De terugkeer van rumoer over de borst

Een lezeres heeft deze week een klacht ingediend vanwege het artikel Comeback van de borst dat op 2 november jongstleden verscheen in het Volkskrant magazine....

De lezeres was zelf voor het artikel geïnterviewd. In 2001 had zij freelance journaliste Hettie Graafland haar ervaringen als 'langvoedster' verteld. Ze vertrouwde de journaliste, 'omdat zij de positieve kanten van het borstvoeden wilde beschrijven'. Op 20 oktober 2002 vernam de vrouw dat de Volkskrant het zou plaatsen.

Op 2 november schrok ze. Zij vond in het Volkskrant magazine niets terug van de 'positieve kanten van het borstvoeden'. Ze voelde zich misleid. De journaliste had overigens - vlak voor het verhaal verscheen - wel gemeld dat het weliswaar geen positief, maar een 'neutraal' artikel was geworden.

Evenwel, de journaliste zou haar ook beloofd hebben dat zij het artikel vóór de publicatie ervan te lezen zou krijgen. Maar op een erg laat tijdstip waren de klaagster slechts haar eigen citaten gestuurd. Volgens de vrouw had zij voorts alleen genoemd willen worden, als dat ook bij andere geïnterviewden gebeurde. Anders wenste ze liever onder pseudoniem te figureren. Ook dat werd niet nagekomen, hoewel volgens de klaagster zeker bij één andere deelneemster wel een pseudoniem was gebruikt.

Een paar dagen voor het artikel verscheen mailde Graafland de vrouw dat zij zich distantieerde van woorden als 'borstvoedings-believers' en 'moedermelkmafia' die de eindredactie had ingevoegd. De klaagster verwijt de journaliste én de redactie nu dat die zich hadden moeten realiseren dat zij en haar kinderen erop aangekeken kunnen worden nu zij met naam en toenaam genoemd worden in een artikel dat 'ons bestempelt als deel van een 'doorgeslagen cultus', 'moedermelkmafia' en 'bv-believers'.

Waarom is er zoveel misgegaan met dat verhaal? 'Wij nemen het ons achteraf kwalijk dat we dit artikel hebben genomen', zeggen Barbara van Beukering en eindredacteur Altan Erdogan. 'Het verhaal was niet goed. Het leek eerder op een folder. Het belichtte alleen de positieve kanten.' Toch werd het artikel niet geweigerd. De magazineredactie: 'Wij vonden het onderwerp namelijk wel interessant.' Een tweede proeve voldeed vervolgens evenmin. 'Het is nog steeds het verhaal van de gelovige', mailde de redactie haar. Het magazine wilde de 'signalering van een maatschappelijke trend waarin sprake is van een zogenaamde moedermelkmafia'. Met het invoegen woorden als 'moedermelkmafia' en 'bv-believers' werd beoogd om het verhaal meer evenwicht te geven. Maar als het zo'n gevoelige materie en groepen mensen betreft, verstoren zulke woorden, vrees ik, eerder de beoogde balans.

De slotversie werd vervolgens weer aan de auteur voorgelegd. De magazineredactie wist niets van beloften van de auteur aan de geïnterviewden over het vooraf lezen van het artikel. Het is een journalistieke norm om zo'n belofte na te komen. De bedoeling is dat feitelijke onjuistheden kunnen worden gecorrigeerd, níet de strekking van een verhaal.

Vaker wordt ermee volstaan dat iemand slechts die passages krijgt te lezen, waarin hij/zij geciteerd wordt. Maar het lijkt mij correcter dat iemand ook de context te lezen krijgt. De klaagster werkte juist mee, omdat haar een positief artikel beloofd was. Bovendien had zij privacy-eisen gesteld. Daarom had zij tijdig inzage moeten krijgen in het hele artikel.

Graafland ontkent dat zij beloofd heeft het artikel vooraf te laten lezen. En over de privacy-afspraak: 'Anderen figureren met hun meisjesnaam en niet onder pseudoniem.' Op 24 oktober had zij bij de eindredactie bezwaar gemaakt tegen de omstreden woorden die toegevoegd waren en was - in tegenstelling tot het oordeel van de eindredactie - ervan uitgegaan 'dat zij geschrapt zouden worden'. Zij staat, de omstreden termen daargelaten, achter haar verhaal.

Ariejan Korteweg, de verantwoordelijke adjunct-hoofdredacteur van het magazine, oordeelt over deze kwestie: 'Journalisten moeten serieus rekening houden met mensen die geen enkele ervaring hebben met de media.' Dit hele verhaal bewijst dat dit bewustzijn nog altijd geen tweede natuur van journalisten is.

Meer over