De Stille Oceaan omspoelt bij Azie roerige kusten

Het plotseling opgelaaide conflict tussen Japan en Zuid-Korea over twee op het oog onbetekenende rotspunten maakt nog eens duidelijk dat het in de wereld wemelt van de territoriale geschillen....

1. Spratlys vormen 'hot spot' in Stille Oceaan

Het gevaarlijkste geschilpunt in de Stille Oceaan is misschien wel de Spratly-archipel. Eigenlijk is het niet meer dan een verzameling riffen, atollen en zandbanken in de Zuidchinese Zee; het grootste eiland meet slechts 36 hectare. Toch zijn er maar liefst vijf landen die de Spratlys geheel of gedeeltelijk opeisen: China, Taiwan, Vietnam, de Filipijnen en Maleisië. In de jaren zeventig is er namelijk enige olie gevonden, en de omringende landen hopen dat er onder de oceaanbodem bij de Spratlys een schat aan olie en gas zal blijken te liggen. Bovendien liggen de eilandjes midden in de zeeroute tussen Japan en Singapore.

China (en dus ook Taiwan) beweert dat de Spratlys zijn ontdekt door Chinezen en dat ze al sinds de vijftiende eeuw onder Chinees bestuur staan. Vietnam daarentegen meent dat de Spratlys van niemand waren totdat ze begin vorige eeuw deel gingen uitmaken van het Annamese Rijk (Noord-Vietnam). De Filipijnen zeggen dat de Spratlys nu eenmaal het dichtst bij de Filipijnse archipel liggen. En volgens Maleisië liggen de zuidelijkste Spratly-eilanden op zijn continentaal plat.

Al vanaf 1956 (toen de Filipijnen zich er voor het eerst vertoonden) wordt er af en toe geschoten op de Spratlys. In 1988 kwam het tot een ware zeeslag, toen China twee Vietnamese schepen tot zinken bracht (70 doden). Vorig jaar zijn de spanningen opnieuw opgelopen, toen Filipijnse vissers een Chinese militaire waarnemingspost ontdekten op een rif dat de Filipijnen als het hunne beschouwen.

2. Tussen Rusland en China ligt nog 'n oude koe

Ook volkenrechtelijk gezien een oude koe - maar wel een gróte koe: zeker 1,5 miljoen km2 besloeg het gebied dat Peking in 1963 opeens aanwees als rechtmatig Chinees eigendom. Kolossale stukken grond ten noorden en oosten van Mantsjoerije zouden in het midden van de vorige eeuw door de tsaar aan China zijn ontfutseld. Middels verdragen uit 1858 en 1860 kreeg Rusland de gebieden, met onder meer Wladiwostok, in handen.

Sun Yat-sen riep in 1911 op tot het verscheuren van deze en andere 'ongelijke verdragen' . De verdragen zouden onder dwang zijn afgesloten.

Pas toen de betrekkingen tussen Mao en Chroesjtsjov verkilden, werd de kwestie onder het stof vandaan gehaald. Moskou achtte dit historische kolder. Voor hetzelfde geld, schreef de Pravda, bewijzen we dat China's noordgrens langs de Chinese muur loopt. In maart 1969 bereikte het conflict een climax, toen zware gevechten plaatsvonden rond het eilandje Chenpao (Russisch: Damansky) in de Ussuri-rivier.

Het territoriaal geschil beweegt zich namelijk op twee niveaus. Naast de kwestie van de 'ongelijke verdragen' is er onenigheid over de precieze afbakening van de feitelijke grens langs de rivieren Amur en Ussuri.

Volgens Moskou is op een kaart uit 1861 te zien dat de grens grotendeels de Chinese oever volgt. China gaat uit van het gebruikelijke Thalweg-principe: het midden van de vaarroute. Zo gezien vallen zeker zeshonderd eilandjes aan China toe.

In de vruchteloze onderhandelingen heeft China vaak laten doorschemeren de anderhalf miljoen vierkante kilometer helemaal niet echt terug te willen. Wel moet Moskou formeel toegeven dat de verdragen uit 1858-'60 'ongelijk' waren. Op grond van een nieuw grensverdrag zouden dan de grensdetails in de rivieren opgelost kunnen worden. Maar Rusland is bang voor de ongewisse gevolgen die zo'n erkenning kan hebben.

