Nieuwsschijnveiligheid mondkapjes

Dé vraag: word je onvoorzichtig met een mondkapje op?

Gedragen mensen met een mondkapje op zich roekelozer? Welnee, stelt een nieuwe, scherpe kritiek in vakblad The British Medical Journal. Het idee dat beschermende middelen zoals mondkapjes een ‘vals gevoel van veiligheid’ geven, is een berucht broodje aap, aldus de onderzoekers.

Op het vliegveld van Frankfurt laten reizigers zich testen op corona.Beeld AP

Daarmee zetten de wetenschappers, onder leiding van de vooraanstaande gezondheidspsycholoog Dame Theresa Marteau van de Universiteit van Cambridge, de bijl aan de wortel van een van de belangrijkste argumenten tegen het gebruik van mondkapjes op straat en in de winkel.

Al in januari noteerde de Wereldgezondheidsorganisatie dat mondkapjes dragers een ‘vals gevoel van veiligheid’ kunnen geven. Een standpunt dat overal, ook in Nederland, werd overgenomen. Met een mondkapje op zouden we minder handen wassen en afstand houden, en vaker op pad gaan als we eigenlijk thuis moeten blijven. Alsof risicogedrag een soort wipwap is: als we op het ene front wat voorzichtiger doen, worden we in andere opzichten wat lakser.

Geen bewijs

Maar hoe hardnekkig ook, die gedachte klopt niet. Er is helemaal geen bewijs dat mensen zich door bescherming roekelozer gaan gedragen, aldus Marteau met twee collega’s, maandag in artsenblad The BMJ. Ze wijzen onder meer op onderzoek naar fietshelmen, skihelmen en prep, pillen die de overdracht van hiv voorkomen: er is geen enkel bewijs dat mensen vervolgens gevaarlijker gaan fietsen en skieën of minder condooms gaan gebruiken.

Al jaren wijzen psychologen erop dat de wipwaptheorie van ‘risicocompensatie’ een ‘dood paard is waaraan je niet meer moet trekken’, aldus het drietal. ‘We zouden daaraan willen toevoegen dat dit dode paard nu eindelijk eens moet worden begraven.’

Sterker nog, het begrip risicocompensatie vormt ‘een bedreiging voor de volksgezondheid’, stellen de wetenschappers. Want als mondkapjes al iets doen, is dat ze er mensen alert op lijken te maken dat er een gezondheidscrisis gaande is, aldus Marteau. Zo blijkt uit diverse onderzoeken dat mensen juist méér gaan handen wassen en afstand houden als ze eenmaal een masker dragen. Het fabeltje dat beschermingsmiddelen juist averechts werken, zou zijn geboren uit het verzet van de automobielindustrie tegen dure veiligheidsvoorschriften, schrijven de drie.

Gevoelig moment

Marteaus artikel komt op een gevoelig moment. Hoewel het gebruik van mondkapjes inmiddels in meer dan 160 landen in een of andere vorm verplicht is, is Nederland een van de laatste landen waar het schijnveiligheidsargument nog volop wordt herhaald. ‘Een nadeel van deze maskers kan zijn dat ze de gebruiker schijnveiligheid geven waardoor deze de maatregelen van social distancing en hygiëne niet meer zal opvolgen’, schreef het OMT begin mei in een advies.

Nu het aantal besmettingen weer toeneemt, is het debat weer opgelaaid. Nederland houdt vooralsnog vast aan het strikt medische standpunt dat er geen duidelijk bewijs is dat mondkapjes op straat de uitbraak noemenswaardig tegengaan. Toch erkende ook de Corona Gedragsunit van het RIVM vorige week dat mensen met een mondkapje eerder voorzichtiger dan ónvoorzichtiger worden.

Met mondkapjes vaker weg

Oppassen blijft het overigens ook. Amerikaanse onderzoekers die het mobiele telefoonverkeer van miljoenen mensen analyseerden, ontdekten dat mensen op plekken waar mondkapjes verplicht werden, meer en langer van huis waren. Bij een ander, vergelijkbaar onderzoek in Duitsland vonden wetenschappers overigens géén bewijs dat mensen er vaker op uitgaan na de invoer van een mondkapjesplicht.

Misschien komt het wel door hoe men de maatregel communiceert, oppert de Amerikaanse onderzoeksleider Eli Fenichel in de Washington Post. ‘Men gaf de impliciete boodschap af dat het ok is om naar buiten te gaan als je een mondmasker hebt. Een betere boodschap zou zijn: als je er absoluut uit moet, draag dan een masker.’

Wetenschappers van de RIVM-gedragseenheid willen vanwege de politieke gevoeligheid van het onderwerp niet reageren op het BMJ-artikel. Wel worden de nieuwe inzichten verwerkt in het aankomende, vernieuwde OMT-advies over mondneusmaskers, laat een woordvoerder weten. Dat wordt misschien al eind deze week verwacht.

Afstand van andere mensen tot Massimo Marchiori, zonder (groen) en mét (zelfgemaakt) kapje (in blauw).Beeld Massimo Marchiori

Onderzoek: we ontwijken de gemaskerde

De Italiaanse computerwetenschapper Massimo Marchiori onderzocht al eens hoe koeien zich in de wei bewegen, hoe voetballers zich op het veld gedragen en hoe burgers door de supermarkt lopen. Maar toen de coronacrisis kwam, besloot hij de afstandssensoren die hij daarvoor gebruikt anders in te zetten. Hij verwerkte de sensoren in een riem die meet hoe ver andere mensen bij hem vandaan blijven, ongeveer zoals de parkeersensoren van een auto. Daarna ging hij de straat op.

Met verbijsterend resultaat. Zónder mondkapje op passeerden voorbijgangers hem gemiddeld op 30 centimeter afstand. Maar mét een mondneusmasker, bleek men opeens ruim om hem heen te lopen, op gemiddeld 75 centimeter afstand. ‘Het gebruik van maskers verandert de situatie radicaal, en zorgt paradoxaal genoeg voor veilige sociale afstand’, constateert de hoogleraar.

Andere studies vonden zulke effecten ook. In Berlijn gingen onderzoekers gemaskerd in de rij voor de winkel staan: andere mensen bleken gemiddeld 9 centimeter méér afstand te houden. Vervolgonderzoek leerde waarom dat zo is: kennelijk begrijpen we dat mensen die een masker dragen meer gesteld zijn op afstand.

Dat zou overigens ook kunnen betekenen dat het effect tijdelijk is en we weer ónvoorzichtiger worden naar mate het dragen van maskers gewoner wordt. In Berlijn kwam bijvoorbeeld aan het licht dat de afstand tussen de wachtenden in de rij weer kleiner wordt naar mate er meer winkels werden geopend.

Meer over