INTERVIEWEsther Ouwehand

‘De veehouderij is geen voedselproducent maar een voedselverspiller’

Esther Ouwehand: ‘Deze verkiezingen zijn voor iedereen in Nederland de kans van hun leven.’ Beeld Rebecca Fertinel
Esther Ouwehand: ‘Deze verkiezingen zijn voor iedereen in Nederland de kans van hun leven.’Beeld Rebecca Fertinel

Esther Ouwehand, de leider van de Partij voor de Dieren, wil alleen deelnemen aan een kabinet dat ‘een koerswijziging inzet naar een leefbare aarde voor mens en dier’.

Buiten schemert het, maar in de werkkamer van Esther Ouwehand floept elk kwartier vanzelf het licht uit. Dan staat ze op van haar stoel, loopt een paar stappen en wappert vrolijk met haar armen in de richting van de bewegingssensor aan het plafond. Energiebesparing is wel wat klein ongemak waard.

Het is een grijze namiddag in Den Haag. Vanuit haar hoekkamer in het Tweede Kamergebouw kijkt Ouwehand uit op het historische Binnenhof en het Torentje, het machtscentrum van de Nederlandse politiek. Sinds 2006 vertolkt zij daar het geluid van de Partij voor de Dieren: als de mens op deze manier doorgaat, is de aarde ten dode opgeschreven.

Stel dat uw partij op 17 maart 76 zetels haalt, wat gaat premier Ouwehand dan als eerste doen?

Ouwehand: ‘De landbouw grondig hervormen. Het veel makkelijker maken om plantaardig te eten. Dat betekent 75 procent minder dieren fokken in Nederland.’

Wat eten we dan voortaan?

‘Groente. Eiwitten kun je heel goed uit planten halen. Eiwitten moeten we niet verspillen door ze eerst aan dieren te voeren, dat is heel inefficiënt. De veehouderij is geen voedselproducent, maar een voedselverspiller. Met de huidige druk op natuur en klimaat kunnen we het ons niet veroorloven in dat systeem te blijven hangen.’

Waarom dan niet gewoon alle veeteelt verbieden?

‘We zijn een aanjaagpartij. De samenleving moet nog een proces van bewustwording doormaken. We moeten van ver komen. Die bewustwording zal verder groeien, daarvan ben ik overtuigd. Veel mensen, jonge mensen ook, vinden het al volstrekt normaal om vlees en zuivel uit hun menu te schrappen.’

U stelt dat doorgaan op de oude weg slecht is voor de Nederlandse boeren, omdat zij de wereldwijde ratrace naar schaalvergroting op den duur toch zullen verliezen. De meeste boeren zijn het niet met u eens.

‘De afgelopen twintig jaar is er geen dier minder gefokt in Nederland, maar we zijn wel de helft van de boeren kwijtgeraakt. Dat komt doordat boeren dit systeem – steeds weer groter, steeds maar meer – niet volhouden. Toch wordt boeren voortdurend wijsgemaakt dat het wel kan, deze veestapel. Maar het is niet houdbaar. De consequenties van doorgaan op deze weg worden er nooit bij verteld.

‘Voormalig CDA-Kamerlid Ger Koopmans verzon de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS), terwijl alle juristen toen al zeiden: dit kan helemaal niet. Maar het CDA dacht: we geven voor de korte termijn een cadeautje aan de boeren, dan kunnen ze weer even door. Het is niet voor niks dat de Hoge Raad het klimaatbeleid corrigeert en dat de hoogste bestuursrechter het stikstofbeleid kraakt. Ook de commissie van VVD’er Johan Remkes kwam met een klip-en-klare analyse: stikstofuitstoot halveren. Zoveel dieren in zo’n klein land, dat kan gewoon niet.’

U verwijt andere politici geen oog te hebben voor de lange termijn. Maar hun kortetermijnhorizon is het gevolg van de kortetermijnhorizon van hun kiezers. Partijen als VVD en CDA worden electoraal afgestraft als ze doen waarvoor u pleit.

‘Kiezers mogen van politici verwachten dat zij verder vooruit kijken dan vier jaar. Als de andere partijen dat niet doen, moeten wij als partij tegen die stroom oproeien. Wie zich puur laat leiden door electorale overwegingen, is als politiek leider toch geen knip voor de neus waard?’

Stel, u haalt 7 of 8 zetels bij de verkiezingen. U wordt uitgenodigd aan de formatietafel. Tot welke concessies bent u dan bereid?

‘We willen alleen deelnemen aan een groen en progressief kabinet dat een koerswijziging inzet naar een leefbare aarde voor mens en dier. Als aan die voorwaarde wordt voldaan, valt er met ons te praten over het tempo en over welke maatregelen we dan als eerste zouden moeten nemen. Ik ben sowieso voorstander van een hoofdlijnenakkoord in plaats van een dichtgetimmerd regeerakkoord, zodat een groen kabinet naar wisselende meerderheden kan zoeken.’