3. IJsvrije havens zijn pluspunt van Koerillen

Zelfs over de naam van het conflict zijn ze het al niet eens. Wat bekendstaat als de Koerillen-kwestie heeft volgens Japan helemaal niets met de Koerillen te maken. De eilanden Etorofu, Kunashiri, Shikotan en de Habomais-groep (ten noordoosten van het Japanse eiland Hokkaido) behoren in de ogen van Japan niet tot de Koerillen, de volgens Japanse telling achttien eilanden die zich uitstrekken onder het schiereiland Kamtsjatka.

Moskou beroept zich op afspraken die tijdens en na de Tweede Wereldoorlog door de geallieerden werden gemaakt. Die houden in dat 'de Koerillen' aan de Sovjet-Unie toevielen. Ook zou Japan de gebieden kwijtraken die het vanaf 1904 door agressie had verkregen.

Japan baseert zijn claim mede op historische en geografische gronden. De Russen, zegt Japan, hadden in het betwiste gebied nooit enige invloed, tot zij de eilanden in de laatste dagen van WOII bezetten. Aan de afspraken van Jalta voelt Japan zich niet gebonden, en aan het vredesverdrag van 1951 kunnen de Russen geen rechten ontlenen, meent Japan: de Sovjets tekenden niet. Tot op vandaag is de vrede tussen Japan en de Sovjet-Unie niet bij verdrag getekend.

Dat de eilanden niet bij de Koerillen horen werd ooit voor de helft impliciet door Moskou bevestigd. In een in 1956 door beide landen opgestelde ontwerp-tekst vielen Shikotan en de Habomais-groep toe aan Japan. Tokyo weigerde echter in ruil af te zien van Kunashiri en Etorofu.

De eilanden hebben met hun ijsvrije havens grote strategische betekenis. De omringende zeeën zitten vol vis. De verwachting dat onder Gorbatsjov c.q. Jeltsin een regeling mogelijk zou zijn, is tot nu niet bewaarheid.

4. Tok-do binnen 200 mijl van Japan en Korea

Het geschil over de twee piepkleine Tok-do/Takeshima eilandjes kwam begin deze maand opeens aan de oppervlakte. Zuid-Korea had lucht gekregen van Japanse plannen om de exclusieve economische zone in lijn met het VN-zeerechtverdrag uit te breiden tot 200 mijl. Seoul besloot vlug de betonnen aanlegpier op te knappen.

Japan liet weten dat Takeshima sinds 1905 Japans grondgebied is en dat ook zal blijven. Dit was genoeg om in Zuid-Korea een golf van verontwaardiging los te maken. In meer dan twintig steden gingen demonstranten de straat op. Veteranen dreigden met een boycot van Japanse produkten.

De kwestie Tok-do is een van de meest gevoelige punten in de Japans-Koreaanse betrekkingen, die toch al rijk zijn aan probleemstof. Tokyo nam na zijn historische overwinning in de oorlog tegen Rusland in 1905 en passant Tok-do in bezit. Het bleek de prelude tot de wrede Japanse bezetting van Korea (1910-'45). Korea zegt dat Tok-do sinds 512 deel uitmaakt van zijn grondgebied. In 1954 nam Seoul de eilandjes, die bij elkaar minder dan een vierkante kilometer meten, in bezit.

Japan reageerde niet. Maar het vergat Takeshima niet. Hoewel de gemoederen in Japan minder hoog opliepen, kan premier Hashimoto moeilijk terug. Zijn populariteit dankt hij aan het robuust opkomen voor Japanse belangen.

President Kim Young-sam, die een nederlaag dreigt te leiden bij de in april te houden parlementsverkiezingen, schroomt evenmin om de nationalistische kaart te spelen. Zijn emotionele telefoongesprek met de politie op Tok-do kwam uitvoerig op de televisie. De vloot en de luchtmacht hebben twee weken geleden al een reeks oefeningen gehouden in en boven de Japanse zee, die in Korea Oostzee heet.

