Dodelijke slachtoffers

HET AANTAL dodelijke slachtoffers dat te betreuren valt als een vliegtuig is neergestort, of als een skitrein in brand is geraakt, kan meestal met redelijke nauwkeurigheid worden vastgesteld....

Ad Lagendijk

Hoe anders is dat gesteld met rampen die ook op lange termijn een negatief effect op de gezondheid van de mens kunnen hebben. Denk hierbij aan calamiteiten zoals een ontplofte chemische fabriek of een gesmolten kerncentrale. Het schatten van het totaal aantal slachtoffers wordt in zulke gevallen een stuk lastiger.

Om tot een goed onderbouwde berekening van het aantal slachtoffers te komen, zijn grootschalige bevolkingsonderzoeken nodig. Vergelijkend onderzoek met controlegroepen is van belang. Verder moet tientallen jaren lang de gezondheidstoestand van een groep blootgestelden worden bijgehouden. Exacte wetenschappers zullen eraan te pas moeten komen. Ondanks al die vereende inspanningen blijven de getallen behept met grote onzekerheidsmarges.

Maatschappelijke groeperingen hebben geen boodschap aan de omzichtig geformuleerde uitkomsten. Betrokken bedrijven bagatelliseren de ernst van de ramp. Milieuactivisten overdrijven risico's sterk.

De media laten zich ook niet onbetuigd. Tv-kijkers krijgen zielige, zieke mensen te zien, van wie wordt beweerd dat zij door de ramp ziek zijn geworden. Helaas wordt er nooit enige statistische onderbouwing gepresenteerd.

Een ramp waarbij radioactieve straling vrijkomt, is wel de ergste nachtmerrie. Tsjernobyl (1986) heeft die angsten nog eens flink aangewakkerd. Vlak na deze kernramp werd heel Europa gewaarschuwd voor de gevaren. We mochten geen verse groenten eten. Naar schatting vijftigduizend vrouwen hebben zich uit angst voor misgeboorten laten aborteren. NRC Handelsblad schreef drie weken geleden nog dat in Rusland de mensen als gevolg van die kernramp 'bij bosjes sterven'.

Wetenschappelijke ramingen van het aantal slachtoffers van Tsjernobyl werpen een ander licht op de ramp. In het kwartaalblad Natuurkunde en Maatschappij (Physics & Society) van de American Physical Society vindt de laatste jaren een boeiende discussie plaats over de schadelijke gevolgen van radioactieve straling.

Het aantal direct omgekomenen als gevolg van Tsjernobyl wordt geschat op rond de veertig. Hierbij zijn de abortussen buiten beschouwing gelaten.

En het lange-termijneffect van Tsjernobyl dan? Daar lopen de berekeningen uiteen van geen enkel slachtoffer tot wereldwijd 25 duizend getroffenen.

De grote onzekerheid in de cijfers wordt veroorzaakt doordat de straling die vrijkwam boven Europa, zo laag is dat de eventueel veroorzaakte schade voor de gezondheid bijna niet kan worden vastgesteld. Als resultaten van onderzoek van hoge stralingsbelasting, zoals opgetreden bij de bom van Hiroshima, worden doorgetrokken naar lage belasting (waar geen gezondheidgegevens bekend zijn) kom je op dat getal van 25 duizend.

De vraag is of die extrapolatie wel verantwoord is. Ieder mens krijgt dagelijks van de natuur een portie radioactieve straling te verwerken. De kwestie waar alles om draait, is of er nog gevaren voor de gezondheid bij de mens optreden, als de stralingsbelasting ten gevolge van een ramp lager is dan die van de achtergrondstraling.

Als je aanneemt dat er een stralingsdrempel bestaat waarbeneden zich geen negatieve gevolgen voor de gezondheid meer voordoen, moet je tot de conclusie komen dat Tsjernobyl geen lange-termijnslachtoffers zal maken. De tientallen studies van gezondheidsschade bij radioactieve straling die wereldwijd zijn uitgevoerd, geven geen uitsluitsel over het wel of niet bestaan van een stralingsdrempel.

Meer over