Denen lopen niet te koop met eigen asielbeleid

Hébben de Denen iets om Europa eindelijk eens een lesje te leren, kúnnen ze het niet. Na jarenlange kritiek op het strenge en steeds strengere Deense immigratiebeleid kondigt het ene na het andere Europese land strictere regels aan....

Een buitenkansje dus voor aanstaand EU-voorzitter Denemarken het eigen asielbeleid als voorbeeld te nemen voor een gemeenschappelijk Europees asielbeleid.

Maar de Denen kijken wel uit. Officieel ziet de liberaal-conservatieve regering geen aanleiding gidsland te spelen en het onderwerp hoog op de Europese agenda te zetten. Bertel Haarder, minister van Vluchtelingen, Immigratie en Integratie, en van Europese Zaken spreekt van slechts 'marginale veranderingen' die zijn regering recent heeft doorgevoerd.

Waarmee overigens 'Denemarken nog altijd met kop en schouders uitsteekt boven wat immigranten elders in de EU wordt geboden'.

Voorlopig geniet Haarder na van het bezoek dat Ruud Lubbers hem, aanstaand EU-voorzitter, heeft gebracht. Wat de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de VN betreft zijn er elementen uit het Deense asielbeleid die - liefst ook in EU-verband - kunnen worden voortgezet, onder andere het aantal asielzoekers dat jaarlijks wordt toegelaten.

Met Lubbers' bezoek voelen de Denen zich weer thuis in het rijtje van good guys. Méér kan altijd, weet ook Haarder, maar om een voorbeeld te noemen: de Denen hebben vorig jaar ruim twaalfduizend asielaanvragen te verwerken gekregen, 23 per tienduizend inwoners. Daarmee staat Denemarken in de top van de EU, met Oostenrijk (38), Zweden en Ierland (27), België (24) en Nederland (21). 'En wat betreft het toekennen staan we met 50 procent nummer één, veruit nummer één', zegt Haarder.

Desondanks is Denemarken zich bewust van het gedeukte imago dat het tolerante Denen over zich hebben afgeroepen met een van de strengste immigratiewetten van Europa. Onder leiding van de sociaal-democraten van Poul Nyrup Rasmussen werden de voorwaarden voor immigranten drie jaar geleden al aangescherpt. De libraal-conservatieve regering van Anders Fogh Rasmussen heeft daar met steun van de populistische Dansk Folke Parti een schep bovenop gedaan.

Voor vluchtelingen op humanitaire gronden is de grens dicht. Alleen vluchtelingen volgens de internationale conventies maken nog kans, maar moeten binnen zeven jaar terug als de situatie in hun land normaliseert. Een verblijfsvergunning komt na zeven jaar (was drie) af.

In het kader van gezinshereniging mag over de grens worden getrouwd als beide partners 24 jaar zijn. Immigranten die nog komen, krijgen de eerste zeven jaar geen uitkering, zij die er al zijn worden gekort.

Denemarken voelt zich in Europa echter absoluut geen gidsland. 'Die invloed hebben we niet', relativeert Haarder de Deense voorbeeldfunctie. Heel Kopenhagen weet dat Deense immenging in een Europees immigratiebeleid ook niet getolereerd zou worden. De Denen wensten in 1992 immers niet mee te doen aan een gemeenschappelijk asielbeleid en bedongen daarvoor een van de vier opt-outs die het nog altijd koestert.

Spijt? Niet echt. Voor Peter Skaarup van de Dansk Folkeparti blijft het immigratiebeleid een nationale zaak. 'We willen met anderen samenwerken, maar willen niet dat daarover in Brussel, door politici die niet door het volk zijn gekozen, wordt beslist.'

Sommige oppositiepartijen hadden liever wel een actievere Deense rol gehad. Sophie Haestorp Andersen van de Socialdemokratiet voelt weliswaar eindelijk erkenning voor wat Denemarken doet, maar vergelijkt de situatie 'met een schroef waaraan je kunt blijven draaien. Als wij strengere wetten maken, doen de buren het ook. '

Maar zelfs als Denemarken misschien onbewust toch als voorbeeld dient, is dat vooral het verkeerde, vindt Elsebeth Gerner Nielsen van het Radikale Venstre, het Deense D66. 'Het probleem van Denemarken en ook de Europese Unie is dat de immigratie niet op een menselijke manier wordt aangepakt. Aan de ene kant hebben we een tekort aan arbeidskrachten, maar door de uitkeringen van immigranten te verlagen vergroten we de kloof tussen arm en rijk.'

Meer over