Beide landen hebben intussen 200-mijlszones afgekondigd, inclusief de twee rotsblokken die precies in het midden liggen. De weg naar de conferentietafel is nog niet geheel afgesloten, maar concessies zullen moeilijk worden.

5. Over Senkaku zijn Taiwan en China het eens

Een van de slordigheidjes in de verdragen na afloop van de Tweede Wereldoorlog is de kwestie Senkaku/Diaoyudai, een groep minuscule eilandjes tweehonderd kilometer ten noorden van Taiwan. De kwestie is een van de weinige punten waarover Taiwan en China het hartgrondig eens zijn: de eilandjes zijn Chinees en niet Japans.

Japan denkt daar anders over. De Senkaku-eilanden, alles bij elkaar vijftien vierkante kilometer rots, werden in de oorlog tegen China in 1895 veroverd, samen met Taiwan. Na de Tweede Wereldoorlog moest Japan van de zegevierende Geallieerden Taiwan teruggeven aan China. Maar Senkaku kwam samen met de Ryukyu-archipel (waartoe ook Okinawa behoort) onder Amerikaans militair gezag.

In 1972 liep dat bestuur af. Dat de Ryukyu-archipel naar Japan zou gaan was onbetwist. Maar voor de 350 kilometer westelijker gelegen Senkaku-groep bleek geen regeling getroffen. Dus brak er gekrakeel uit. Japan stelde zich weinig soepel op, omdat er rijke visgronden waren en een vermoeden van olie in de zeebodem.

Japan bleef controle uitoefenen over de vijf eilandjes. Rechtsgeleerden konden het niet eens worden over de vraag wie de meeste kans maakte voor het Internationale Gerechtshof in Den Haag.

Een eerste oprisping kwam in 1978, toen meer dan honderd Chinese vissersboten de wateren rond Diaoyudai (letterlijk visserij-eilanden) binnenvoeren. Deng Xiaoping, China's sterke man, vertelde Japan dat dit zonder zijn medeweten was gebeurd en stelde voor de kwestie dertig jaar te bevriezen.

Dat lukte tot 1990. Een extreem rechtse Japanse groep wilde toen een vuurtoren bouwen op het grootste eiland. De buurlanden waren al ongerust over de discussie om Japanse troepen naar de Golfoorlog te sturen, zodat de reactie in Taiwan erg heftig was. Twee vissersboten met de burgemeester van Kaohsiung (de grootste havenstad van Taiwan) en atleten aan boord wilden de vlag van Taiwan planten, maar de Japanse marine verhinderde dat.

6. Taipeis grootste provincie heet Mongolië

Een merkwaardig territoriaal geschil betreft Mongolië. Dat grote centraal-Aziatische land wordt nog altijd geclaimd door het eilandstaatje Taiwan.

Mongolië maakte zich in de eerste decennia van deze eeuw los van China. De nieuwe staat werd in 1946 officieel door de regering in Peking erkend in een verdrag met de Sovjet-Unie. Maar de regering van Taiwan, die zichzelf beschouwt als de wettige regering van geheel China, heeft dat verdrag in 1953 opgezegd.

Nog op 28 januari 1987 herhaalde de regering in Taipei in een officiële verklaring dat ze 'Buiten-Mongolië' beschouwt als een Chinese provincie.

7. Olieboring lokt confrontatie uit bij Paracel

De Paracel-eilanden bestaan uit ongeveer 130 verlaten kale eilandjes, geen van alle groter dan 1,6 km2. Peking beweert dat de Chinese keizer al in de elfde eeuw zijn rechtsmacht over het gebied uitoefende. Een Chinese vloot hees er in 1909 de vlag. De eilanden zouden sindsdien hebben behoord tot het Hainan-district.

Van zijn kant voert Vietnam kaarten en documenten uit de zeventiende eeuw en later aan om te bewijzen dat de Vietnamese vorsten sindsdien de soevereiniteit bezaten.

