De werkgevers kregen nooit antwoord

Filmfragmenten brengen de zaal meer dan twintig jaar terug. De broekspijpen zijn wijder, de overhemden krapper, de gezichten jonger. We zien Joop Den Uyl, leider van een fameus kabinet in woelige tijden en zijn minister van financiën Wim Duisenberg....

Van onze verslaggeefster

José Smits

AMSTERDAM

Shell-baas Gerrit Wagner en collega-industriëlen klagen over het politieke klimaat. Ruud Lubbers, slank, zwart, spleetje tussen de tanden nog, vraagt als minister van Economische Zaken alle burgers op tijd de gordijnen te sluiten. De zaal lacht om het fragment, maar het was 1973; het jaar van de oliecrisis, van benzine op de bon, en de kiem voor een ontsporende economische ontwikkeling.

'Voor 1973 waanden we ons in het paradijs', zegt Gerrit Wagner nu. Hij zit op het podium in het Amsterdamse centrum De Balie dat donderdag als start van een debatreeks over de verzorgingsstaat een nostalgische terugblik verzorgt.

Naast Wagner zitten andere hoofdrolspelers: Wim Duisenberg, president van De Nederlandsche Bank, Arie Groenevelt, Hannie van Leeuwen, CDA-senator, toen ARP-kamerlid en Johan Stekelenburg, FNV-voorzitter, toen districtsbestuurder in Rotterdam. De standpunten van weleer worden verbeten verdedigd. Wagner: 'We zagen duizenden bedrijfjes en bedrijven per jaar verdwijnen. Wij ondernemers waren echt bezorgd.' De Shell-topman stuurde in januari 1974 een opzienbare brief naar het kabinet. Hij en collega-ondernemers verlangden dat het kabinet Den Uyl de macht van de vakbeweging zou inperken en het economische klimaat zou verbeteren. 'Nooit antwoord gehad', zegt hij.

De brief werd uitgelegd als een coup van de grote ondernemers tegen het linkse kabinet. Wagner: 'We wilden Duisenberg steunen omdat hij met moeite de PvdA mee kreeg in de eerste bezuinigingsoperatie. Ik heb later nog tegen Den Uyl gezegd: het was jullie schuld niet. De structuur was verkeerd. Er stond een premie op het niet hebben van personeel.'

Duisenberg zegt er trots op te zijn dat hij bij het kabinet-Den Uyl hoorde. 'We stonden voor spreiding van kennis, inkomen en macht. Het is deels gelukt.' Maar de oliecrisis veroorzaakte plotselinge effecten. Duisenberg: 'We hadden de begroting voor 1974 al gereed. Het Planbureau voorspelde opeens dat de werkloosheid zou stijgen van 200 duizend naar 300 duizend. We schrokken ons rot.' Op zijn aandrang besloot het kabinet de groei van de collectieve uitgaven te beperken tot 1 procent per jaar. Het kwam neer op tien miljard bezuiniging. '

Hannie van Leeuwen: 'De ARP steunde je. De brief van Wagner was erg naïef. De PvdA had het er al moeilijk mee en dan komen ondernemers zeggen dat het verder moet. Dat was spelen met vuur.'

De vakbeweging wilde er niet aan. Groenevelt heeft geen spijt: 'Je hoorde zeggen: we moeten allemaal de broekriem aanhalen. Nou, die werd vooral aangetrokken bij de magere buiken van de lagerbetaalden.' De werkloosheid liep op. 'Ja, dank zij mismanagement. De textielindustrie verdween omdat de eigenaren niet innoveerden en bij de eerste tegenwind uit het buitenland omgingen', zegt Groenevelt.

Wagner: 'Wij konden niet op tegen de macht van de vakbeweging. Johan zal het niet ontkennen.'

Johan Stekelenburg: 'De werkgevers waren toen slecht georganiseerd. Ze probeerden de automatische prijscompensatie af te schaffen. Die slag wonnen we in slechts drie weken tijd. In de vakbeweging waarschuwden enkelen dat de loon-prijsspiraal een gevaar was voor de werkgelegenheid. Die vonden pas jaren later, in 1982 gehoor.'

Groenevelt: 'Aan welke kant zat jij, Johan?'

Hannie van Leeuwen: 'Toen en nu is het blijkbaar moeilijk om solidariteit tot een breed gedragen ideaal te maken. Anno 1996 ben ik ongelukkiger dan toen, omdat de tweedeling nu veel sterker is. We hadden meer kunnen doen.'

Duisenberg: 'Het financieringstekort liep op tot 10 procent. Twintig jaar van ombuigingen hebben ertoe geleid dat we nu net de rente over de staatsschuld kunnen betalen. Er is een nieuwe 1 procentsoperatie nodig.'

Wagner: 'We waren naïef met onze brief. Zelfs een machtig politicus als Den Uyl kon niet ingaan tegen de tijdgeest. Pas als het hele volk gelooft in een omslag, komt die.'

Wagners brief werd door het kabinet nooit beantwoord. Duisenberg: 'Ik geloof omdat we wat boos waren.'

Meer over