De zelfkant!

De komende tijd gaan creatievelingen vaker zelf op zoek naar publiek, geld en een podium. Met verrassende resultaten.

Of die toeristen, gebogen over de kaart van Amsterdam, niet even willen komen buurten? 'Ik woon daar op de hoek. U kunt aanbellen bij 2c, daar zit een vriendin klaar met thee.' Tegen een jongen die zijn fiets op slot doet: 'Luister je weleens naar klassieke muziek?' Tegen de man aan de overkant: 'Hé buurman, kom je ook?' Pianiste Daria van den Bercken verzamelt publiek voor haar Händel-concert vanmiddag, bij haar thuis. Zoals het briefje op de deur zegt: 'Handel at home.' Iedereen is welkom.

Om één uur heeft Van den Bercken een volle huiskamer. En dat in een kunstklimaat waarin wordt gemord over een gemis aan cultureel ondernemerschap. Als iemand onderneemt om haar publiek te vergroten, is zij het wel, de Amsterdamse Daria van den Bercken. Op haar website (handelatthepiano.com) laat de pianiste, die sinds haar geprezen debuut met het Rotterdams Philharmonisch in 2007 een naam is, zien hoe ze haar eigen concertbezoekers organiseert. En als de mensen niet naar Händel komen, dan komt Händel wel naar de mensen. Ook op de website: een filmpje waarop Van den Bercken tijdens het Grachtenfestival 2011 achter haar vleugel, op een aanhangwagen, cruisend door het centrum van Amsterdam, piano speelt.

Van den Bercken is niet de enige. Veel kunstenaars creëren zelf een podium, zoeken zelf een publiek en genereren op minder conventionele manieren financiële middelen.

Vraag en aanbod

Maar Stephen Hodes, mede-oprichter en partner van adviesbureau LAgroup, waakt ervoor nu al van een trend te spreken. 'Het is de vraag of dit doorzet en of andere en grotere instellingen een voorbeeld nemen aan die creatieve doe-het-zelf-mentaliteit.'

Hoewel een deel van de initiatieven is ingegeven door de bezuinigingen in de cultuursector - van de aanvragen voor 2013-2016 werd 40 procent toegekend - zijn die nog te recent om het als een reactie daarop te zien.

Dat de zelfwerkzaamheid niet eerder wortel leek te schieten, heeft volgens Hodes twee redenen. 'De kunstvakopleidingen leiden nu eenmaal niet op tot ondernemer. En het subsidiestelsel vroeg er niet om.'

De echte voedinsgbodem is er nog altijd niet, volgens Hodes. Nederland ontbeert op kunstgebied een vraag-en-aanbod-cultuur. Kunstenaars en kunstinstellingen zijn niet gewend elders dan bij de standaardloketten aan te kloppen voor een bijdrage. En Nederlanders tasten diep in de buidel om geld te geven na een humanitaire ramp, maar nog niet voor de culturele sector. Slechts 3 tot 5 procent van het goededoelengeld gaat naar cultuur. Hodes: 'Komt voornamelijk doordat de overheid die taak van middelenverstrekker altijd op zich heeft genomen. Wat dat betreft zitten we tussen Duitsland en Engeland in. In Duitsland is het een principekwestie dat de overheid betaalt voor kunst. De Ruhrtriënnale krijgt 40 miljoen euro per editie, het Holland Festival 1 miljoen. En in Engeland heeft de overheid 60 miljoen euro uitgetrokken voor de campagne Get Britain Giving, om burgers bewust te maken van de noodzaak geld aan cultuur te geven.'

Maar Hodes ziet wel dat de mentaliteit in de sector aan het veranderen is. 'Kijk bijvoorbeeld naar Splendor, een initiatief waarbij kunstenaars hun eigen podium exploiteren en dat handig gebruikmaakt van de kennis en expertise van hun netwerk.'

Crowdsourcing is dat, en het werkt. Net als crowdfunding, waarbij je geen expertise, maar een financiële bijdrage vraagt. In ruil daarvoor lever je een tegenprestatie aan de donateurs. Of het werkt? Barack Obama financierde zijn verkiezingscampagne in 2008 grotendeels met crowdfunding.

De Amerikaanse website Kickstarter, opgericht in 2009, is gespecialiseerd in crowdfunding voor culturele projecten en heeft naar eigen zeggen in drie jaar dankzij 2,5 miljoen betrokkenen 321 miljoen dollar gedoneerd aan 28 duizend projecten.

Voordekunst

Het Nederlandse equivalent van Kickstarter is Voordekunst, opgericht in 2010. Bij deze grootste speler in Nederland op het gebied van crowdfunding voor culturele projecten hebben in anderhalf jaar tijd 8.500 donateurs, voor het grootste deel (85 procent) particulieren, een bedrag van 1 miljoen euro opgehoest.

Daria van den Bercken heeft met hulp van Voordekunst een Händel-cd kunnen maken. Wie een bedrag tussen de 100 en 200 euro overmaakte, kreeg als tegenprestatie een concertarrangementje in het Amsterdamse Concertgebouw waarbij de gelukkige mocht aanschuiven aan de lunch met de pianiste. Voor 1.100 euro verzorgde Van den Bercken een recital aan huis.

Het Voordekunst-initiatief werd mede mogelijk gemaakt door het Amsterdamse Fonds voor de Kunst. Initiator Roy Cremers: 'We begonnen toen net bekend werd dat de bezuinigingen eraan kwamen. Dat maakte de urgentie voor het platform gelijk groot. In het begin kregen we weleens de vraag: 'Waarom zou ik als particulier geld bijdragen, er zijn toch subsidies?' Nu duidelijk is geworden dat die voor een groot deel verdwijnen, merk je een mentaliteitsverandering.'

