De vierde en laatste liefdesles

Dit leven was nu toch al zo'n beetje halverwege (tegenslagen uitgesloten), maar leek nog altijd te verkeren in het stadium van de eerste schermutselingen....

Dit leven had zijn wonderen verborgen gehouden en Bart begon zich zorgen te maken. Gingen de wonderen zich nog wel tonen in hun hoge staat? Nee, het zag er donker uit. Veertig jaar, verhuisd, verweesd.

Misschien moest het geluk eens gezocht worden langs de onsympathieke weg van de contactadvertentie. (We hebben het over de jaren negentig. Singles heetten toen nog vrijgezellen en moesten zich zonder party's redden.)

Tegen iedereen die het wilde horen, zei Bart dat het niet moest worden gezien als een laatste redmiddel, dat hij echt nog niet wanhopig was. Wie geen al te hoge verwachtingen koestert, kan ook niet diep teleurgesteld worden. Alles is veel voor wie niet veel verwacht. Maar ondertussen. Van een beetje wanhoop moet sprake zijn geweest.

Aandachtige abonnees van NRC Handelsblad konden in hun editie van zaterdag 13 januari 1996 het volgende lezen: 'Verstandig, wispelturig, romantisch. Man gleed in 1994 van het liefdespad af, sloeg in 1995 een paar doodlopende zijwegen in en wil in 1996 wel weer eens domweg verliefd door de Dapperstraat lopen.'

Het is een tekst die Bart zes jaar later gerust durft te herlezen. Dat had hij niet slecht gedaan. Oké, die drie trefwoorden zijn al te koket, maar daarna wordt de waarheid toch mooi aangekleed.

De maand januari van 1996 werd een van de enerverendste uit dit leven. Nooit heeft de brievenbus feestelijker geklepperd. De br. met foto o. nr. 616412002 bur. v. d. bl. denderden op de deurmat. Bart, die stiekem natuurlijk wel veel verwachtte, héél véél zelfs, werd allerminst teleurgesteld.

De contactadvertentieafdeling van NRC Handelsblad liet ze in vijf grote enveloppen bezorgen. De eerste was bijna te dik voor de brievenbus, de laatste gleed met gemak naar binnen. De contactadvertentie mag een product zijn van wikken en wegen, maar moet het in de praktijk hebben van de spontaniteit. Hoeveel brieven heb je gekregen, Bart, eerlijk zeggen? Een stuk of dertig.

Zijn bureau, altijd het domein geweest van kwesties van voorbijgaande aard, lag opeens vol met de toekomst. Er was iemand die wilde weten of de rotonde van dit leven ook een afslag naar Almere had - nee. Er was iemand die zich afvroeg of de Dapperstraat ook toegankelijk was voor een vrouw van 55 jaar - niet op dezelfde stoep. En er was iemand die informeerde of 'verstandig, wispelturig, romantisch' ook domweg verliefd kon zijn op iemand van dezelfde sekse - niet in de Dapperstraat.

Een vriendin wilde wel helpen orde in de liefdeschaos te scheppen, dolgraag zelfs, en zo zaten ze op een zondagmiddag in haar flat hoog in de lucht met een grote stapel brieven in hun midden. Ieder afzonderlijk moest er drie stapeltjes van maken: de afgewezenen, de misschienen en de zekerwetens. De wolken, schoon omrand door haar ramen, bewogen stilletjes langs de lucht.

Over de eerste categorie bestond nauwelijks verschil van mening. Maar tussen misschien en zeker weten loopt een smalle marge. Barts aanstaande had een brief geschreven, die de vriendin héél erg misschien vond. Het toontje was zo studentikoos, zei ze.

Bart moest praten als Brugman om te mogen antwoorden. Het was niet zozeer de brief als wel de bijgesloten foto die dringend vroeg om een reactie, een primair gevoel dat die zondagmiddag niet was uit te leggen.

Langdurig overleg leverde een Top-3 op voor de eerste ronde. Op één stond een unanieme keuze. Veelbelovende brief van een veelzijdige vrouw en een veelbelovende foto. Nummer twee was Barts aanstaande, nummer drie was een Amsterdamse die de vriendin erdoor had gedrukt. De contactadvertentie was terecht gekomen in een sollictatieprocedure met een balorige sollictatiecommissie.

De afgewezenen ontvingen een tochbedanktbriefje, de misschienen gingen in de wacht en de zekerwetens kregen een br. m foto geretourneerd, inclusief adres en telefoonnummer. En toen was het afwachten geblazen.

De eerste die contact zocht, was de unanieme keuze. Ze leek zo'n schot in de roos te zijn dat de andere kandidaten al bij voorbaat een blauwtje hadden gelopen. Met de Amsterdamse klikte het inderdaad niet en Barts aanstaande was best leuk, hoor, maar lang niet zo veelzijdig als de unanieme keuze. Ja, misschien was ze zelfs wel een tikkeltje studentikoos.

Enfin, de rest is een geschiedenis die zich nu wel laat raden. Met de unanieme keuze wilde het toch niet vlotten en was Barts aanstaande nu echt zo studentikoos? Nee!

Anderhalf jaar later was hij Marions man en op de trouwkaart hielden ze J.C. Bloem in ere:

Alles is veel voor wie niet veel verwacht

Het leven houdt zijn wonderen verborgen

Tot het ze opeens toont in hun hoogen staat

Uit die woorden kun je opmaken dat het wonder zich met luid klaroengeschal openbaart. Maar zo is het niet. Het wonder toont zich onverhoeds. Kan opeens langs fietsen, op een terras zitten of naast je in bed liggen.

Het is dus een kwestie van alert zijn, en ook een kwestie van voorzichtig zijn. Maar dat is een ander verhaal.

Meer over