De verdwijning van de verklede wortels

Aan Spel zonder grenzen komt na 35 jaar een einde. De TROS houdt ermee op. De tijd dat de hele familie, gezellig samen, zich voor de buis vermaakte met deelnemers als kippen, kasteeltorens of wortels is voorbij....

'I K hoop dat u de volgende keer weer kijkt', zwaait presentator Ron Boszhard vanuit de hossende menigte. Hij heeft zojuist de finale gepresenteerd van Spel zonder grenzen, en wist bij de opnames blijkbaar nog van niets. Boszhard stond daar in zijn oranje overhemd enthousiast te wezen - niet wetend dat het voor het laatst zou zijn.

Kort voordat de finale op 11 maart werd uitgezonden, liet de TROS weten dat het afgelopen is met de Nederlandse bijdrage aan het spelprogramma. De omroep heeft zich teruggetrokken, omdat de ingewikkelde onderhandelingen tussen alle Europese partijen veel te langzaam gingen. En dus zal er uit ons land geen team meer meedoen.

We zullen onze landgenoten niet meer verkleed als kip, theekopje of wortel door het beeld zien rennen. Van nu af aan kunnen Nederlandse gemeentes als Raalte, Laarbeek en Dronten zich geen plek meer verwerven op de Europese Spel zonder grenzen-kaart. En de vaders en moeders aan het thuisfront hebben weer een programma minder waar ze samen met de kinderen naar konden kijken.

Met het verdwijnen van het spelprogramma komt er een definitief einde aan het tijdperk van de gezelligheids-televisie. Dat einde was twintig jaar geleden al aangekondigd, toen de NCRV in 1977 na dertien jaar ophield met Spel zonder grenzen. Het programma stamt uit 1964, uit de tijd dat het stil werd op straat bij evenementen op de Nederlandse zenders, simpelweg omdat er nog niet zoveel te zappen viel.

Spel zonder grenzen, dat was Marshall McLuhans global village op Europees niveau: de televisie als wereldwijd dorpsplein. Overal op het Europees halfrond hadden families zich rond het elektronische flakkerlicht geschaard, en in de huiskamers werd de gezelligheid weerspiegeld die van het beeldscherm afstraalde. Heel Nederland leefde mee met de bakker en de onderwijzer uit het Drentse dorpje Eén, die in een verre Europese stad verkleed als kasteeltoren een waterglijbaan moesten opklimmen, zodat hun als jonkvrouw uitgedoste vrouwelijke ploeggenoten gewapend met bovenmaatste kartonnen sleutels in hun bovenraampjes konden klauteren. En tussen zijn vurige aanmoedigingen door vertelde presentator Barend Barendse van onder zijn onafscheidelijke geruite pet over de hobby's van de deelnemers en over hun eventuele echtelijke relatie.

De kijkers actief bij de televisie betrekken. Dat was - lang voordat het begrip 'interactiviteit' was geïntroduceerd - de reden dat de NCRV in 1963 met Spel zonder grenzen-achtige programma's begon. Je had Eén tegen allen, waarbij een inwoner van het ene dorp de hele bevolking van een ander dorp opzadelde met een onmogelijke opdracht: zoveel mogelijk pannenlappen breien bijvoorbeeld. Dus zaten er op een dorpsplein in Bolsward tweehonderd vrouwen te breien, waarbij presentator Herman Emmink nog 'Eén recht, één averecht' moet hebben gezongen. Later had je Tweekamp voor twee strijdende scholen, en Zeskamp of het Stedenspel waarin Nederlandse gemeentes tegen elkaar uitkwamen, onder leiding van Judith Bos en Dick Passchier.

Maar Spel zonder grenzen was meer dan gezellig meedoen. Het programma had in de jaren zeventig ook iets baldadigs: al die onzinnige opdrachten, bizarre verkleedpartijen en volkse opstandjes op dat deftige Hilversumse medium. 'Het ging om de onttakeling van iets statigs', zegt programmamaker Dik van Bommel in Bert van der Veers televisiegeschiedenis Is er nog iets leuks vanavond?. Dat gold vooral voor de zogenaamde Sinterklaasrace op de zeephelling, waarbij de kandidaten met afzakkende mijters, scheve baarden en wapperende tabberts door het beeld gleden.

Die baldadigheid had het programma verloren toen de TROS twee jaar geleden besloot om opnieuw in te haken bij het internationale spelcircus. Spel zonder grenzen mist de verrassende brutaliteit van de Tandenborstelshow bijvoorbeeld, en de lekkere kitch van het Songfestival, dat andere prehistorische Eurovisie-programma. Het hielp niks dat de uitzendingen werden opgepept met een snelle montage. Daardoor ging juist het potsierlijkste gedeelte van de show verloren, namelijk de voorbereidingen van de spelletjes en de chaotische inleidende praatjes.

Misschien is het maar goed dat de TROS is afgehaakt. Aan het eind van de jaren negentig is het bijna onmogelijk om de Olympische gedachte van een ontmoeting tussen de volken los te zien van een financiële lobby. Weer een plaatselijke VVV die zich een miljoenencampagne heeft bespaard, wat zou daar tegenover staan - die lelijke gedachte kwam op bij het zien van de toeristische tussendoorfilmpjes over de deelnemende gemeentes. Want ergens tussen de eerste en de laatste uitzending van Spel zonder grenzen heeft de televisie haar onschuld verloren.

Meer over