Over één ding wil Cremers wel duidelijk zijn: crowdfunding is niet het ei van Columbus voor de creatieveling met een chronisch dunne beurs. 'Het werkt uitstekend als financiële aanvulling voor een concreet gedefinieerd project, maar het zal nooit structurele subsidie kunnen vervangen.'

Draagvlak

Wel levert crowdfunding volgens Cremers twee zaken op die essentieel zijn voor een kunstenaar in 2012: publieksbetrokkenheid en geld, in die volgorde. 'Want het gemis aan particulier geld bij cultuur is het gevolg van het ontbreken van een betrokkenheid van dat publiek. Om je project succesvol te maken, moet je er draagvlak voor creëren, laten voelen dat het publiek iets moois krijgt en van wezenlijk belang is voor je plannen. Dan zijn mensen genegen te geven.'

Hodes formuleert het nog kernachtiger: 'Het succes van crowdfunding hangt af van drie factoren: relaties, relaties, relaties.' En daaraan moet je, zoals het cliché voorschrijft, blijven werken om ze gezond te houden.

Cremers: 'Onderschat niet de tijd en energie die je erin moet stoppen. Je moet je donateurs constant op de hoogte houden van wat je doet en een goede tegenprestatie leveren. Als je mensen niet het gevoel geeft dat je ze op waarde schat, komen ze niet terug.'

Dat kan niet iedereen. Hodes: 'Je moet een type zijn dat zijn enthousiasme kan laten overslaan. Een artistieke topper mét commercieel inzicht. Daar ga je er meer van zien .'

Zoals we van Daria van den Bercken meer gaan horen. Een grote internationale platenmaatschappij heeft inmiddels laten weten haar cd te willen uitbrengen.

Huis voor kluizenaars

'Wij geloven niet in architectuur als exclusief designproduct, noch in een compromis gericht op de massa. De uitdagingen van de 21ste eeuw vragen om co-producenten. Internet biedt die mogelijkheid, je kunt specifieke doelgroepen bereiken. Mensen zijn creatief. En er zit zo veel plezier in het maken.'

Aldus het jonge architectencollectief The Cloud Collective. Hun projecten, variërend van installaties tot stedenbouwkundige strategieën, van een wiki-achtige website met data over stedelijke ruimte tot een particulier buitenverblijf, zijn door henzelf bedacht en op de markt gebracht.

Hun 'buitenverblijf', het Hermit's House, begon in 2010 als een experiment om een zo goedkoop mogelijk, duurzaam én spannend tuinhuis te bouwen. Ze timmerden het zelf voor hun opdrachtgever in elkaar. Het trok de nodige aandacht in de media en vervolgens stroomden de aanvragen binnen.

Inmiddels is Hermit's House ontwikkeld tot een zelfbouwproduct. Via de website kunnen consumenten voor 50 euro een complete handleiding (plus licentie) aanvragen waarin precies staat wat je nodig hebt en hoe je het huisje stap voor stap bouwt. Er is ook een assortiment van bouwpakketten en binnenkort starten de ontwerpers een proef met onlinedesignsoftware waarbij mensen zelf (online) aan de vorm van hun huisje kunnen sleutelen. Een overzicht van de mogelijkheden staat op de website.

Heb je twee linkerhanden? Dan is er nog altijd het alternatief om een compleet gebouw te bestellen en te laten bouwen. Deze optie is wel navenant duurder: de prijs begint bij 7.500 euro. Een compleet huisje, mét kachel, verlichting en zonnepaneel is mogelijk vanaf 10.000 euro.

hermitshouse.net

Kirsten Hannema

Terug naar de jaren tachtig

Beeldend kunstenaar Ad de Jong (58), in de jaren tachtig een van de oprichters van kunstenaarsinitiatief W139, organiseert met een team groepstentoonstellingen op onconventionele locaties. Eerst in een verlaten industriehal, nu in parkeergarage Klieverink in de Amsterdamse Bijlmer.

Wat bezielt een oude rot om hetzelfde te gaan doen als ruim dertig jaar geleden?

'Ik wil andersoortige tentoonstellingen maken, waarin het gaat om de kracht van de verbeelding en om de eigen, visuele en zintuiglijke ervaring van de toeschouwer. Musea en galeries zijn verwijderd geraakt van de band tussen een kunstwerk en het publiek. Daar draait het om rationele verklaringen en om financiële waardevermeerdering.'

Waarom nu?

'Ik vind al een tijd dat Amsterdam te weinig expositieruimtes heeft en zijn potentie van beeldend kunstenaars laat verloederen. Wanneer zie je een grote tentoonstelling van Marlene Dumas, Gijs Assmann of Maartje Korstanje? De ordinaire toon van de afgelopen regering heeft mij en jonge kunstenaars doen inzien: als je wat wilt voor de toekomst, moet je het zelf doen, want de politieke leiders hebben het lef niet.'

Wat is het verschil tussen nu en toen?

'Destijds vond de kunstwereld installaties rommel. Voor jonge kunstenaars was het bijna onmogelijk om opgemerkt te worden door een galerie of museum. Dat is omgeslagen. Nu denkt iedere kunststudent dat galeries en musea de enige weg zijn. Nu is het de uitdaging om dat verwachtingspatroon te doorbreken en los van geld en status een eigen verbeeldingswereld te creëren.'

Hoe organiseer en financier je zo'n grote tentoonstelling?

'Een leger vrijwilligers - buurtbewoners, kunststudenten - heeft de expositie opgebouwd. We heffen entree en krijgen een klein deel subsidie. De bezoekers realiseren zich dat entreegeld nodig is om dit mogelijk te maken.'

Marina de Vries

undefined

Meer over