Death row

Ik ben in gedachten al zo vaak doodgegaan dat het eigenlijk niet eerlijk zou zijn als het ooit nog eens écht gebeurt....

De een leeft heel voorzichtig, met veel broccoli en groene thee, mijdt drank, rokerige ruimtes en snelwegen, loopt huilerig de deur plat bij de huisarts met denkbeeldige terminale kwalen en komt ten slotte aan zijn eind omdat er tijdens de verhuizing van de bovenburen een gietijzeren braadslee op zijn hoofd valt. De ander denkt: ik ga tóch gauw dood, wat kan mij het verder schelen, en wijdt zijn leven aan wodka, cocaïne, onbeschermde seks met zeelieden van duister pluimage en het achterop de motorfiets meenemen van hol schaterende lifters met een haak in plaats van een hand.

Ook deze roekelozen sterven. Soms vroeg, aan iets akeligs dat hun eigen schuld is, maar verontrustend vaak ook pas op hun 93ste, tijdens een glorieuze liefdesnacht met iemand die hun achterkleinkind had kunnen zijn. Ik ben nu al 40 en aarzel nog steeds in welke categorie ik val, dus dat schiet niet op.

Je moet de dood leren relativeren, heet het. Daar zit iets in, maar hoe? Ooit was ik op reportage in een Siberisch mijnwerkersstadje, dat door een aardbeving van de kaart gevaagd was. Daar zag (en rook) ik op één n dag ruim honderd lijken, waarvan het merendeel zijn beste tijd wel had gehad. Na 24 uur werd ik opgehaald in een helikopter, met nog een heleboel andere bleke, ontredderde journalisten. Wegens plaatsgebrek zat ik bij de copiloot op schoot. Hij was buitensporig dronken en had desondanks een enorme stijve die hij de hele vlucht houterig tegen me aan bleef wrikken. Het was een paardenmiddel, maar daarna kon ik de dood inderdaad wel een poosje relativeren.

De laatste jaren beschik ik wegens rustig vaarwater niet meer over dronken copiloten of helikopters, dus probeer ik mijn vrees via internet te bezweren. De gruwelijkste zaken liggen daar rijk geïllustreerd voor het opscheppen, en als je maar lang genoeg in het virtuele Grote Boek bladert, word je uiteindelijk vanzelf immuun.

Vooral Amerikaanse sites zijn soms van een adembenemend zieke horror. De website www.rotten.com bijvoorbeeld: morbide gekken hebben hier een soort gezellig jeugdhonk opgericht waar ze foto's uitwisselen in het genre ontbindende lijken, slachtoffers van bizarre ongevallen met vleesmolens, kettingzagen en ontsnapte wurgslangen, of de verwrongen resten van zelfmoordenaars die van zeventien hoog pardoes op het dak van een auto zijn gesprongen. Het was even wennen, maar tegenwoordig eet ik er op mijn gemak een tompouce bij en dan is de doodsangst weer voor een dagje bedwongen.

Voor beginners is www.deadmaneating.com waarschijnlijk beter geschikt. De geïnteresseerde buitenstaander kan daar nauwkeurig nalezen wat Amerikaanse ter dood veroordeelden als galgenmaal hebben gegeten. Fastfood en de klassieke mid-west keuken zijn populair, al zijn er vreemde uitschieters bij als 'bananen met mayonaise'. Opvallend is de enorme eetlust vlak voor het doek valt. Zeer onlangs verorberde een Texaan in death row nog 'four egg Spanish omelets with gravy and hash brown potatoes on the side, six pieces of buttered toast, a gallon of milk, sliced peppers, onion rings, french fries, a cheeseburger, a pork chop and gravy, fried chicken, six slices of bread, a pitcher of ice, two Cokes, peach cobbler and vanilla ice cream.' Executeren lijkt me na zo'n maaltijd zo goed als overbodig.

De site verkoopt trouwens fijne souvenirs: koffiebekers, petjes en tangaslips met als vrolijk logo een mannetje aan een galg, in zijn hand een druipend ijshoorntje. Kijk, daar knapt een mens van op. Maar een nieuwe depressie komt altijd uit onverwachte hoek. Tussen de overvloedige laatste maaltijden door zat er één n die uit de toon viel door soberheid: veroordeelde Matthews wilde gewoon kip met een ijsje toe. En een pakje sigaretten. Maar dat laatste werd hem geweigerd, wegens de ter plekke geldende 'no tobacco policy'. Dat vond ik zo verschrikkelijk zielig dat ik er nachten niet van kon slapen.

Meer over