Diana

BERT WAGENDORP

Over elf dagen, op 31 augustus, is het zestien jaar geleden dat Diana, Princess of Wales, in een Parijse tunnel overleed op de achterbank van een Mercedes. Ook haar minnaar, Dodi al-Fayed, overleefde de klap in de Ponte de l'Alba niet. Over zestien dagen, op 5 september, gaat in Londen Diana in première, een speelfilm over de laatste twee levensjaren van Diana en haar laatste grote liefde - niet Dodi, maar de chirurg Hasnat Khan.

Gisteren stond er op de voorpagina van de Volkskrant een klein berichtje: 'Nieuwe informatie over dood Diana'. Ik begon meteen te lezen en bladerde haastig door naar de buitenlandpagina's, waar Patrick van IJzendoorn de kwestie verder toelichtte: Lady Di is volgens de zondagstabloid Sunday People mogelijk vermoord door de SAS, de speciale eenheid van het Britse leger die is gespecialiseerd in vuile klusjes.

Ik geef graag toe dat ik wel pap lust van zulk nieuws.

Scotland Yard gaat de zaak onderzoeken. Ze moet wel: zelfs de lichtste scepsis is voer voor de complotdenkers.

Hoe dan ook: fraai staaltje pr en perfecte timing van de reclamejongens van de filmmaatschappij. Maar misschien ook wel van gezond journalistiek wantrouwen.

Diana is nog altijd een ijzersterk merk. Onmiddellijk na haar dood was duidelijk dat ze voorlopig niet in vrede zou rusten. Dat was pure kapitaalvernietiging geweest: haar commerciële waarde, bij leven al immens, nam na haar dood alleen maar toe. Vanity Fair zette haar deze maand voor de vijfde keer sinds haar dood op de cover: garantie voor hoge losse verkoop.

De omstandigheden waaronder de People's Princess stierf en de dubieuze types waarmee ze aan het eind van haar leven omging, boden ook te fraaie aanknopingspunten voor speculatie en complottheorie. En waar commercie en journalistieke nieuwsgierigheid een verbond aangaan, is het hek van de dam en draaien de persen op topsnelheid.

De dood van godinnen is te groot voor banale verklaringen als een dom auto-ongeluk - of een overdosis slaappillen, zoals in het geval van Marilyn Monroe, wier dood ook alweer een halve eeuw goed is voor spannend infotainment.

Het ongeluk waarbij Diana om het leven kwam, is door officiële instanties diepgravend onderzocht. Eerst was er een Frans onderzoek dat enkele jaren in beslag nam, vervolgens een Brits, dat na een paar jaar en 4 miljoen pond aan kosten tot dezelfde conclusie kwam: het was een ongeluk. De chauffeur van Diana's auto, die ook het leven liet, was dronken en reed als een bezetene. Zaak gesloten.

Maar zo werkt dat dus niet, in de Angelsaksische journalistiek. Inmiddels bestaat er een boekenkast vol samenzweringstheorieën rond Diana's dood. Onderzoeksjournalist John Morgan heeft in zijn eentje inmiddels al negen boeken geschreven waarin hij tracht aan te tonen dat de prinses is vermoord en suggesties doet waarom en door wie.

In Nederland hebben we ook een dode die zich bij uitstek leent voor dergelijke journalistiek: Pim Fortuyn. Maar verder dan een poging van Ine Veen (Moord namens de Kroon?) en een thriller van Thomas Ross (De zesde mei) zijn we tot dusver niet gekomen. Misschien zijn we te klein voor de grote speculatie. Misschien is ons ontzag voor officiële onderzoeken en rapporten te groot, zijn we niet nieuwsgierig genoeg of te beschaafd - of kunnen we ons gewoon niet voorstellen dat ons brave land ook smerige zaakjes kent.

Dus doen we het van een veilig afstandje met die rare Engelsen, wat eigenlijk best jammer is.

undefined

Meer over