Dumpen producten door China ergert de wereld

De vrijhandel staat onder druk. De G7 wil dat China stopt met het dumpen van producten in het Westen. En de VS houden de herbenoeming bij de WTO tegen van een rechter die te weinig aan hun kant zou staan.

Fokke Obbema
Een staalfabriek in Caofeidian, in het noordoosten van China. Staal is een van de producten die het land dumpt op westerse markten. Beeld REUTERS
Een staalfabriek in Caofeidian, in het noordoosten van China. Staal is een van de producten die het land dumpt op westerse markten.Beeld REUTERS

Aan westerse pogingen China op handelsgebied onder druk te zetten geen gebrek de laatste tijd - de G7 staan zeker niet alleen in hun ergernis over Chinese dumping, het tegen kunstmatig lage prijzen verkopen van producten op westerse markten. Ook elders komen politici in het geweer.

In de Amerikaanse presidentsrace kennen de twee voornaamste kandidaten, Trump en Clinton, hoge prioriteit toe aan bescherming van Amerikaanse werknemers. Dus beloven zij snoeihard optreden tegen Chinese dumpingpraktijken. Ook het Europees Parlement gedroeg zich onlangs assertief tegenover China - de felbegeerde status van markteconomie zit er voorlopig niet in, wanneer China niet drastisch zijn economie aanpast. Zonder die status kan de EU Chinese dumping beter blijven bestrijden en dus opkomen voor Europese banen.

Maar dat werkgelegenheidsmotief speelt in China minstens zo'n belangrijke rol om het gedrag van het land te verklaren, betogen China-experts. Het achterliggende probleem bij dumping is de overcapaciteit die er bij staatsbedrijven in een groot aantal sectoren is ontstaan: behalve staal, gaat het om cement, aluminium, glas, energie en scheepsbouw. Door afnemende groei in eigen land en minder vraag uit het buitenland is dat overaanbod alleen maar gegroeid, eigenlijk al sinds de kredietcrisis.

'Wegexporteren'

De oplossing die bedrijven kiezen, vaak met steun van lokale autoriteiten, is het 'wegexporteren' van het probleem. Zo hopen zij gedwongen fusies, overnames en faillissementen te voorkomen. Peking gaat er nauwelijks tegenin, omdat de centrale regering de hoogste prioriteit toekent aan stabiliteit.

'In een periode waarin het economisch toch al minder gaat, ben je met het schrappen van banen de kaars van twee kanten aan het opbranden', zo duidt Maurice Fermont, China-expert bij de lobbyorganisatie Business Europe in Brussel, de terughoudendheid: 'China wil dit probleem wel aanpakken, maar in zijn eigen tempo. En dat is een ander tempo dan wij in het Westen graag zouden zien'.

Twee maanden geleden gaf premier Li Keqiang aan dat er plannen zijn wel acht miljoen banen verloren te laten gaan in de zware industrie. Maar mistig bleef wanneer en in welk tempo zou worden opgetreden tegen wat Li 'zombiebedrijven' noemde. Fermont: 'Vroeger was het zo dat je bij plannen van de Chinese regering ervan uit kon gaan dat ze ook werden uitgevoerd. Maar bij deze regering is er van die voorspelbaarheid veel minder sprake.'

G7-top gaat over veel

Op de tweedaagse G7-top in Japan komt een potpourri aan onderwerpen ter tafel. Waar de Britse premier Cameron vooral steun zoekt voor zijn strijd tegen aanhangers van de Brexit, hoopt de Japanse premier Abe vooral op aandacht voor de regionale spanningen met China in de Zuid-Chinese Zee. Europese leiders, inclusief EU-president Tusk, hebben vooral de eigen vluchtelingencrisis in gedachten, waarbij zij op steun hopen van de G7. Verdeeldheid is er over de manier waarop de wereldeconomie weer aan de praat moet worden gekregen: moet de overheid spenderen (Japan) of juist op haar huishoudboekje letten (Duitsland)? Op dit punt wordt een weinig spannende compromistekst verwacht.

Handelsoorlog

Is China bereid een handelsoorlog met Europa te riskeren? Alicia García-Herrero, hoofdeconoom-Azië bij de Franse investeringsbank Natixis in Hongkong, verwacht dat niet: 'Ik denk niet dat ze zo ver willen gaan, net zoals Europa inziet er geen belang bij te hebben. Europese landen hebben op dit moment wel wat anders aan hun hoofd'.

In haar ogen kijkt China 'bovenal naar de eigen problemen en die zijn niet gering'. Met dumping van producten wordt niet zozeer het conflict met westerse landen gezocht als wel een oplossing voor interne problemen: 'China staat bekend om zijn volstrekt mercantilistische benadering waarbij het zich weinig tot niets gelegen laat liggen aan wat het eigen gedrag voor effect heeft op anderen. En dat is per definitie groot, wanneer je als land 12 procent van de totale export wereldwijd vertegenwoordigt.'

Somber gestemd over de toekomst van vrijhandel

China doet al geruime tijd aan dumping van producten en dat zal niet ophouden, voorspelt ze: 'Vanwege de overproductie staat wel vast dat China doorgaat met de wereld te overspoelen met producten. En we kunnen daar echt niet veel aan doen.'

De weerstanden die het Chinese gedrag in het Westen oproepen, dragen er wel toe bij dat ze somber gestemd is over de toekomst van vrijhandel: 'We hebben lang geloofd dat het de motor van toekomstige groei wereldwijd zou zijn. Maar als je ziet hoe nu zowel Trump als Clinton daar tegenin gaat, ben ik daar niet meer zo zeker van.'

Fermont van Business Europe is minder somber. Hij wijst op het investeringsverdrag waarover de EU en China momenteel onderhandelen: 'Gelijktijdig met alle klachten over dumping vinden die onderhandelingen ook plaats. We moeten niet vergeten dat dumping maar over 1,4 procent van alle Chinese export gaat. Bij zo'n brede relatie met zoveel transacties zijn wrijvingen over en weer niet zo gek. Ik denk dat de soep niet zo heet zal worden gegeten als zij nu wordt opgediend.'

null Beeld Reuters
Beeld Reuters
Meer over