Esther Ouwehand (44) is opgegroeid in een arbeidersgezin in Katwijk. Haar vader was rood, zegt ze, haar moeder christelijk. ‘Dus ik heb wel van allebei meegekregen dat het in het leven niet draait om je eigenbelangetjes.’ Aardappels, groente en vlees waren de dagelijkse kost. ‘Elke dag vlees was een verworvenheid.’ Ouwehand, die een oudere broer en zus heeft, was de enige in het gezin die zich al van jongs af aan bekommerde om dierenleed en het milieu. De spreekbeurten die zij op school hield gingen altijd over dierproeven en milieuproblemen.

‘Ik werd op mijn zestiende vegetariër, nadat ik in een televisiereportage had gezien hoe koeien naar de slacht werden geleid. Zieke dieren werden de vrachtwagen ingeschopt. Toen viel bij mij het kwartje: dit is dus wat er gebeurt voordat je een stuk vlees op je bord krijgt.’

Wat vonden uw ouders daarvan?

‘Mijn vader zei: dat houd je nooit vol.’ Lachend: ‘Precies de goede motivatie voor een 16-jarige.’

Voor Esther moest voortaan apart worden gekookt?

‘Nee, ik kreeg nog steeds de aardappels en een kwak andijvie, maar zonder het vlees. Met soms de enige vegetarische burger die toen op de markt was: de javaschijf.’ Met een vies gezicht: ‘Die smaakte naar karton.’

Wilde u meteen al uw vrienden bekeren?

‘Dat hoefde niet. Het ging er vanzelf wel over, omdat ik toen nog een van de weinigen was. Ik was actief in het jongerenwerk en ging af en toe met het bestuur uit eten. Mensen maakten altijd opmerkingen als je vegetarisch bestelde, zo van: ‘Planten hebben óók gevoel, hoor.’ Nu is het aanbod groter en breder, elk restaurant heeft vegetarische opties. Vegetarisme is tegenwoordig geen exotische eigenschap meer. Het gezin van mijn zus heeft al jaren een meat-free monday en mijn nichtje is vegetariër. Heel leuk.’

Esther Ouwehand: ‘Ik ga altijd met de trein op vakantie. Dat is duizend keer leuker dan vliegen.’ Beeld Rebecca Fertinel
Esther Ouwehand: ‘Ik ga altijd met de trein op vakantie. Dat is duizend keer leuker dan vliegen.’Beeld Rebecca Fertinel

Zojuist is uw eerste boek verschenen, waarin u de coronacrisis beschrijft als een kantelmoment richting een nieuwe, groenere manier van leven. Denkt u niet dat iedereen straks gewoon weer op vliegvakantie wil naar Spanje en Turkije?

‘Veel mensen hebben nu ervaren dat het prima is om dicht bij huis met vakantie te gaan. De overheid moet die ontwikkeling verder faciliteren. Investeren in snelle treinen bijvoorbeeld. Ik ga altijd met de trein. Dat is duizend keer leuker dan vliegen. Je stapt op de fiets met je tas naar het station, gaat in de trein bij het raam zitten en je vakantie is begonnen. Veel beter dan drie uur op zo’n vliegveld hangen, in zo’n hal met alleen maar parfumerieën en andere zooi die je niet nodig hebt, en dan zo’n stinkvliegtuig in. Geen reet aan!’

Veel mensen vinden shoppen op een vliegveld een attractie. Vliegen is bovendien sneller en veel goedkoper.

‘Daarom moeten de internationale nachttreinen ook terugkomen. Met een Interrailkaart kun je ook als volwassene al relatief goedkoop naar Zuid-Europa reizen. We moeten mensen niet onderschatten, het zijn geen kleuters die niet nadenken. Zie de klimaatprotesten, mensen zijn echt bereid keuzen te maken in het belang van hun kinderen en kleinkinderen. Ik ben daarover heel positief gestemd.’

Sommige mensen ervaren dat als betutteling.

‘Wat wordt ervaren als betutteling?’

Alles wat je moet van de Partij voor de Dieren. En wat je allemaal niet meer mag, straks.

‘Wordt dat zo ervaren of is dat een slim gekozen frame? Ik denk het laatste. De VVD heeft preventiebeleid altijd tegengehouden door te zeggen: dat is betuttelend. Maar preventie gaat niet over betutteling. Preventie gaat over het beteugelen van bedrijven waarvan het verdienmodel gebaseerd is op het creëren van een ongezonde leefomgeving voor mensen. Zij verdienen eraan en de maatschappij mag de kosten betalen. Eenderde van onze zorgkosten is gerelateerd aan een ongezonde leef- en voedselomgeving. We maken ons almaar druk om de stijgende zorgkosten, terwijl we te weinig aan preventie doen.’

Uw programma zou antiliberaal zijn, omdat je mensen hun vrije keuze ontneemt.

