REPORTAGE

Deemoed redt Volkswagen niet bij Congres

De Amerikaanse VW-topman Michael Horn moest zich woensdag verantwoorden bij de Amerikaanse parlementaire commissie. Die reageert met ongeloof en teleurstelling.

VW-topman Michael Horn. Beeld EPA
VW-topman Michael Horn.Beeld EPA

Het ongeloof straalt van de gezichten, klinkt door in de vragen en in de soms haperende stemmen van de 24 leden van de Amerikaanse parlementaire commissie die het dieselschandaal bij Volkswagen onderzoeken.

Voor hen zit Michael Horn, de 51-jarige bestuursvoorzitter van Volkswagen Amerika. Hij zit rustig met zijn armen over elkaar en spreekt Engels met dat Duitse accent dat ondanks de deemoed toch altijd enigszins ironisch klinkt.

Hij heeft meteen zijn oprechte excuses aangeboden. Namens zijn bedrijf, namens zijn collega's en vooral ook namens zichzelf. En hij heeft gezegd dat hij er zelf ook niets van begrijpt. 'Ik heb nooit gedacht dat dit mogelijk was, binnen de Volkswagen Groep.'

Maar de suggestie van Horn dat dit de schuld is van een paar ongehoorzame programmeurs, die op eigen houtje met de software hebben zitten knoeien, gaat er bij de meeste Congresleden niet in.

'U zegt dat er maar een paar mensen bij betrokken waren?', vraagt Tim Murphy, de voorzitter van de commissie. 'De universiteit van West-Virginia ontdekt dit en jullie hele leger van briljante ingenieurs weet niet dat er iets mis is?'

'Het is darn hard om te geloven wat u ons wilt laten geloven', zegt Michael Burgess, een grote, wat kwabbige Republikein uit Texas. 'Deze software is niet geschreven door één mannetje in een kelder.'

Teleurstelling

Horn, een man met zakelijk stekelhaar en grijze slapen, wast zijn handen in onschuld. Pas begin september, zo houdt hij vol, hoorde hij dat er software in de auto's zit die herkent wanneer de wagen op de rollenbank staat - dat merkt de boordcomputer waarschijnlijk doordat er niet wordt gestuurd, terwijl de auto wel rijdt. En nee, niemand in de VS had ervan gehoord.

Het ongeloof in het Congres gaat gepaard met teleurstelling. Zeker vijf commissieleden beginnen hun verhoor met een nostalgisch relaas van hun eigen relatie met Volkswagen - die vaak in de jaren zeventig begon met een van oma geërfde Kever, en dan via een Golfje eindigde bij een Passat. 'Het was de auto van het volk', zegt Murphy over zijn Kever uit '76. 'Ik hield van die auto, ik vertrouwde die auto. Wat gaat u doen om dat vertrouwen te herstellen?'

Horn belooft nieuwe software en nieuwe aandrijving; in de meeste gevallen zal er een nieuwe katalysator in moeten en een ureuminspuiter.

'Maar als het zo gefikst kan worden, waarom hebben jullie dat dan niet meteen gedaan?', vraagt Jan Schakowsky, een Democratische veterane uit Chicago.

'Goede vraag', zegt Horn. Hij valt stil. 'Voor zover ik het begrijp hebben mensen de verkeerde besluiten genomen.' Waarom dat is gebeurd, is speculatie, zegt hij. 'Maar ik kan wel zeggen wat ik persoonlijk denk. Druk vanuit het bedrijf. De druk van kostenbesparing.'

Doofpotaffaire

Ik ben geen ingenieur, zegt Horn een paar keer. En geen programmeur. Toen het hoofdkantoor in Wolfsburg eind vorig jaar al een eerste 'oplossing' voor de te hoge uitstoot leverde, was dat helemaal geen oplossing - maar Horn liet het passeren. 'Om heel eerlijk te zijn snapte ik die oplossingen niet', zegt Horn, een bedrijfskundige met de letters MBA achter zijn naam. 'Ik vertrouwde die lui en die processen, en dacht dat alles volgens het boekje ging.'

'Die lui' - weer een verwijzing naar een paar rotte appels in een verder prachtig bedrijf. Dat gaat er niet in bij congreslid Collins. 'Ik ben ingenieur, en ik weet hoe het werkt in een bedrijf. Volkswagen kon niet aan de strenge Amerikaanse normen voldoen. We kunnen dit niet, zeiden de ingenieurs tegen de managers. Harder zoeken, was het antwoord. En toen ineens was er een oplossing. Pure magie. Wat er dan normaal gesproken gebeurt: de octrooiafdeling wordt erop afgestuurd. Zo'n geweldige uitvinding moet gepatenteerd worden. Dat is niet gebeurd. Dus jullie leiding is of totaal incompetent, of medeplichtig aan een enorme doofpotaffaire.'

Het is niet eens een vraag. De commissie weet al hoe laat het is. Dit is vergelijkbaar met Enron, met Goldman Sachs, met Bernie Maddof. Sterker nog, zegt John Yarmutrh uit Kentucky: 'Volkswagen is de Lance Armstrong van de autoindustrie.'

Meer over