Deskundigen twisten over nut pillen tegen hersenstoornis

Steeds meer kinderen met ADHD, hyperactiviteit door een hersenstoornis, slikken medicijnen. Met succes. Maar sommige experts zijn tegen: met alleen een pil ben je er niet....

'Dokter, geeft u hem maar een pil': hulpverleners treffen steeds vaker ouders die de wanhoop nabij zijn omdat ze niet weten wat ze met hun kind aan moeten. 'Ze hopen dat ik zeg dat hun kind ADHD heeft', aldus klinisch psycholoog C. van Gorkom van het Oudenrijn Ziekenhuis in Utrecht. 'Ik kan me indenken dat het hun geruststelt als er sprake is van een afwijking, en het dus niet aan hun aanpak ligt als het met het kind niet lukt.'

Ouders beseffen echter niet wat de diagnose Attention Deficit Hyperactivity Disorder betekent, denkt Van Gorkom. 'Het is een chronische aandoening die niet overgaat. Met een pil ben je er niet. De ouders moeten hard blijven werken aan een ordelijk en overzichtelijk opvoedingsklimaat voor hun kind.'

Het fenomeen van het hyperactieve kind, zoals een kind met ADHD vaak wordt genoemd, is in opmars. ADHD is een stoornis in de hersenen waardoor kinderen moeite hebben zich te concentreren en impulsen te onderdrukken, en waardoor 'boodschappen' niet goed doorkomen in hun hoofd.

Sinds het midden van de jaren tachtig is het in Nederland gebruikelijk medicatie te geven tegen ADHD, meestal Ritalin. 'Tot dan toe vond men dat je kinderen, die nog in ontwikkeling zijn, alleen in het uiterste geval pillen moest geven', zegt klinisch-psycholoog J. Sergeant van de Universiteit van Amsterdam.

Ritalin maakt kinderen rustiger, hetgeen hun gedrag en leerprestaties ten goede komt. De laatste jaren is het gebruik van Ritalin explosief gegroeid. Sergeant vindt het geen probleem. 'Van de ADHD-kinderen reageert 70 tot 80 procent er goed op.'

De Engelse psycholoog R. DeGrandpre is wél bezorgd. In zijn boek Ritalin Nation wijst hij erop dat Engeland grootverbruiker is geworden, in navolging van de VS waar al acht miljoen kinderen - 15 procent van de schoolgaande jeugd - Ritalin slikken. Volgens DeGrandpre liggen de oorzaken van hyperactief gedrag vaak in de opvoeding en heeft het dus geen zin pillen te geven.

Kinderpsychiater J. Buitelaar van het Utrechtse academisch ziekenhuis is het eens met DeGrandpre. 'In Amerika is de definitie van ADHD veel te veel opgerekt.' Gedragsproblemen worden daar volgens hem te vaak met medicijnen aangepakt.

Sergeant is er beducht voor dat de Amerikaanse pillen-praktijk in Nederland navolging zal krijgen, bijvoorbeeld als gevolg van slordige diagnoses. 'Je hoeft niet een heel bijzonder moeilijk kind te zijn om voor ADHD'er door te gaan. Daarbij werkt Ritalin ook goed bij een normaal kind, de prestaties vliegen omhoog. Het middel heeft een brede schaal van effecten. In de VS vragen ouders al om Ritalin zodat hun kind beter gaat presteren. Studenten willen voor hun examen de ''brainpill''. Niet omdat je er slimmer door wordt, maar omdat je je er langer mee kunt concentreren.'

Tussen de landelijke percentages kinderen met ADHD bestaan grote verschillen. Dat is niet het gevolg van regionale invloeden, maar van verschillende onderzoeksmethoden. Het medische tijdschrift The Lancet meldde in 1998 dat, afhankelijk van ruime of strengere onderzoekscriteria,

1 tot 24 procent van de jeugdige Britten ADHD heeft. Als wordt gemeten met strenge maatstaven, hebben in Nederland naar schatting 60 duizend kinderen ADHD. Dat is 3 procent van de jeugd.

Van deze groep wordt volgens kinderpsychiater J. Buitelaar hooguit een kwart behandeld. Een deel van hen slikt Ritalin. Dat veel kinderen, en nu ook volwassenen, ADHD hebben, is niet te wijten aan een modegril. De toegenomen kennis en verbeterde diagnostiek hebben deze aandoening voor het voetlicht gebracht. Buitelaar: 'Het Ritalin-gebruik in Nederland kan wijzen op een inhaalbeweging.'

Sergeant vreest dat het succes van de, relatief goedkope, pil de overheid zal stimuleren duurdere gedragstherapie niet meer te vergoeden. 'De overheid wil snelle, korte en effectieve hulpverlening. Kinderen met ADHD die pillen slikken, hebben nog steeds gedragsproblemen. Ze moeten sociale vaardigheden leren en hun bestaan leren ordenen.'

De oudervereniging Balans heeft zich toegelegd op ADHD-problemen. Woordvoerder A. Paternotte: 'Ik snap de angst bij gedragstherapeuten, maar veel therapieën wegen niet op tegen Ritalin. Een kind met astma geef je medicijnen, in plaats van te leren omgaan met zijn benauwdheid. Al blijf ook ik van mening dat ouder en kind begeleiding behoeven. Ik maak me zorgen over de geringe middelen die hiervoor beschikbaar zijn.'

Meer over