analyse

De wereld beweegt langzaam richting duurzamer, de vraag is of het op tijd is

Het nieuwe klimaatrapport van de Verenigde Naties laat opnieuw zien dat er geen tijd te verliezen is om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Zal dit rapport leiden tot extra politieke inspanningen tegen klimaatverandering?

De nagenoeg drooggevallen Parana-rivier in het door droogte geteisterde Rosario, Argentinië, 29 juli 2021.  Beeld AP
De nagenoeg drooggevallen Parana-rivier in het door droogte geteisterde Rosario, Argentinië, 29 juli 2021.Beeld AP

Al in 2030 dreigt de aarde 1,5 graad warmer te zijn, een decennium eerder dan verwacht. Geen regio ter wereld zal nog ontkomen aan extreme klimaatverschijnselen, zoals hittegolven, intense droogte en zware orkanen. Dat staat in een maandag verschenen rapport van het IPCC, het Intergovernmental Panel on Climate Change van de Verenigde Naties.

Vooral westerse leiders lieten zich luidkeels horen in reactie op het alarmerende rapport. John Kerry, de Amerikaanse speciale presidentiële gezant voor het klimaat vindt dat alle grote economieën in dit kritieke decennium moeten overgaan op een agressief klimaatbeleid.

De Britse premier Boris Johnson sprak de hoop uit dat het rapport een ‘wake-upcall’ is voor de wereld om nu al actie te ondernemen en niet te wachten tot cruciale COP26-top in Glasgow later dit jaar. Frans Timmermans, eurocommissaris voor de Green Deal, vestigt zijn hoop op die top. Dat moet volgens hem het moment zijn waarop de wereld zegt dat het ‘genoeg’ is.

Trage wending

In het Akkoord van Parijs, de heilige schrift van het klimaatbeleid, staat de wereldwijde streefwaarde duidelijk omschreven: de opwarming moet beperkt blijven tot ruim beneden twee graden en liever nog tot anderhalve graad. Een doelstelling voor de vermindering van broeikasgassen in de atmosfeer is er ook, maar die is een stuk vager. Toch zijn de meeste landen sinds 2015 niet stil blijven zitten. Als een traag containerschip is de wereld bezig een wending in te zetten naar een duurzamere manier van leven.

De grote vraag is of die beweging snel genoeg gaat om een ramp te voorkomen. Michel den Elzen, die de effecten van de internationale klimaatplannen doorrekent bij het Planbureau voor de Leefomgeving, is pessimistisch. De wereldwijde uitstoot stijgt immers nog altijd. Alleen vorig jaar was er een daling, met dank aan corona. ‘In China en India blijven de emissies stijgen en in Europa en de VS gaat de daling niet snel genoeg. Bovendien zijn de nationale plannen bij elkaar voorlopig onvoldoende om de klimaatdoelen van Parijs te halen.’

Toch geven de langetermijnplannen in zijn ogen ook reden voor een klein beetje optimisme. Steeds meer landen, waaronder de EU en de VS, willen rond 2050 een uitstoot hebben van netto nul, China wil dat in 2060 bereiken. En wat volgens Den Elzen ook helpt, is dat de prijs van wind- en zonne-energie nog steeds daalt.

Nieuwe plannen

De 195 landen van het Akkoord van Parijs spraken af dat ze hun klimaatplannen elke vijf jaar zouden bijstellen. Daarbij is in theorie sprake van een ‘opvoermechanisme’: het is alleen toegestaan om steeds een beetje ambitieuzer te worden. De top van Glasgow, oorspronkelijk gepland in 2020 maar door corona uitgesteld tot 2021, is het eerste moment waarop de landen nieuwe plannen moesten inleveren.

De Europese Unie scherpte de doelstelling aan, van 40 naar 55 procent minder broeikasgasuitstoot in 2030. In de Verenigde Staten gingen onder president Joe Biden een nieuwe wind waaien, met als gevolg dat ook daar een vermindering van 50 tot 52 procent in 2030 het streven werd. China, Japan en Zuid-Korea hebben ambitieuzere plannen toegezegd, al hebben ze nog niets ingeleverd. Maar een groot land als Brazilië beweegt juist de andere kant op: ze mikt op een hogere uitstoot dan vijf jaar geleden.

Of ze zich zullen laten overtuigen door de woorden van António Guterres, de Portugese secretaris-generaal van de Verenigde Naties is de vraag. Die constateerde dat het ‘code rood’ is voor de mensheid. ‘Dit rapport zou het einde moeten inluiden van kolen en fossiele brandstoffen voordat ze onze planeet vernietigen’.

In 2013 bleek het IPCC-rapport de opmaat tot het Akkoord van Parijs. Aan het einde van het jaar zal duidelijk worden of het huidige boekwerk zal leiden tot een historisch Akkoord van Glasgow.

De hoofdpunten uit het IPCC-rapport

Het is onmiskenbaar dat de atmosfeer, de oceaan en het land zijn opgewarmd onder invloed van de mens.

De opwarming zal de twee graden in de 21ste eeuw overschrijden, tenzij de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen in de komende tientallen jaren fors lager wordt.

Als de uitstoot van broeikasgassen niet snel omlaag gaat, zal de zeespiegel 44 tot 76 centimeter stijgen in 2100. In het somberste scenario rijst de zeespiegel 63 tot 101 centimeter.

Overal ter wereld zal de impact van klimaatverandering steeds meer voelbaar worden.

null Beeld
Meer over