Drie foto's te ver of toch niet?

Waarom, zo vroeg een lezer, heeft ook de Volkskrant foto's laten zien van Amerikaanse krijgsgevangenen, terwijl zoiets toch in strijd is met de Derde Conventie van Genève?...

De hoofdredactie heeft tot de publicatie van de foto's besloten, nadat zij eerst de mening van de redactie had gepeild. Zij zegt dat haar besluit was gebaseerd op louter journalistieke overwegingen. 'De foto's waren het duidelijkste bewijs dat zich in het krijgsverloop van de oorlog tegen Irak een opmerkelijke omslag begon af te tekenen.' Na het flitsende en nogal optimistische begin van de oorlog, daagden immers 'onverwachts' ernstige tegenslagen voor de geallieerden.

De vraag of het openbaar maken van foto's van krijgsgevangenen al dan niet strookt met de Geneefse Conventie inzake de Behandeling van Krijgsgevangenen (1949), was op dat ogenblik niet aan de orde. Beter: zij werd niet gesteld. Het probleem ontstond pas, nadat de Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld de media de schending van de Geneefse verdragen had verweten.

Opmerkelijk is dat in de hele wereld de pers zich weinig of niets heeft aangetrokken van verdragsbepalingen over de behandeling van krijgsgevangenen. De internationale Organisatie van Ombudslieden, de ONO, heeft sinds maandag gepeild wat de kranten met die gewraakte foto's hebben gedaan. Bij de Amerikaanse Hartford Courant (Connecticut) besloot de hoofdredactie dat de foto's 'nieuws' waren. De fotoredactie maakte (tevergeefs) 'morele en ethische bezwaren': op z'n minst had de krant moeten wachten tot de naaste familie van de gevangen genomen militairen op de hoogte was gebracht, vonden de fotoredacteuren.

The Washington Post publiceerde de foto van slechts een van de krijgsgevangenen, Joseph Hudson. Diens moeder had namelijk de publiciteit gezocht. Opmerkelijk was dat het Pentagon - Rumsfelds ministerie - de krant verzocht had andere foto's nog niet te publiceren, omdat eerst zeker moest zijn dat de families waren ingelicht. Het Pentagon maakte dus aanvankelijk géén bezwaren tegen de publicatie van de foto's. The Washington Post respecteert de regel dat een foto pas gepubliceerd mag worden, nadat eerst de naaste familie is ingelicht. Maar de Post kent geen interne beleidsregels die publicatie van dergelijke foto's zouden beletten.

In Duitsland leverde het Deutsche Journalisten Verband (DJV) scherpe kritiek op de publicatie van de foto's. Volgens voorzitter Rolf Lautenbach gedroegen de kranten die de foto's afdrukten 'zich in strijd met hun maatschappelijke verantwoordelijkheid'.

Ik heb me zijn verklaring laten toesturen. Met name veroordeelt Lautenbach de publicatie van de foto's die van de Iraakse televisie waren overgenomen. 'Volstrekt oncontroleerbaar is of die foto's authentiek zijn', aldus DJV-voorzitter Lautenbach. Hebben de kranten wel gecontroleerd of de foto's echt en waarheidsgetrouw waren? De fotoredactie van de Volkskrant kreeg foto's van de internationale persbureaus. Voor haar is dan de authenticiteit gewaarborgd.

Een tweede argument van DJV-voorzitter Lautenbach tegen omstreden foto's, is dat journalisten 'bijzonder gevoelig moeten zijn als het om menselijk leed gaat'. Publiceren of niet is voor hem dus ook een 'gewetensvraag'. Maar nergens beroept hij zich op de afspraken in de Geneefse Conventie.

Daarentegen is de voorzitter van het Duitse Rode Kruis, de hoogleraar Volkenrecht Knut Ipsen, in de Süddeutsche Zeitung aanzienlijk milder. Over de 'presentatie' door de Irakezen van Amerikaanse krijgsgevangenen zegt hij: 'Dat kan er nog net mee door.' Ipsen verwijt Washington dat het zich ook weinig aantrekt van de internationale rechtsregels.

Ik vind de afspraak, dat de media minstens moeten wachten met het publiceren van foto's van krijgsgevangenen tot de familie is geïnformeerd, een kwestie van goed fatsoen. Stel dat om Nederlandse soldaten was gegaan. Dan was het de Volkskrant terecht kwalijk genomen, als zij geen rekening met de familie had gehouden. Maar ik betwijfel of het publiceren van zulke foto's per se een schending is van de Geneefse Conventie. De redactie moet telkens opnieuw een verstandige, gevoelige afweging maken. Maar bedenk ook dat de krant de plicht heeft de gruwelijke realiteit van een oorlog te belichten.

Meer over