'Deze kwetsbare jongeren kun je niet zomaar loslaten'

90 procent van de meisjes die uit uit een gesloten jeugdinstelling komen, functioneert later slecht.

VAN ONZE VERSLAGGEEFSTER MARJON BOLWIJN

Er zijn veel meer meisjes als Daniëlla. Meisjes met gedragsproblemen die na jaren in een gesloten jeugdinrichting op hun 18de op eigen benen moeten gaan staan en daarna diep in de problemen raken. Daniëlla uit Groningen werd kort na haar vertrek uit een instelling zwaar mishandeld door haar stiefvader, met dodelijke afloop. 'Je kunt deze kwetsbare jongeren niet zonder intensieve begeleiding loslaten in de maatschappij', zegt kinderpsycholoog Elsa van der Molen, die onderzoek heeft gedaan naar deze groep. Ze is het daarom eens met kinderombudsman Marc Dullaert dat er een vangnet moet zijn voor deze 18-plussers.

Elsa van der Molen, als onderzoeker verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Leiden, zocht de afgelopen jaren met haar collega kinderpsychiater Anne Krabbendam 229 jonge vrouwen op die vijf jaar eerder een gesloten jeugdinstelling hadden verlaten en de straat werden opgestuurd. Omdat ze volwassen waren, vielen ze niet meer onder de verplichte hulp van Jeugdzorg en moesten het zelf uitzoeken. Van alle ondervraagde meisjes heeft 90 procent zulke ernstige problemen dat zij niet 'normaal' kunnen functioneren.

Wat trof u aan bij deze jonge vrouwen?

Het meest verontrustend vond ik dat eenderde in die vijf jaar moeder was geworden en van deze kinderen was een kwart al onder toezicht van Jeugdzorg of uit huis geplaatst. Is dit de nieuwe generatie kinderen die we over een paar jaar in een gesloten instelling tegenkomen? 40 procent van deze jonge vrouwen heeft een persoonlijkheidsstoornis, 35 procent is verslaafd aan alcohol of drugs, 20 procent is depressief, tweederde heeft geen diploma, het grootste deel heeft geen werk en kampt met grote schulden. De meesten hebben meerdere van deze problemen. Hadden de vrouwen een relatie, dan was er bij meer dan de helft sprake van geweld. De behandelingen in de jeugdinstellingen hadden weinig effect gehad.'

Hebben zij hulp?

Nee, alleen een handjevol vrouwen dat met justitie in aanraking is gekomen. Die worden na hun detentie begeleid door een reclasseringsambtenaar bij scholing of het zoeken van werk. Wij hebben alleen meisjes bij het onderzoek betrokken omdat zij veel minder dan jongens het criminele pad op gaan, dus uit het zicht verdwijnen. Een minderjarige kun je hulpverlening opleggen, volwassenen alleen als zij met justitie te maken hebben. We hebben alle vrouwen thuis opgezocht en ze waren dolblij dat er eindelijk iemand langskwam om te vragen hoe het met hen gaat.'

De kinderombudsman vindt dat er ook voor jongvolwassenen verplichte hulp moet zijn.

'Daar ben ik het helemaal mee eens, want nu is er niets. Het gaat om getraumatiseerde, zeer kwetsbare mensen die nog niet in staat zijn een zelfstandig leven te leiden. Ze hebben vaak geen ouders om op terug te vallen of de situatie thuis is onveilig, zoals bij Daniëlla uit Groningen.'

Hoe moet die hulp er uitzien?

'Er moet een speciaal vangnet voor deze groep komen. Dagelijkse intensieve begeleiding, waarin behandeling van psychische problemen en het zoeken naar scholing of werk samengaan. Het lijkt mij niet verstandig dit te laten uitvoeren door hulpverleners van de jeugdinstelling waar ze hebben gewoond. De meeste jongeren hebben ambivalente gevoelens jegens die instanties en zijn die hulp zat.

'Ik maak me er zorgen over of er, met de bezuinigingen op de zorg, een vangnet komt. Maar de investering zal zich op termijn uitbetalen, want deze groep kost de samenleving veel geld aan uitkeringen, uithuisplaatsing van hun jonge kinderen, verslavingszorg en de problemen die op termijn nog te verwachten zijn.'

undefined

Meer over