Doe maar iets fris

De 45ste editie van Pinkpop werd meer dan ooit gedomineerd door witte, rockende mannen van boven de 40. Het festival werd

Het is Pinkstermaandag, rond vier uur, en heel even is het echt 2014 op Pinkpop. Op het heetst van de dag, het is meer dan 30 graden, is de wei voor de 3FM-stage (het voormalige noordpodium) volgelopen voor Stromae, het Belgische fenomeen dat nog voor het eind van het jaar tweemaal in een uitverkochte Ziggo Dome zal staan.

We zien hem voor het eerst optreden bij fel zonlicht, de man die in het echt Paul Van Haver heet. Dat bevalt prima: minder aandacht voor de visuals, meer aandacht voor Stromae zelf. Hij zingt en rapt goed, houdt het tempo lekker hoog houdt en doet leuke dansjes.

Goed, de man heeft nog onvoldoende goede liedjes voor een heel optreden. De feestjes zaten aan het begin en aan het eind (Papataoui); daar tussenin moest hij stutten met een lap vlakke eurotrance. Maar start en einde waren fris, en dat konden we wel gebruiken in dit tropische weer en zeker ook op deze editie van Pinkpop, die misschien wel meer dan ooit gedomineerd werd door witte, rockende mannen van 40 of (veel) ouder. Festivalafsluiter Metallica, oud-Led Zeppelin-frontman Robert Plant (die overigens indruk maakte) en de Stones natuurlijk, het hoge bezoek van zaterdagavond.

Toch was de 45ste editie van het Limburgse festival meer dan alleen het 'Jaar van de Stones', laat dat gezegd zijn. Pinkpop had de twee belangrijkste gitaarbands van de laatste jaren (Arctic Monkeys en Arcade Fire), een eigentijdse publieksfavoriet als John Mayer, de twee beste en leukste vertegenwoordigers van de blanke Britse soul van dit moment (Paolo Nutini en John Newman), jonge Engelse singer-songwriters als de innemende Ed Sheeran en ruim voldoende jong, Nederlands talent.

Prima dus, op voorhand, maar toch vielen veel optredens tegen, té veel eigenlijk om te kunnen spreken van een echt goede Pinkpop. John Mayer bleek op zaterdag mateloos populair en de Amerikaan kan ongeveer álles op zijn gitaar, maar het is haast aanstootgevend dat iemand met zoveel talent zulke saaie clichérock maakt.

Een nog grotere teleurstelling was de zaterdagheadliner: Arctic Monkeys. De band uit Sheffield legde de nadruk op recent werk van het bedachtzame midtempo-soort en leek daar zelf nog minder lol aan te beleven dan het publiek, dat teleurgesteld afdroop.

Dansfeestjes? De enige grote dance-act op het affiche, het eclectisch-elektronische Rudimental, ging aan zijn eigen oppervlakkigheid ten onder.

Op de afsluitende maandag bleek het fnuikend dat het hoofdpodium gereserveerd was voor oude rockers en dat afsluiter Metallica zeggenschap wilde over de bands die voor hen speelden. Zo kon het gebeuren dat Rob Zombie een oervervelende, lompe hardrockset mocht afdraaien op het hoofdpodium, en dat daarna het volstrekt nietszeggende Biffy Clyro zijn opwachting maakte, terwijl het gros van de Pinkpoppers zich voor het kleine 3FM-podium verdrong om Stromae te zien.

Rob Zombie, hoe verzin je het? Niemand zat op de man te wachten en geen mens kan een hit van de man fluiten, maar hij moest en zou op het hoofdpodium.

Je moest soms dus zoeken (en wachten) op de wél geslaagde optredens. Vooral de zondag kende onverwachte hoogtepunten, zoals Limp Bizkit: ook oud (gloriejaren rond 2000, herenigd in 2009), ook wit en ook rock. En de band had vroeger ook nog een beroerde reputatie, maar in Landgraaf speelden een vriendelijke Fred Durst en zijn band een hechte 'greatest hits'-set die in festivalsetting uitstekend werkte.

Ook erg goed: de Britse souljongens: eerst Paolo Nutini met zijn heerlijk rauwe strot en daarna de jongeling John Newman, die geruggesteund door een uitstekende band in de Brand Bier-tent een soulrevue neerzette die dampte en spetterde van de energie. Fijne liedjes, witte colberts en een voortreffelijke, licht hese stem.

Tot slot werd Pinkpop na de Stones ook een beetje gered door de Nederlanders. Op het Pinkpopterrein (of eigenlijk net erbuiten) stond voor het eerst een vierde podium: Stage 4, dat fungeerde als 'talenttent'. Afterpartees (punky powerpop uit het Limburgse Horst) en Birth Of Joy (classic rock uit Utrecht) verzorgden er uitstekende optredens en dat gold ook voor Chef'Special (zondagsfeestje op het zonovergoten hoofdpodium), Taymir (krachtige indierock uit Den Haag) en het veelzijdige poptalent Jett Rebel, die op de 3FM-stage zijn podiumtalent etaleerde.

Af en toe viel er iets te lachen, al was dat niet altijd de bedoeling. De gekostumeerde Zweedse hardrockgroep Ghost heeft zichzelf een duister imago aangemeten, maar bleek het vriendelijkste spookje sinds Casper. Hun melodieuze rock was niet eens vervelend, maar serieus kon je het toch moeilijk nemen.

Zo vermaakte je je prima. Het weer was tropisch en het eten en drinken is op Pinkpop ook prima; het aanbod is de laatst jaren met grote sprongen vooruitgegaan. Maar het gevoel dat Pinkpop 2014 na de triomftocht van The Rolling Stones te weinig echte hoogtepunten bracht, wordt daar niet door weggenomen.

Recensies van de maandagafsluiters Arcade Fire en Metallica zijn te lezen op volkskrant.nl

Code Rood

Code Oranje werd tegen het vallen van de laatste avond Code Rood voor Zuid-Limburg. Waarschuwingen verschenen op lichtborden: schuil niet bij podia of onder masten en bomen. Ga gehurkt op het terrein zitten. Terwijl Arcade Fire speelde, zag het publiek de lucht achter het noordpodium gitzwart worden. Om 20 uur begon het noodweer: stortregen, plotselinge storm en imposante bliksemschichten. Toch bleven veel mensen kijken naar Arcade Fire en naar Gogol Bordello (in de Brand Bier-tent). Om 21 uur werd Code Rood opgeheven. Niemand raakte gewond, de schade viel mee.

undefined

Meer over