De uitzondering verzwakt de regel

'Het leven heeft maar één zin: gelukkig te zijn', vond Henry de Montherlant. 'Als leven niet synoniem is met geluk, kan men net zo goed niet leven.'..

Paul Depondt

Het is een van de vele raadgevingen over 'de zin van het leven' in Theo Kars' Praktisch verstand - Klein handboek voor non-conformisten, waarin de schrijver ons 'stof tot nadenken' levert. De titel van zijn boek is ontleend aan de Griekse wijsgeer Epicurus, die - schrijft Kars - 'praktisch verstand als het hoogste goed beschouwde'.

Vanaf zijn dertiende, zegt Kars, 'heb ik mij in schrijvers verdiept wier werk mij kennis en inzichten bood die mij in staat stelden de school van het leven sneller te doorlopen'. Veel van die schrijvers werden voor hem leermeesters. Hij vertaalde hun werk en schreef essays over hun leven en hun oeuvre: over Casanova, over Anatole France, over Honoré de Balzac. Het zijn Kars' raadgevers uit de wereldliteratuur.

Misschien was de Spaanse jezuïet Baltasar Gracián zijn grootste leermeester. Zijn Handorakel en kunst van de voorzichtigheid, dat Kars vertaalde, heeft hem geleerd waarom hij zijn neiging moet bedwingen tegen de stroom in te gaan. 'Liever met allen dwaas dan alleen wijs zijn, zo redeneren politici', schrijft Gracián. 'Als iedereen gek is, steekt men immers tegen niemand af, terwijl wijsheid die alleen staat, voor dwaasheid wordt gehouden: zo belangrijk is het de stroom te volgen.'

Kars zegt vrijwel geheel door boeken te zijn opgevoed. Hij leest 'om wijzer te worden'. Al lezend heeft hij praktische, direct toepasbare kennis gesprokkeld. Toen hij zestig werd, besloot hij een boek te schrijven dat de som van zijn lees- en levenservaring zou bevatten, 'het vademecum waarover ik op dertienjarige leeftijd zo graag had beschikt'. Praktisch verstand is het resultaat daarvan.

Gracián werd 'de Machiavelli van de menselijke betrekkingen' genoemd, vanwege zijn amorele, cynische en volstrekt opportunistische raadgevingen. Bij Kars tref je ook zulke ideeën aan. Hij schrijft over geld, zelfmoord, liegen, 'verstandig egoïsme', wraak, aanzien, enzovoort. Hij citeert en parafraseert zijn leermeesters. 'Het gaat er niet zozeer om veel boeken te lezen', heeft hij van Paul Léautaud geleerd, 'als wel een beperkt aantal boeken vaak te herlezen'. Je moet ook geen alom geroemde modieuze boeken lezen. Dat is 'in de regel pure tijdsverspilling'.

De beste moraal, zegt hij Chamfort na: 'Geniet en bewerk dat anderen genieten, zonder jezelf of hen te schaden, dat is volgens mij de kern van de moraal.' Zo bezien, besluit Kars, 'is het bedrijven van de liefde zowel het plezierigste als het beste wat een mens kan doen'.

Kars schrijft de ene na de andere wijsheid op. Een uitzondering, zegt hij, bevestigt niet de regel, zoals het gezegde luidt, maar verzwakt hem juist. Als de lamp is gedoofd, luidt het door Casanova herhaaldelijk geciteerd aforisme van Erasmus, zijn alle vrouwen gelijk. Het is uitermate dwaas als enige wijs te willen zijn. Wie verstandig is, handelt onaangename zaken het eerst af.

Kars' handorakel beschermt de lezer tegen de kwade bedoelingen en de domheid van de anderen. Het is een klein college in de 'kunst van de voorzichtigheid'.

Meer over