Na de Japanse bezetting had zowel China als Vietnam effectieve controle over (wisselende) delen van de eilandengroep. De Noordvietnamese regering liet min of meer blijken de Chinese claim te onderschrijven, maar het toenmalige Zuid-Vietnam kondigde in 1974 olieboringen in het gebied aan. Dit lokte een confrontatie uit met de Chinese marine; Chinese militairen bezetten drie eilandjes.

Het onveranderde beeld sindsdien: incidentele onderhandelingen, incidentele schermutselingen.

8. De omstreden meridiaan van Tonkin

De Golf van Tonkin is vooral bekend vanwege het 'Tonkin-incident' uit 1964, dat door de Amerikaanse regering werd aangegrepen als excuus voor de Vietnam-oorlog. Dat incident (de vermeende Noordvietnamese aanval op een Amerikaanse torpedobootjager) had echter niets te maken met de territoriale claims die Vietnam en China op deze golf hebben gelegd.

Volgens een Frans-Chinese conventie uit 1887 behoren alle eilanden oostelijker dan 105 graden 43 minuten van de meridiaan van Parijs bij China, de westelijker eilanden zijn van de toenmalige Franse kolonie Vietnam. Vietnam beschouwt de meridiaan als een grens die door de hele Golf van Tonkin loopt, maar China meent dat de conventie alleen slaat op het bezit van de eilandjes. Dat geschil werd in de jaren zeventig actueel, toen beide landen er naar olie wilden gaan boren. Hun pogingen de kwestie in goed overleg op te lossen hebben niets opgeleverd.

9. Koloniale grens verdeelt China en Vietnam

Over de gehele 1200 kilometer lange grens trok een grote Chinese troepenmacht op 17 februari 1979 Vietnam binnen. Al vele malen eerder waren er de voorgaande vijf jaar schermutselingen geweest, maar ditmaal ging het om een regelrechte invasie. Vietnam verweerde zich fel. Een maand later trokken de Chinezen zich terug.

De territoriale geschillen waren jarenlang sluimerend gebleven. Noord-Vietnam kon zich in de oorlog tegen de Amerikanen geen conflict met China veroorloven.

Het dispuut gaat terug tot 1887, toen kolonisator Frankrijk een grensverdrag sloot met het grote buurland. De Fransen, zei Vietnam later, gaven royaal Vietnamees territorium weg. Op veel punten werd de markering niet duidelijk vastgesteld. De bevolking in het gebied trok vrijelijk heen en weer.

Bovendien zou China in de eerste helft van deze eeuw tientallen stukken grond in bezit hebben genomen. Nog in 1955, aldus Vietnam, verplaatsten de Chinezen de grenspalen 300 meter zuidwaarts.

Gesprekken vonden voor het eerst plaats in 1977. Het klimaat verslechterde doordat Vietnam hechter in het Sovjet-blok werd opgenomen. Na de korte oorlog van februari 1979 vonden opnieuw enkele gespreksrondes plaats.

Sindsdien is het grensgebied met enige regelmaat het toneel van botsingen. De grootste was in januari 1987; 1500 Chinezen vonden daarbij de dood, meldt Vietnam.

10. Manilla laat claim op Sabah nog niet vallen

Het eiland Borneo werd in de jaren zestig inzet van ruzies tussen de Maleisische Federatie in oprichting, Indonesië en de Filipijnen. Als voormalige Britse kolonie maakte Maleisië aanspraak op de voormalige Britse gebieden in het noorden van Borneo: Sarawak en Sabah. Soekarno stuurde Indonesische guerrillastrijders naar Sarawak. Maar die gewapende Konfrontasi werd geen succes en toen Soekarno eenmaal van het toneel was verdreven, herstelde Indonesië de lieve vrede met Maleisië.

Hoewel de Filipijnen nooit naar de wapens grepen om hun aanspraken op Sabah kracht bij te zetten (of misschien juist wel daardoor) is hun geschil met Maleisië nog altijd niet opgelost. De Filipijnse claim berust op verdragen die het koloniale moederland Spanje halverwege de vorige eeuw sloot met de sultan van Sulu - verdragen die overigens in 1885 weer door Spanje werden ontkracht.

