ECB zet stap richting geldpers

De Europese Centrale Bank hoopt banken ertoe te verleiden, dan wel te dwingen, meer geld uit te lenen. 'Dit betekent niet dat we nu klaar zijn.'

YVONNE HOFS

AMSTERDAM - De Europese Centrale Bank (ECB) heeft donderdag nadrukkelijk de deur opengezet naar een geldpersoperatie, ofwel kwantitatieve verruiming (ook bekend als 'QE'). De ECB zou daarmee na jarenlang aarzelen alsnog in de voetsporen treden van andere grote centrale banken als de Federal Reserve en de Bank of Japan.

De centrale bank van de eurozone trok gisteren, zoals verwacht, vrijwel alles uit de kast om de bancaire kredietverlening aan huishoudens en bedrijven aan te zwengelen. 'Dat betekent niet per se dat we nu klaar zijn', aldus ECB-president Mario Draghi. 'Mocht het nodig zijn, dan zullen we nog andere onconventionele maatregelen treffen. Het opkopen van een breed scala aan bancaire leningen is dan zeker een van de mogelijkheden.' Het zou dan gaan om 'eenvoudige en transparante' leningen van Europese banken, zoals consumenten- en bedrijfskredieten (maar geen hypotheken). Draghi zei gisteren dat het ECB-bestuur het 'voorbereidend werk daarvoor intensiveert'.

Onder de maatregelen die de ECB gisteren al trof is een zoveelste renteverlaging. Het belangrijkste rentetarief daalt van 0,25 naar 0,15 procent. Daarmee zit de ECB min of meer aan zijn ondergrens, gaf Draghi op de persconferentie aan. De ECB wil dus niet zover gaan als de Amerikaanse centrale bank, die zijn hoofdrente al geruime tijd op 0 procent heeft staan.

Die aarzeling is er niet bij de depositorente, de rente die banken krijgen als ze geld bij de ECB bewaren. De ECB maakt dat rentetarief als eerste grote centrale bank negatief door hem te verlagen van 0 naar -0,1 procent; banken moeten dus gaan betalen voor het stallen van geld. De maatregel moet ze ertoe aanzetten hun geld uit te lenen in plaats van het te laten rondlummelen in Frankfurt, waar het hoofdkantoor van de ECB staat.

De ECB zet ook de kredietkraan naar banken weer wijd open. De centrale bank verstrekt dit najaar twee nieuwe leningen tot een maximum van 400 miljard euro aan banken die daar behoefte aan hebben. De looptijd is vier jaar. Met deze 'superleningen' borduurt de ECB voort op de driejaarsleningen van meer dan een biljoen euro die de centrale bank 2,5 jaar geleden aan zo'n achthonderd Europese banken verstrekte.

Aan die vorige superleningen verbond de ECB geen voorwaarden. Dat doet de centrale bank nu wel. Banken die van de superleningen gebruikmaken, moeten dit geld uitlenen aan burgers en bedrijven. Ze mogen er dus geen staatsobligaties van kopen, zoals ze in 2012 massaal deden. Ook mogen de banken er geen hypotheken mee financieren. Deze restrictie moet voorkomen dat de geldinjectie tot nieuwe zeepbellen op Europese huizenmarkten leidt.

undefined

EFFECT OP DE KREDIETVERLENING

De negatieve depositorente zal vermoedelijk weinig uithalen. De maatregel treft alleen banken die veel geld bij de ECB aanhouden. Dat zijn voornamelijk banken uit Noord-Europa. Rabobank en ING laten weten dat een negatieve depositorente voor hen geen reden is hun kredietverlening op te schroeven. Zij zeggen nu al krediet te verstrekken aan bedrijven die in hun ogen gezond zijn 'en we gaan niet onze kredietnormen verlagen omdat de ECB een strafrente heft', reageert ING-topman Ralph Hamers. 'We kunnen dat geld ook in Duitse staatsobligaties steken in plaats van het bij de ECB te parkeren.'

De miljardenkredieten die de ECB wil verstrekken aan banken die dat geld doorlenen zullen waarschijnlijk wel het gewenste effect hebben. Dat zal vooral merkbaar zijn in Zuid-Europa. Geld lenen bij de ECB is vaak een noodgreep voor banken die nergens anders terecht kunnen. Sterke banken hebben geen ECB-geld nodig. Als zij weinig uitlenen, is dat niet zozeer uit geldgebrek maar omdat zij weinig vertrouwen hebben in de betalingscapaciteit van hun klanten. De meeste zwakke banken staan in Zuid-Europa. Voor deze banken zal de verleiding groot zijn hun kredietnormen wél te verlagen, omdat hun leencapaciteit bij de ECB afhangt van de hoeveelheid geld die zij zelf uitlenen. De ECB creëert zo een prikkel voor zwakke banken om rommelkredieten te verstrekken, terwijl juist deze banken al veel slechte kredieten op de balans hebben staan.

undefined

EFFECT OP DE SPAARRENTE

Wat in elk geval vaststaat, is dat de Europese spaarrentes verder zullen dalen nu de ECB de rente weer heeft verlaagd. De ECB-maatregelen zijn dus slecht nieuws voor spaarders. Vooral de middenklasse wordt getroffen, want mensen met echt grote vermogens beleggen gemiddeld veel meer. De lage rente stuwt de waarde van beleggingen als aandelen en obligaties juist op, dus de bovenklasse profiteert van de maatregelen. Degenen met alleen geld op een spaarrekening betalen het gelag. De Duitse spaarbanken riepen de ECB eerder deze week in een open brief op de rente niet opnieuw te verlagen, omdat 'lage rentes spaarders onteigenen'.

De ECB geeft dat ruiterlijk toe, maar stelt geen keus te hebben. ECB-president Draghi reageerde gisteren uiterst geprikkeld op een vraag over de gevolgen voor spaarders. 'Wij hebben vandaag de rentetarieven voor de banken verlaagd, niet die voor de mensen', zei hij. 'Het zijn de banken die de spaarrente verlagen, niet de ECB.' De spaarrente zal vanzelf stijgen als de economie weer gaat groeien, zei Draghi. De ECB geeft daarom prioriteit aan het bevorderen van het economisch herstel.

De renteverlaging kan ook de Nederlandse pensioenfondsen in de problemen brengen. Dat gebeurt als de rente op langlopende leningen de spaarrente volgt, wat tot nu toe steeds gebeurde (maar niet per definitie zo is). Dan zal de gemiddelde dekkingsgraad van de pensioenfondsen weer dalen.

undefined

Meer over