‘Nergens in ons programma staat dat wij mensen hun vrije keuze willen ontnemen. Er staan geen verboden in zoals: je mag geen vlees eten of je mag niet vliegen. Maar in een eerlijke democratische samenleving moeten vervuilers betalen voor wat zij veroorzaken. Zij mogen die rekening niet op het bordje van de gemeenschap schuiven.’

U wilt een basisinkomen, een hogere AOW-uitkering, lagere inkomstenbelasting, geen btw op groente en fruit. Voor krimp van de veestapel zult u boeren moeten compenseren. Waar haalt u al dat geld vandaan?

‘Vervuiling en het gebruik van grondstoffen gaan we zwaar belasten. Natuurlijk kosten herziening van de landbouw en verbetering van het klimaat en de biodiversiteit geld, maar hoe langer je wacht, hoe duurder het wordt. Daarom vinden we het niet erg om in eerste instantie de staatsschuld op te laten lopen.’

CV Esther Ouwehand

Persoonlijk: Geboren op 10 juni 1976 in Katwijk, woont nu in Leiden, alleenstaand

Opleiding: vwo, daarna studie beleid, communicatie & organisatie (VU Amsterdam, niet afgerond)

Eerste baan: Junior marketingmanager jongerentijdschriften, Sanoma Uitgevers

2004 - 2006: coördinator partijbureau Partij voor de Dieren

2006 - heden: Tweede Kamerlid, sinds september 2019 fractievoorzitter en partijleider

U laat ook dit keer uw programma niet doorrekenen?

‘Nee, omdat ons programma niet past in de modellen waarmee het Centraal Planbureau en het Planbureau voor de Leefomgeving werken. Wij denken planeet-breed. Onze klimaatmaatregelen hebben ook zin in Brazilië. De ontbossing daar wordt niet aan Nederland toegerekend, maar die veroorzaken wij wel. Net als de bomenkap in Estland en Letland.’

Is de partijnaam geen hinderpaal voor electoraal succes? De meeste mensen vinden mensen toch echt belangrijker dan dieren. ‘Partij voor de Dieren’ klinkt als een partij voor excentrieke kattenvrouwtjes.

‘Dat horen we wel vaker, ja. Maar wij zijn de enige partij die niet het menscentrale denken als uitgangspunt neemt, maar ecocentraal denkt. Daar is echt een radicale omslag voor nodig. Journalist Rob Wijnberg schreef ooit: als ik het programma van de Partij voor de Dieren lees, ben ik het met alle standpunten eens, maar die naam? Dus hij zei eigenlijk: ik ga niet stemmen op de partij waarmee ik het helemaal eens ben, want de naam bevalt me niet. Later is hij alsnog op ons gaan stemmen. Wij vragen misschien iets meer van kiezers, maar als je eenmaal door die smalle voordeur van de naam Partij voor de Dieren bent, krijg je er prachtige plannen gratis bij.’

Waarom zou je de voordeur smal willen maken?

‘Omdat we een voorhoede zijn die echt een fundamentele verandering wil. Onze naam maakt dat meteen duidelijk. De mens zal op aarde een iets bescheidener positie moeten innemen en daar prikkelt de naam Partij voor de Dieren denk ik enorm toe.’

Ondertussen begint de tijd te dringen. U bent al vijftien jaar bezig.

‘De geschiedenis laat zien dat grote veranderingen meestal een lange aanloop hebben, maar dat het daarna ineens snel kan gaan. Het is waar dat de oude denkpatronen en oude lobbymacht nog steeds aanwezig zijn. Op het moment dat verandering voor de deur staat, zie je altijd dat de gevestigde belangen er ál-les aan doen om hun positie te behouden. Maar het ongemak groeit en uiteindelijk zal de boel kantelen. Het kan trouwens ook de verkeerde kant op kantelen, als we niet de juiste keuzen maken. Ik zal er alles aan doen om dat niet te laten gebeuren.’

De wetenschap zegt: we hebben nog maximaal tien jaar om het tij rond klimaatverandering te keren.

‘Daarom zijn deze verkiezingen voor iedereen in Nederland de kans van hun leven. De urgentie staat voor de deur, de kanteling voltrekt zich en we kunnen er nu samen alles aan doen om ervoor te zorgen dat de juiste keuzen wél worden gemaakt.’

5 Hoofdpunten verkiezingsprogramma

- Nederlandse veestapel inkrimpen met 75 procent

- Lagere belasting op arbeid, hoge CO2-heffing industrie en progressieve vliegbelasting

- Binnensteden zo veel mogelijk autovrij, invoering progressieve kilometerheffing

- Overheid ontmoedigt vleesconsumptie, bevordert plantaardig voedsel

- Marktwerking in de zorg wordt teruggedraaid; het ziekenfonds keert terug

Lees ook:

Het verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren omvat de hele planeet. U lees er hier meer over.

In haar eerste boek ziet Esther Ouwehand de coronacrisis als kantelmoment. Hier leest u meer.

Meer over