlaatklep hebben.

Een aardige jongen. Maar een koning? Een natuurlijke neiging ontbreekt hem te vousvoyeren. Laat staan dat we hem, zoals zijn moeder, met majesteit zullen aanspreken. Dat gaat gewoon niet. Een koning draagt een hermelijnen mantel, Alex hoort in een regenjack van Marlboro.

Jan Tromp en Hans Wansink zijn redacteuren van de Volkskrant.

Meer over