Dusan heeft geen vaderland

Milorad Milojevic en Senait Mulugeta leerden elkaar kennen in een asielzoekerscentrum, kregen een kind, verkeren al jaren in onzekerheid over hun toekomst en mogen niet werken....

ZESHOOG in een studentenflat in Arhem woont het jonge gezin Milojevic-Mulugeta. Milorad (24) is machinebankwerker, Senait (23) huisvrouw sinds de geboorte van hun zoontje Dusan (1 jaar en 2 maanden). Milorad Milojevic zou een kleine drieduizend gulden per maand kunnen verdienen, maar mag niet werken omdat hij asielzoeker is. Dat is hij nu vijf jaar. Senait kwam zes jaar geleden naar Nederland en is ook nog steeds asielzoekster. Ze spreken allebei goed Nederlands.

Samen krijgen ze maandelijks 1452 gulden. De huur van de tweekamerflat bedraagt 900 gulden, de vaste lasten voor gas, elektriciteit en water 150 gulden. Ze houden 402 gulden per maand over om met z'n drieën van te leven.

Hun buren, studenten, krijgen huursubsidie. Het asielzoekersgezin heeft daar geen recht op. Ze mogen op zichzelf wonen, mits ze het redden met het bedrag dat ze krijgen. Lukt dat niet, dan kunnen ze terug naar een asielzoekerscentrum. Ze komen dan op een wachtlijst voor een driepersoonskamer.

Voor Senait is dat een schrikbeeld. 'Ik wil niet dat de eerste woordjes die mijn zoon leert vloeken zijn', zegt ze. Toen ze elkaar drie jaar geleden in zo'n centrum in Arnhem leerden kennen, deelden ze er kamers met wisselende bewoners. Drie, vier mannen of vrouwen per kamer. Een eenpersoonsbed als enige eigen plek.

Twee jaar geleden kwam de regeling dat asielzoekers die al lang in de centra verbleven, erbuiten mochten gaan wonen als ze een betaalbare eigen ruimte konden vinden. De regeling heet ZZA (zelfzorgarrangement) en is vooral bedacht om lucht te krijgen in de overvolle centra. De uitwonenden moeten zich iedere week bij het asielzoekerscentrum melden en aanwezigheid met een stempel bevestigen. Zonder stempel krijgen ze hun geld niet.

Milorad en Senait vonden een kamer boven een Chinees restaurant in Babberich, een dorp ten oosten van Arnhem. Ze betaalden 700 gulden per maand voor de kamer, met gebruik van wc en douche die ze deelden met andere bewoners. Toen Senaits zwangerschap zichtbaar werd, moesten ze eraf. In die tijd gingen ze beiden nog naar school. Met de inschrijfbewijzen van de onderwijsinstellingen kregen ze een tweekamerwoning in de studentenflat.

Meubilair haalden ze weg bij vuilnisbakken, kleding kopen ze tweedehands, voor levensmiddelen fietsen ze naar de allergoedkoopste winkels. Ze slaagden erin om geen schuld te maken, tot de rekening van de gemeente voor de afvalstoffenheffing (fl322, 48) en de onroerendezakenbelasting (fl17, 24) kwam. Als ze die betalen, hebben ze een maand niet te eten.

Onder aan de brief van de gemeente staat dat de rekening is verminderd met de Zalmsnip. 'Dat begrijpen we niet', zegt Senait. 'Wat is Zalmsnip?' De uitleg maakt haar aan het giechelen. 'Er zijn steeds meer dingen waar wij niets van snappen.' Sinds de geboorte van Dusan krijgt Milorad per week 9 gulden minder uitkering. Waarom krijgt hij als asielzoekende vader met kind 9 gulden minder dan als alleenstaande? Het is een van de vele raadselachtige zaken in hun geschiedenis in Nederland.

De voorlichter van COA (Centraal Orgaan Asielzoekers) legt uit hoe het zelfzorgarrangement in elkaar zit. Alleenstaanden krijgen 86 gulden per week als ze in een centrum wonen en honderd gulden als ze woonruimte erbuiten vinden. Milorad en Senait kregen allebei 186 gulden. Wanneer 'zelfzorgers' samenwonen, vormen zij een 'sociale eenheid' en krijgt een van de twee vijftig gulden minder. Dat is bij hen niet gebeurd toen ze samen boven het Chinees restaurant gingen wonen. Blijkbaar zijn ze pas na de geboorte van Dusan geregistreerd als 'sociale eenheid'.

Sindsdien krijgt Senait 186 gulden en Milorad 136 plus 41 gulden, het bedrag voor een kind in het zelfzorgarrangement. Als gezin hebben ze dus 363 gulden per week, 1452 gulden per maand. Op kinderbijslag hebben zij geen recht.

Het bedrag voor het zelfzorgarrangement is afgestemd op inwonen bij familie of kennissen, legt de voorlichter uit. Maar Milorad en Senait hebben in Nederland geen relaties bij wie ze kunnen inwonen. Ze hebben hun eigen oplossing gevonden en overtraden geen enkele regel.

