Dijsselbloem: tweede helft wordt beter voor PvdA

Voor de PvdA wordt regeren in de tweede helft van deze kabinetsperiode aantrekkelijker, voorspelt minister Dijsselbloem van Financiën. Het wordt economisch beter, er valt meer geld uit te geven. PvdA'er Dijsselbloem, een van de geestelijk vaders van het kabinet, vraagt de weggelopen PvdA-kiezers daarom enig geduld te hebben met het kabinet.

null Beeld anp
Beeld anp

Dit zegt de PvdA-bewindsman in een interview met de Volkskrant. Zaterdag is de eerste dag van het PvdA-congres in Utrecht. De PvdA-top moet daar proberen de grote zorgen van de achterban over de toestand van de partij weg te nemen. Een grote nederlaag dreigt bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten en de Eerste Kamer op 18 maart.

Schatkistbewaarder Dijsselbloem voorspelt dat de omstandigheden gaan helpen.`We komen in een nieuwe fase terecht, ook economisch. Nu komen we in de tweede helft waarbij het mogelijk is allerlei dingen te doen. Laten we zelf de vruchten plukken van het economisch herstel en daar ook de komende twee jaar invloed op hebben.'

Dat extra geld zal een gunstig effect hebben op het PvdA-profiel, zo verwacht Dijsselbloem: `Het helpt wel, absoluut.' Het is een opmerkelijk signaal van de strenge minister van Financiën aan zijn achterban die aan de vooravond van een derde verkiezingsnederlaag lijkt te staan.

Handoek niet in de ring

Dijsselbloem voelt er niets voor de handdoek in de ring te gooien bij een slechte uitslag op 18 maart: `We moeten oppassen bij verlies van tussentijdse verkiezingen te zeggen: laten we er maar een punt achter zetten.'

Tegelijkertijd is hij het niet eens met premier Rutte, die stelt dat het kabinet hoe dan ook kan doorregeren, ongeacht de uitslag. `Als we in de Eerste Kamer niets meer overhouden wordt het heel lastig nog effectief te zijn.' De peilingen laten bij de provinciale statenverkiezingen een ruime halvering van de PvdA zien. Statenleden kiezen de Eerste Kamer. Als de fractie daar wordt gehalveerd, blijven er van de veertien senatoren nog vijf of zes over. Dan wordt het moeilijker nog beleid te voeren.

Meer over