Toen Maleisië bezig was met zijn nation building, droomden de Filipijnen juist van een onafhankelijk Groot-Maleisië, bestaande uit het vasteland van Maleisië, Singapore, de Filipijnen, Noord-Borneo en Brunei. De ruzie met Maleisië liep zo hoog op, dat de diplomatieke betrekkingen drie jaar lang verbroken bleven. Nog tot eind jaren tachtig heeft Sabah regelmatig aanleiding gegeven tot ongenoegen tussen beide landen.

11. Onafhankelijk is Oost-Timor zeker niet

Met een reeks bezettingen van buitenlandse ambassades in Jakarta (waaronder die van Nederland) proberen jonge activisten de laatste tijd Oost-Timor onder de aandacht te brengen. Is Oost-Timor de 27ste provincie van Indonesië ? Of is het een van de laatste stukjes van het vergane Portugese koloniale rijk? In elk geval is het niet onafhankelijk, zoals de activisten graag zouden willen.

Als Oost-Timor Indonesisch is, dan is het de enige provincie van dit grote islamitische rijk die overwegend katholiek is. De Portugese priesters wisten slechts 40 procent van de bevolking te bekeren - maar de de Indonesiërs deden de rest: uit protest tegen hun gewelddadige nieuwe heersers werden de meeste Oosttimorezen alsnog katholiek.

Dat was in de tweede helft van de jaren zeventig; in Portugal hadden linkse officieren in 1974 de rechtse dictatuur omvergeworpen om een einde te kunnen maken aan de langdurige en zeer bloedige koloniale oorlogen van Portugal in Afrika. Ook Oost-Timor zou worden gedekoloniseerd en de bevolking zou zelf mogen kiezen of ze bij Portugal wilde blijven, zelfstandig wilde worden of bij Indonesië komen (het vroeger Nederlandse West-Timor had immers van aanvang af al deel uitgemaakt van de Indonesische Republiek).

Er werden politieke partijen opgericht die zich sterk maakten voor de verschillende opties. Het snelst groeide Fretilin, dat zijn streven naar onafhankelijkheid een sterk anti-Indonesische en (volgens het Westen) communistische lading gaf. Toen Fretilin in een burgeroorlog de overhand leek te krijgen en op 28 november 1975 maar vast de onafhankelijkheid uitriep, bezetten Indonesische troepen de Oosttimorese hoofdstad Dili.

Wat Indonesië betreft is Portugals rol sinds die 28ste november uitgespeeld. Portugal vindt de inlijving van Oost-Timor bij Indonesië illegaal, en het wordt daarin gesteund door de Europese Unie en de meeste lidstaten van de Verenigde Naties.

12. Postzegeloorlog om Matthew- en Hunter-eiland

Umaenupnae en Umaeneag: dat waren de nieuwe namen die de regering van het eilandenstaatje Vanuatu in 1982 gaf aan Matthew-eiland en Hunter-eiland. Het toen net twee jaar onafhankelijke Vanuatu onderstreepte daarmee zijn standpunt in het geschil met Frankrijk, de oude koloniale macht. De Fransen menen dat de eilandjes onderdeel zijn van Frans Nieuw-Caledonië, een claim die zij voor het eerst openbaarden in 1975 door op Matthew-eiland een plaquette te plaatsen.

De vulkanische eilandjes zijn onbewoond. Begroeiing komt alleen voor op Hunter, waar hier en daar graspollen en boompjes zijn aan te treffen. De eilanden ontlenen hun belang uitsluitend aan de 200-mijlszone.

Beide partijen deelden sinds 1982 plaagstootjes uit. Vanuatu verving in 1983 de Franse plaquette door een eigen symbool, en gaf postzegels uit waarop Umaenupnae en Umaeneag werden afgebeeld zijnde Vanuatuaans. De Fransen postten twee jaar later een militair garnizoen op Matthew. De irritaties liepen zo hoog op dat Vanuatu de Franse ambassadeur en twee diplomaten uitwees; Parijs repliceerde door de ontwikkelingshulp te verlagen.

Vanaf 1988 kwam een proces van verzoening op gang. Het territoriaal geschil blijft onopgelost.

Meer over