Diplomatie verliest glans door fax, media en Internet

De tijd dat het woord van Harer Majesteits ambassadeur wet was in Den Haag, is voorbij. De ministers zitten niet meer te springen om advies van de diplomatie....

Van onze verslaggever

Ewoud Nysingh

DEN HAAG

'Hef die dure ambassades Kopenhagen, Stockholm, Helsinki en Oslo maar op en maak er handelsmissies van', is de conclusie van oud-minister van Defensie A. Stemerdink (PvdA) in het vandaag verschijnende maandblad voor internationale betrekkingen, de Internationale Spectator. De discussie over zin en onzin van de diplomatie is begonnen.

Stemerdink gaat nog verder. In de belangrijkste buurlanden hoeft helemaal geen vertegenwoordiging te zijn. 'Bonn, Parijs en Londen kunnen gemakkelijk vanuit Den Haag worden bediend.' Want, zegt Stemerdink uit ervaring, ambassadeurs hebben 'eigenlijk nooit' politieke informatie geleverd die van belang was voor de meningsvorming op Buitenlandse Zaken en in het kabinet. 'Men had eenvoudigweg de contacten niet.'

De oud-diplomaat H. Meesman, van 1990 tot 1993 ambassadeur in Washington, vindt dat er juist te weinig wordt geluisterd naar de adviezen van ambassadeurs. Hij wijst op de 'zwarte maandag' in 1991, toen tegen het advies van de toenmalige ambassadeur in Brussel een te federalistisch voorstel werd gepresenteerd door de toenmalige Nederlandse EU-voorzitter (Lubbers, Van den Broek, Dankert).

Ook noemt Meesman de kandidatuur van oud-premier Lubbers voor de functie van secretaris-generaal van de NAVO. Meesman: 'Waarop was in politiek Den Haag de overtuiging gebaseerd dat wij in hem zo'n sterke kandidaat hadden? In de kringen van ambassadeurs in Washington heb ik herhaaldelijk gehoord dat hij zich onder zijn directe collegae van de Europese Unie een reputatie had verworven van iemand die alle kanten op kon en wars was van het doorhakken van knopen.' En: 'Van de Amerikanen was bekend dat zij Van den Broek wilden.'

In Den Haag wordt niet begrepen dat delegaties tijdens topconferenties niet het achterste van hun tong laten zien. 'In het samenzijn van één à twee dagen op het hoogste niveau, omgeven met de nodige balsem voor de ziel in de vorm van eerbewijzen en ceremonieel, is er de natuurlijke neiging elkaar niet te hard aan te pakken.'

Al die uitlijders hebben volgens Meesman overigens geen vreselijke gevolgen. 'Ook voor Nederland niet. Want wij worden nu eenmaal gemakkelijker over het hoofd gezien dan een grote mogendheid.'

Nederland wordt zelden beoordeeld op zijn doen en laten. Ook niet na de kruisrakettencrisis. Meesman citeert een vroegere chef: 'Wij gaan om, niet om vijf voor twaalf, zoals ieder ander, maar om één voor twaalf. Jammer dat iedereen dat weet.'

Hij is somber over de toekomst van de diplomatie. Want de rol van de ambassadeur is ten onrechte uitgehold. Meesman: 'Vandaag de dag krijgt hij ongevraagd voor elk wissewasje een instructie. De uitvoering van het buitenlands beleid is hem grotendeels uit handen genomen.' De goede ambassadeur kan zijn mening wel snel kwijt in Den Haag - hij is meer wegbereider dan pleitbezorger. De zwakke broeder loopt 'het risico slechts kwartiermaker en doorgeefluik te worden'.

Meer over