ReportageHoogmade herrijst

Door de brand verloor de kerk in Hoogmade haar waarmerk, maar niet de gemeenschap

Vorige maand ging de rooms-katholieke kerk van Hoogmade in vlammen op. Het geloofsleven wordt voortgezet in een gymzaal en een gemeenschapsgebouw. ‘Een kerk bestaat tenslotte niet alleen uit stenen, maar ook uit mensen.’

Mis in gymzaal De Schuur in Hoogmade. Beeld Marcel van den Bergh
Mis in gymzaal De Schuur in Hoogmade.Beeld Marcel van den Bergh

Een uitslaande brand in een kerk is een brand in de buitencategorie. Hij treft niet alleen de gebruikers van het gebouw, maar iedereen voor wie de torenspits dagelijks een visueel ijkpunt was. Hoogmade – een waterrijk dorp aan de A4, even ten oosten van Leiden – is dus ontzield sinds 4 november, toen een brand de Onze-Lieve-Vrouw-Geboortekerk verwoestte.

Ruim zes weken na deze gebeurtenis roept de ruïne – meer is er niet overgebleven van het uit 1931 stammende gebedshuis – uiteenlopende gevoelens op bij passanten. ‘Aan de buitenkant zijn de muren geblakerd’, zegt parochiaan Cobie Wolvers-van de Salm, ‘maar aan de binnenkant zijn ze schoon gebrand.’ Zij zelf is er nog niet helemaal uit wat de symbolische betekenis zou kunnen zijn van die waarneming. Behalve dan misschien dat vuur een zuiverend effect kan hebben.

Ook in overdrachtelijke zin, zegt Henk Hoek, secretaris van de parochie Heilige Franciscus. ‘De brand wekte niet alleen afschuw, maar ook ontzag. Talloze mensen uit de wijde omtrek stonden er in doodse stilte naar te kijken. Ik heb geen ongepaste reactie gehoord. Niemand stond daar van een lekkere fik te genieten.’

Dat viel ook de journalisten op die in groten getale naar Hoogmade waren getrokken: een brandende kerk wekt ook eerbied buiten de kring van gelovigen. Je zag het eerder dit jaar bij de brand in de Parijse Notre Dame, in 2018 bij de Sint-Urbanuskerk in Amstelveen, en nu dus bij de Onze-Lieve-Vrouw Geboortekerk in Hoogmade.

De kerk is in tiptop-conditie afgebrand, zegt Hoek. Mede door de inzet van vrijwilligers heeft de parochie het gebouw altijd zelf kunnen onderhouden. De brand is vermoedelijk ontstaan bij schilderswerkzaamheden, halverwege het schip. Van daaruit verplaatste het vuur zich naar de voorzijde van de kerk, via loze ruimtes waarin veel kurkdroog stof lag opgetast. ‘Toen de vlammen uit de ranke spits sloegen, lieten sommige mensen hun tranen de vrije loop. Nu was de kerk haar waarmerk kwijt.’

Nog diezelfde avond bleek hoeveel energie zo’n calamiteit kan losmaken. In een plaatselijke horecagelegenheid, waar eerder die dag de leerlingen van de geëvacueerde basisschool waren ondergebracht, werd een bijeenkomst ‘voor troost en bemoediging’ belegd. Daar gingen, terwijl de brandweer nog aan het nablussen was, al de eerste stemmen op voor herbouw van de kerk. ‘Want Hoogmadenaren zijn meer doeners dan vergaderaars’, zegt Cobie Wolvers.

De afgebrande kerk. Beeld Marcel van den Bergh
De afgebrande kerk.Beeld Marcel van den Bergh

Of de bakstenen kerk in oude luister zal worden hersteld, valt overigens nog te bezien. Uit nader bouwkundig onderzoek moet blijken of de geblakerde restanten kunnen worden behouden. En zelfs als dat het geval zou zijn, is het nog maar de vraag of het bisdom Rotterdam met herbouw zal instemmen. ‘Kom maar met voorstellen’, heeft de bisschop tegen het parochiebestuur gezegd. En dat zal zeker aan die uitnodiging gehoor geven, belooft Hoek. ‘Na uitvoerige consultatie van de parochianen, de mensen om wie het gaat. Al hun suggesties worden in grote dankbaarheid aanvaard, maar zorgvuldigheid gaat voor snelheid.’

Het meest urgente vraagstuk is momenteel waar de rooms-katholieken van Hoogmade de komende jaren ter kerke zullen gaan. De parochie in Rijpwetering, die onder de hoede staat van dezelfde pastoor als de parochie in Hoogmade, heeft haar kerk voor vieringen aangeboden. ‘Dat leek een goede oplossing’, zegt Wolvers. ‘Maar de mensen bleken er toch niet veel voor te voelen. Ze willen liever bij elkaar blijven. In Rijpwetering heeft men niet het verdriet dat wij hebben. De rouw heeft er een andere verschijningsvorm.’

Gevolg van die overweging is dat de katholieken van Hoogmade voorlopig uitwijken naar provisorische, niet gewijde gebedshuizen in het eigen dorp. ‘Een kerk bestaat tenslotte niet alleen uit stenen, maar ook uit mensen’, zegt Hoek. Voor de zondagse vieringen maken die mensen gebruik van gemeenschapsgebouw Drieluik, de kerstviering zal dit jaar plaatsvinden in gymzaal De Schuur. Voor uitvaartplechtigheden kan de parochie gebruikmaken van de intieme protestantse kerk. Zo levert de brand ook nog een bijdrage aan de oecumene – het streven naar religieuze eenheid.

Zondagse viering in gymzaal De Schuur in Hoogmade. Beeld Marcel van den Bergh
Zondagse viering in gymzaal De Schuur in Hoogmade.Beeld Marcel van den Bergh

En dat is niet het enige positieve neveneffect van de grote brand van 4 november, denkt Henk Hoek. Er gaat een sterk ‘mobiliserend effect’ van uit op parochianen, maar ook op mensen die hij de laatste jaren niet meer zo vaak in de kerk zag. ‘Misschien markeert de brand wel een ommekeer, want de rooms-katholieke kerk heeft een enorme groeipotentie. De mens, ook de ontkerkelijkte mens, heeft een enorme behoefte aan rituelen. En die hebben wij allemaal in huis. Wij beschikken over een weelde van liturgische handelingen. Het is jammer dat veel mensen daar alleen op Kerstavond onderdeel van willen zijn.’

De rooms-katholieke kerk is de laatste jaren in één adem genoemd met kindermisbruik. Soms was dat terecht, zegt Hoek. ‘Van onze leiders hadden we meer moreel gezag mogen verwachten.’ Maar de kerk is er ook voor vergeving en verzoening – deugden die nogal in onbruik zijn geraakt. Zo niet in Hoogmade. Daar werd op een van de eerste zondagen na de brand gebeden voor de mogelijke veroorzaker van de brand. Wolvers: ‘Die arme schilder is ook slachtoffer.’

Meer over