DNA en criminaliteit

Technische ontwikkelingen in de opsporing worden doorgaans gepresenteerd als slecht nieuws voor de rechtsstaat. De voortschrijdende techniek, bijvoorbeeld op het gebied van DNA, maakt dan wel steeds preciezer opsporing en bewijsvoering mogelijk, maar leidt ook tot een samenleving waar de staat de burger kan volgen in al zijn doen en...

Als de opsporingstechnieken er zijn, dan zullen ze uiteindelijk worden gebruikt, zegt Bernard Welten, korpschef in Groningen en portefeuillehouder forensisch technisch onderzoek van de Raad van Hoofdcommissarissen. Er is weinig reden aan zijn woorden te twijfelen en daarom is het van belang dat de toepassing van deze nieuwe technieken tijdig met waarborgen wordt omkleed.

De Tweede Kamer stemde donderdag in met een wetsvoorstel dat voorschrijft dat mensen die zijn veroordeeld voor een delict waarop maximaal vier jaar of meer gevangenisstraf staat hun DNA moeten afstaan. Dat was acht jaar. Het DNA wordt opgeslagen in een databank die bij het plegen van een volgend delict goede diensten moet bewijzen.

Tijdens het Kamerdebat was weinig huiver meer te bespeuren voor de mogelijkheden die nieuwe opsporingstechnieken bieden. Verruiming van het gebruik van DNA past in het zich verhardende klimaat rond de criminaliteitsbestrijding. Dit neemt niet weg dat met de DNA-techniek misdrijven kunnen worden opgelost die nu bij gebrek aan bewijs terzijde moeten worden gelegd. Bovendien kan de techniek de burger ook beschermen tegen al te ijverige opsporingsinstanties. Wie is er bij een onterechte verdenking niet blij als er een (ontlastend) DNA-spoor wordt gevonden?

Er blijven desondanks enige belangrijke vragen over. Het DNA-onderzoek beperkt zich nu tot het afnemen van wangslijm, maar kan worden uitgebreid naar kleur van haar of ogen van de verdachte, diens geslacht en etnische afkomst. Waarom mag een ooggetuige daar wel iets over zeggen, en een DNA-spoor niet? Een ander punt is of het DNA niet al tijdens het vooronderzoek moet worden afgenomen, in plaats van achteraf, wat een hoop werk zou besparen. In dat geval is het van belang dat het materiaal wordt vernietigd als de verdachte onschuldig blijkt.

Hoe groot de druk is om de grenzen van wat mag steeds verder op te schuiven, blijkt uit het pleidooi van de politie om bij de opsporing ook gebruik te mogen maken van de vingerafdrukken die asielzoekers bij aankomst moeten afstaan. Een vingerafdruk is weliswaar niet hetzelfde als DNA, de stap daar naartoe is dan nog maar klein. Niettemin een stap te ver.

Meer over