Senait, die Ethiopische is en prachtige lettertekens calligrafeert in haar moedertaal, leest en schrijft ook Engels en Nederlands. Ze heeft hier een paar jaar een middelbare beroepsopleiding gevolgd voor administratief medewerkster. Ze houdt haar vaardigheid in het tikken en tekstverwerken bij en heeft met Milorad afgesproken dat hij een paar dagen per week voor Dusan gaat zorgen, opdat zij haar opleiding kan voortzetten.

Milorad is op een Aziatische vechtsport gegaan om zijn energie kwijt te kunnen. Het stilzitten maakt hem ongedurig en kwaad. De bedrijven waar hij stage liep, boden hem banen aan die hij niet mocht aannemen. 'Ik wil werken voor mijn gezin', zegt hij, 'ik wil niet tot last zijn. Als de Nederlandse staat mij niet wil, hadden ze dat toch meteen kunnen zeggen? Nu ben ik vijf jaar hier en nog steeds word ik gedwongen afhankelijk te zijn.'

HIJ WAS al gediplomeerd lasser toen hij als 19-jarige uit voormalig Joegoslavië vluchtte. Als asielzoeker mocht hij een aanvullende opleiding volgen. Nu is hij draaier en frezer, een vak waar veel vraag naar is. 'Alleen zou ik nog het diploma moeten halen voor computergestuurd frezen. Ik kan het alleen op de traditionele manier en het wordt steeds meer met de computer gedaan.'

Maar dat diploma mag hij niet halen, want hij is uitgeprocedeerd als asielzoeker en heeft geen recht op een verblijfsvergunning. Hij wordt gedoogd als vader van Dusan en partner van Senait, die na zes jaar nog niet is uitgeprocedeerd. Trouwen konden ze niet, omdat de identiteitsbewijzen ontbreken.

'Ik was nog een kind toen ik hier kwam', zegt Senait. 'Er was me gezegd dat ik naar Amerika zou worden gebracht, naar een familie met andere kinderen van mijn leeftijd. Ik zou bij die familie wonen en ik zou er naar school gaan. Dat kon, dacht ik, want ik had al veel Engels geleerd.' Degene die haar dat zei, was een vriend van haar vermoorde vader. Hij huurde iemand in om haar naar het buitenland te brengen, omdat ook haar leven werd bedreigd. Als 17-jarige van gemengd Ethiopisch-Eritrese afkomst, stond ze na de dood van haar vader alleen op de wereld. Haar moeder stierf een paar jaar na Senaits geboorte, andere familie heeft ze niet.

Toen ze op Schiphol landde, zag ze aan de taal op de borden dat ze niet in Amerika was. Haar begeleider huurde een auto en zette haar eruit achter het Centraal Station in Amsterdam. 'Je bent hier in Holland', zei hij. 'Hier zullen de mensen goed voor je zijn.' Hij reed weg, met medeneming van haar paspoort en andere papieren.

Na uren rondzwerven, sprak zij in het Engels een vrouwelijke politie-agent aan. Die nam haar mee naar het bureau en toen ze daar haar verhaal had gedaan, bracht de agente haar naar het station, kocht een kaartje voor Zevenaar en zette haar op de trein naar het aankomstcentrum voor alle nieuwe asielzoekers.

Dat is zes jaar geleden. Inmiddels is ze vier jaar onder psychiatrische behandeling bij de Riagg in Arnhem omdat de afschuwelijke dingen die ze in Eritrea heeft meegemaakt haar 's nachts uit de slaap houden. Ze heeft vaak dood willen zijn. Met tegenzin slikt ze pillen om de depressiviteit tegen te gaan. In de laatste maand van haar zwangerschap steeg haar bloeddruk gevaarlijk. Ze heeft een maand in het ziekenhuis gelegen, Dusan is met de keizersnee gehaald. Haar bloeddruk is daarna veel te hoog gebleven, dus moet ze nog steeds medicijnen slikken.

Zonder haar zoontje zou ze geen doel in haar leven hebben, zegt ze. 'Ik ben heel blij dat hij er is, maar ik ben ook bang voor de tijd dat hij gaat praten en met andere kinderen gaat spelen. Dan gaat iedereen vragen waar hij vandaan komt. Ik ben bang dat ze hem pesten, als wij dan nog altijd asielzoekers zijn.'

Dusan is een van de 2030 kinderen die vorig jaar geboren werden uit asielzoekers. Hij heeft geen nationaliteit. 'Wat zijn vader was, bestaat niet meer', zegt Senait. Milorad werd geboren in Kroatië, uit Servische ouders. Tot de oorlog begon, op zijn 12de jaar, wist hij het verschil niet. 'Mijn ouders hadden het daar nooit over. We waren gewoon Joegoslaven.'

Sommige asielzoekers denken dat een kind dat in Nederland wordt geboren vanzelf de Nederlandse nationaliteit heeft en dat zij, via hun kind, verblijfsrecht kunnen claimen. Maar in Nederland geldt niet, zoals in Engeland en de Verenigde Staten, het ius soli, het recht van de geboortegrond.

'Dat hebben wij nooit gedacht', zegt Senait Mulugeta. 'Hier is het via het bloed. Door je vader of moeder word je Nederlander. Dat wist ik al in het eerste jaar dat ik hier was. Ons kind is geboren uit liefde. En omdat ik tegen abortus ben. We waren het niet van plan om een kind te krijgen, maar het gebeurde. Het is Gods wil.'

Meer over