Dumoulin: het wordt heel zwaar, het wordt lijden

Hij heeft anderhalf uur gefietst op de rustdag, maandag in de Giro. Tom Dumoulin maakte met de ploeg een tochtje vanuit het hotel in Boario Terme. Hoewel de omgeving uitzicht biedt op loodrechte bergwanden en pieken met sneeuwresten, zat er geen meter klimwerk bij. Niet te veel energie verspillen, was het devies. Maar de rozetruidrager pakte volgens de meegereden ploegleider Aike Visbeek gewoon de kop.

Rob Gollin
Tom Dumoulin Beeld afp
Tom DumoulinBeeld afp

Hij zal toch even hebben willen testen hoe de benen zijn. Dumoulin maakte de afgelopen week veel indruk in de Giro, met zijn prestaties, rust en flegma. Maar de werkelijkheid van nu is dat de Giro pas de komende dagen in in al zijn meedogenloze schoonheid zal openbarsten.

Ga maar na. Vandaag moeten de renners in een etappe van 222 kilometer de Stelvio op, een slingerpas met veertig haarspeldbochten die naar een hoogte van 2.758 meter leiden. Na de beklimming vanuit Bormio moeten ze in 48 tornanti naar beneden, om vanuit Zwitserland over de Umbrailpas weer tot vlak bij de top van de Stelvio omhoog te gaan. Dan volgt weer de serpentine van asfalt terug naar het dal, naar Bormio. Voordat het peloton dit voor de kiezen krijgt, is de gemene Mortirolo verteerd.

Parcourskennis

Hij weet wat hem daar te wachten staat, hij heeft er in 2015 gereden als voorbereiding op de Vuelta, en had de nabijgelegen Gavia ook maar meegenomen. Hij heeft ervan genoten destijds, maar daar, zei hij gistermiddag in het hotel, zal nu wel geen ruimte voor zijn. 'Het wordt zwaar, of heel, heel erg zwaar. Het wordt een dag van lijden.'

Zijn parcourskennis van de rest van het menu - met woensdag lang vals plat naar Canazei en een dag later over een afstand van 137 kilometer maar liefst vijf beklimmingen - is beperkter. Visbeek heeft wel de trajecten gereden met de auto en video-opnamen gemaakt. Het betrekkelijke onbekende leidt niet tot veel zorgen bij zijn kopman. 'In de voorbereiding is het altijd zoeken naar evenwicht. Trainingskampen, wedstrijden rijden, maar ook thuis de rust vinden. Als ik bij mijn familie en vriendin ben, haal ik daar meer mentaal voordeel uit dan dat ik elke bocht ken.'

Wat hij deze week aankan in de Alpen en Dolomieten, gaf hij toe, is voor hem nog een vraagteken. Zijn belangrijkste rivaal, Nairo Quitana, zei gisteren ook benieuwd te zijn. 'Dumoulin was goed tot nu toe, maar we zullen zien hoe hij in de rest van de wedstrijd zal zijn. De komende vijf dagen zijn in theorie in ons voordeel.'

Zijn belagers zullen de Nederlander op minuten moeten rijden, in de wetenschap dat ze op de slotdag weer marge op hem zullen moeten prijsgeven in de tijdrit tussen Monza en Milaan. Of hij de concurrentie daar net zo kan declasseren als in de race tegen de klok naar Montefalco liet hij in het midden. Vergelijken is lastig. 'Deze tijdrit is helemaal vlak en veel korter dan de vorige.'

De roze truidrager is gewild bij de pers. Dumoulin maakt indruk met zijn prestaties, rust en flegma. Beeld Klaas Jan van der Weij / Volkskrant
De roze truidrager is gewild bij de pers. Dumoulin maakt indruk met zijn prestaties, rust en flegma.Beeld Klaas Jan van der Weij / Volkskrant

Visbeek zei rekening te houden met een combine van de rivalen deze week, maar dat boezemt de ploeg geen angst in. 'Vroeg of laat zullen ze toch ook tegen elkaar moeten gaan rijden.' Wat ook een rol kan gaan spelen volgens Visbeek: velen in het peloton gunnen hem wel de eindzege. 'Hij praat met iedereen. Tom is heel open.'

Dat bleek gisteren wederom. Aan het slot van de persconferentie kreeg hij de vraag of hij beseft dat Nederland snakt naar eindelijk weer eens een zege in een grote ronde. 'Het kan me niet schelen dat ze al zo lang wachten. Dat is hun probleem. Ik rijd vooral voor mezelf en mijn team. Ik doe het omdat ik het leuk vind. Waarom zou ik die druk moeten voelen?'

Hoe vergaat het Mollema en Kruijswijk?

Steven Kruijswijk, 10de op 7,03

Hij rijdt rond met een barstje in de ribbenkast, een erfenis van een val in de Ronde van Yorkshire. Dat hij vorige week tijd inleverde in de klim naar de Blockhaus kwam niet geheel onverwacht. Het verlies van 48 seconden, twee dagen later, tijdens een niet extreem zware etappe naar Bagno di Romagna was niet ingecalculeerd. Hij zegt nog maar weinig last te hebben van de blessure.

Kruijswijk: 'We moeten even afwachten hoe het gaat, maar ik ben zaterdag en zondag niet meer op minuten gereden. Hopelijk zet het herstel zich door. Ik wil vooral nog het maximale eruit zien te halen, dan zien we in Milaan wel wat dat is. Ik zal nog zeker proberen een keer een etappe te winnen, ik zal misschien op intuïtie iets kunnen doen. Het podium is redelijk ver weg. Maar heel ver staan de anderen niet voor me. Wie weet hoe ver ik nog kan opschuiven.'

Bauke Mollema, 6de op 4,32

Hij rijdt de eerste twee weken geheel volgens de eigen ambities, een plek op het podium. Hij staat derde, totdat hij zaterdag wordt gelost op de klim naar het heiligdom Santuario di Oropa. Een dag later weet hij zich te handhaven in de groep van de favorieten en perst er in de slotfase nog een sprint uit.

Mollema: 'Het was een teleurstelling zaterdag, dat moest ik even verwerken. Ik verlies eigenlijk net een minuutje te veel. Het was een vlakke en rustige aanloop met een klim op het eind volle bak naar boven. Misschien dat ik er gewoon niet klaar voor was. Ik ontplofte en kon daarvan niet meer herstellen. Maar ik kijk nu uit naar de derde week. Lange dagen met veel klimmen, zoals dinsdag en donderdag, dat ligt me denk ik beter. Nee, het roze zit er op dit moment niet in. Maar ik blijf vechten voor elke plek.'

Meer over