NieuwsDrielandentrein

Drielandentrein komt voorlopig nog maar in twee landen

Met twee maanden vertraging wordt de lijn Aken-Maastricht-Luik in gebruik genomen. Maar Luik zit er nog even niet in: de Belgen vinden de treinstellen van Arriva niet goed genoeg.

null Beeld ANP
Beeld ANP

De grenzen mogen dan vervagen in Europa, zodra er treinen en rails bij komen kijken, is de grote Europese gedachte nog ver weg. Dat blijkt maar weer eens bij het begin van de internationale treinverbinding tussen Aken, Maastricht en Luik. Met bijna twee maanden vertraging gaat deze drielandentrein zondag rijden tussen Duitsland en Nederland, maar niet naar België. De Belgen vinden dat de treinstellen van vervoerder Arriva niet deugen.

De internationale dienst zou op 9 december vorig jaar in gebruik worden genomen. Aan Nederlandse zijde was alles al in orde. Op het Duitse spoor kon het testprogramma niet op tijd worden afgerond, maar die klus zou binnen enkele weken worden geklaard, oordeelden Duitsers en Nederlanders eensgezind. Om de ‘treinloze’ periode te overbruggen, pendelde Arriva de afgelopen weken met bussen tussen Maastricht en Aken.

De Duitsers gaven deze week het groene licht. Maar Luik – om precies te zijn station Liège-Guillemins – lijkt nog een brug te ver. De Belgen hielden invoering van de dienst eind vorig jaar tegen, omdat de acht treinstellen die Arriva in Zwitserland heeft besteld niet aan de Europese veiligheidsnormen zouden voldoen. Dat laatste klopt, erkende Arriva, maar de apparatuur die nodig is om te voldoen aan het Europese Trein Controle Systeem (ECTS) hoeft pas in 2025 geïnstalleerd te zijn.

Slechte ervaringen

Waarom België dwarsligt, is onduidelijk. Mogelijk spelen de slechte ervaringen mee die zijn opgedaan met de Fyra, de hogesnelheidslijn tussen Schiphol en Antwerpen die binnen veertig dagen werd opgegeven. Wat zeker een rol speelt, is de zwaarste treinramp uit de Belgische geschiedenis – in 2010 – met negentien doden als gevolg. ‘Sindsdien laten we geen nieuwe treinen meer toe die niet met ECTS zijn uitgerust en dat gaan we niet veranderen’, stelden Belgische parlementariërs vorig jaar.

Misschien willen de Belgen het de buitenlandse concurrenten van hun nationale spoorbedrijf, de NMBS, zo moeilijk mogelijk tegen maken. In Nederland moet de NS al jaren concurrenten naast zich dulden als Keolis, Hermes en Arriva. De Belgen hebben het rijk alleen. Nog wel: Arriva is een onderdeel van Deutsche Bahn, en dat staat nu dankzij Aken – Maastricht – Luik met één been in de achtertuin van de NMBS. En wat voor achtertuin: deze week onthulde een Belgische krant dat vorig jaar de helft van de treinen te laat zijn bestemming bereikte. Ter verdediging: elke vertraging vanaf 1 minuut telde mee. Officieel is een Belgische trein nog ‘op tijd’ als hij maar zes minuten te laat arriveert. Daarin slaagt een op de zes treinen niet.

Meer over